Grote Vakantie, mensen. De Echtgenoot moest zo nog een weekje werken, maar Zoon1+2 waren vorige week reeds vrij en ik dacht zo maar eens wat te gaan doen met de jongens.
Nu wilde het fijne geval, dat Vriendin2 met hare gezin, naar Drenthe vertrok.
'Anders kom je even langs, een paar dagen' zei het kind, onschuldig en onwetend.
Uitstekend idee, leek mij dat.
Dus ik vroeg de Echtgenoot om zo eens wat tassen en slaapzakken en matjes bij elkaar te scharrelen en of hij dat misschien ook allemaal deugdelijk wilde oprollen en aanbinden en dingesen, en ik pakte onderwijl de koffertjes van de jongens in.
Deed dat allemaal reuze efficiënt, vond ik zelf. Toen ik even niet keek, bleek dat Zoon2 zijn koffertje vol had gepropt met plastic olifanten, grote boeken en de verrekijker die we al twee jaar kwijt waren.
Voor mezelf pakte ik 1 klein plastic tasje vol met wat outfits, mijn make up, wat toiletspullen en ondergoed, en was zeer in nopjes met mezelf. In vroeger tijden pakte ik voor een weekje Spanje een koffer vol met 23 kilo, nu kan ik kennelijk drie dagen vooruit met een klein tasje. Wijsheid met jaren en alles.
Maandagochtend deden wij relaxed aan. Echtgenoot naar werk, jongens aan het ontbijt en ik koffie, sigaretjes op balkon en broodjes smerend en de ov-App checkend, inzake de Grote Reis.
Om tien uur des morgens verlieten wij Huis en Hond1 en kuierden zo kalmpjes richting het station van Het Dorp. Ik zag eruiiiiit. Met zo'n enorme reis-rugzak van Echtgenoot, van de tijd dat er nog wel eens door Thailand werd getrokken en zo, met daaraan van die rolletjes matjes en slaapzakken. Kampeerderig jonge, werkelijk. De Zonen sleepten hun rolkoffertjes over de Bloemendaalsche straten en wij baarden wat opzien omdat ik heel hard zong van: 'De paaahaahaaden op, de laaahahahaaanen iiiin....' Tot ergernis van Zoon1.
En dat ging allemaal soepel zeg. Trein in, uit, in, uit en hatsa, waren wij zonder enige toestand zomaar in het verre Assen, alwaar Vriendin2 ons met de automobiel ophaalde. Wij reden naar de camping, ontmoetten hare Echtgenoot en Zoon1+2 en Dochter1 en ik vlijde mij in het gras, de jongens togen naar het zwembad en alles was zaligheid alom.
Voelde me ervaren reiziger, happy camper, brave moeder en leuke vriendin bovendien. Had ik zomaar even een tripje geregeld he, met de jongens, voor de jongens, en alles was zonder gedoe gebeurd. Ik zeg u, dat is niet vaak in mijn leev'n. Zeker niet als ik zonder Zuske reis; die behoedt mij doorgaans voor ongelukken en misstanden. En anders Echtgenoot wel.
Verder was het genoeglijk alom. Een tenenkrommende voorstelling van de 'animatie' mensen voor de kinders. Een akelige buurvrouw-mede-vakantieganger om uit te lachen, wijn om te drinken, en mijn lieve Vriendin2 en Echtgenoot om mee te kletsen. De jongens sliepen op hun matjes in een hutje, waarbij ik mijn moederhart voelde kraken, bij de aanblik van die twee in hun slaapzakjes, naast elkaar. Zelf liet ik me des nachts op de slaapbank in het kampeerhuisje vallen, sliep als een dooie tot 06.00 uur en was waarlijk verkwikt.
Maar toen ging het regenen en alles he.
Bleek ik geen jassen mee te hebben. Of laarzen. Of lange broeken. Laat staan iets waterdichts.
So far mijn efficiënte inpakmethode.
'NIKS AAN DE HAND' deed ik luchtig. En maakte heel erg vieze cappuccino, zo bleek. Zei namelijk Buurman1, de echtgenoot van Vriendin2. Waarop hij voor mij een heel lekkere maakte. Zo doe je dat.
Dochter1 werd ziek. Zonen2 werden zeer boevig. Zonen1 waren respectievelijk verveeld en ook soort van verveeld, en wij besloten tot een uitstapje naar het Gevangenismuseum.
Wij reden naar Veenhuizen, een dorp in Drenthe. Toen we er doorheen reden, zeiden Vriendin2 en ik al tegen elkander; 'wat een gek sfeertje hangt hier' en dat bleek ook wel te kloppen.
Het is Een Gevangenis Dorp.
Zo. Steekt u nog wat op ook.
Allemaal boeven, onverlaten, slechteriken, schurken en snoodaards. Resideren daar.
De huizen hebben illustere en stichtelijke namen. 'Orde en Tucht'. Dat soort gezelligheid.
Voelde me niet heel erg thuis.
Maar het was echt oprecht interessant. We deden de rondleiding, we deden de busreis, we deden rondkijken en ik raakte Zoon1 kwijt, één keer terwijl ik me ervan bewust was, de tweede keer zonder dat ik het wist.
Die eerste keer, liet ik hem ademloos achter bij filmpjes over rechtszaken. Wist dat ik hem daar uiteindelijk wel weer terug zou vinden. De tweede keer, had ik hem ingefluisterd dat ik vast naar buiten zou gaan met de Zonen2, die solliciteerden naar een gevangenisplek.
Ik liep zo wat rond, ging naar de wc met wat kinderen, en hoorde ineens een galmende stem.
'ZOON1 ZIT IN HET RESTAURANT EN IS ZIJN OUDERS KWIJT. ZOON1 ZIT HIER. HELEMAAL ALLEEN EN EENZAAM'
'Hee' riep Zoon2. Dat is Broer1!
En ik schrok me een aap zeg. Nu wilde het toeval, dat ik precies 1 meter van het restaurant af was. Dus terwijl de stem nog een beetje na-echode in mijn oor. Zag ik Zoon1 zitten. Schaapachtig aan een tafeltje.
Ik bulderde van het lachen, sloot het kind in mijn armen en brulde: 'HUH. WAS JE KWIJT? MUHAHAHAHA'
De mensen gingen lachen.
Zoon1 was woedend.
Zoon2 wilde een ijsje.
Ik lachte nog veel harder.
Uiteindelijk kreeg iedereen ijs, vertelde ik Zoon1 dat ik trots op hem was, dat hij helemaal zelf had geregeld dat hij niet meer kwijt zou zijn, en gingen we maar weer eens camping-waarts, nadat alle kinderen uit de souvenirwinkel een attribuut hadden uitgezocht. (Politiepetten en handboeien)
Des avonds dronken we nog wat wijn, die nacht kwam Zoon2 om 02.00 in mijn slaapzak, wat niet echt hielp aan een goede nachtrust, dus des morgens besloot ik tot de terugreis.
Waar we potdikke vijf uur over deden.
Maar de jongens hielden zich kranig. Ondanks een vermeende bom op een station. Een vertraging. Een gemiste trein. En zware koffertjes.
Kwam uitgeput thuis zeg. En heb Vriendin2 en haar gezin uitgeput achtergelaten.
Succesvol tripje, al met al. Laat dat maar aan mij over. Een uitstapje.
dinsdag 15 juli 2014
donderdag 3 juli 2014
De seksie bakfiets, gestolen hamsters en de nieuwe trend.
Op de toonbank van de Albert Heijn in Het Dorp stond een mandje met van die oranje hamsterpoppen.
Daarbij een bordje: Hier kun je ruilen.
'HIER KUN JE RUILEN!' Riep Zoon1, de eerlijke en zoete Zoon. En hij pakte zijn tasje met hamsters, die hij tegenwoordig als een grote schat op zijn hart draagt, en sloeg aan het ruilen. Eerlijk, oprecht en vol overtuiging.
Zoon2 stond erbij en keek ernaar.
Was kortgeleden ook in het bezit van enkele popjes, maar 'die zijn denk ik kwijt' zo droeg hij zijn verlies aanvankelijk manmoedig.
Ik liet de jongens achter bij het mandje en ging de winkel in, om zo eens wat diner aan te schaffen. En misschien een klein flesje wijn, zo dacht ik bij mezelf.
Ineens stond Zoon1 weer voor me, met zeer verontwaardigd gezicht.
'Wat is er, en waar is je broertje?' Vroeg ik zo maar eens.
'Nouhou...' sputterde het kind, duidelijk overstuur.
'Hij is dus allemaal hamsters aan het pakken. En hij had niks om te ruilen!!!!' Het onrecht dat werd gedaan, droop van het kind zijn ziel.
'Ohh nu jaaaa. Laat hem maar he.' Was ik beetje afwezig, want ontwaarde smakelijk ogende hapjes, en had nogal trek.
Hoofdschuddend vertrok Zoon1 maar weer, draalde door de winkel, duidelijk ontdaan.
Bij de kassa voegde Zoon2 zich weer bij ons, met zichtbaar uitpuilende broekzakjes.
'Mamma' fluisterde het kind op luide toon. 'Ik heb dus ALLEMAAL hamsters!' De vreugde droop van zíjn zieltje.
'Leuk schatje' was ikontaarde, niet-pedagogische, schandelijke lieve moeder.
Eenmaal uit de winkel, nadat nog even bleek dat er een klein diarree-ongevalletje had plaatsgegrepen in hetzelfde broekje van de broekzakjes, zaten wij uiteindelijk weer op de fiets naar huis. Twee meter van ons huis, sprak het boevenkind: 'Oh jeeee. Ik ben vergeten, echt vergéten, de hamsters terug te geven aan de winkel.'
'ZIE JE NOU WEL!' Bulderde Zoon1
'WHAHHAHAHAHAHAHA' Bulderde ik.
En nou ja. Daar heb ik het maar bij gelaten. Had namelijk nog ook al zo wat anders aan mijn hoofd.
Ik zette namelijk onze bakfiets op Marktplaats. Stond al ruim een jaar te verloederen in onze voortuin, en aangezien ik toch aan het opruimen was en alles, alles wat met baby's te maken heeft van de hand doe, flatste ik een advertentie in elkander.
Hopsa, biedingen waren mijn deel. Vlotte business, bakfietsen. Ook al zijn ze verroest, oud en is alles er stukkend aan.
Binnen mum van tijd mailde er iemand die serieus interesse had, en aangezien er iets mis is met mijn mail op telefoon, vroeg ik zijn nummer om wat foto's te kunnen WhatsAppen. Vrij normaal zo in deez' tijd, immers. Moderne dingen zijn mij heus niet vreemd.
De deal was snel gesloten en hij kwam gisterenavond de boel halen en betalen. Echtgenoot nam de honneurs waar, want ik had andere leuke dingen te doen, en toen ik thuis kwam en de lege plek in de voortuin ontwaarde, geld op het aanrecht zag en Echtgenoot niet-vermoord te bedde aantrof, ging ik uit van een afgesloten zaak.
Tot ik vanmorgen het 'plokplok' van een app-geluidje hoorde. Nu is dat mij niet vreemd, echter was het van de meneer van de bakfiets, zo zag ik.
'Hooo' dacht ik. Dacht meteen dat er verborgen gebreken waren of iets.
Opende het bericht.
En een pornografische foto was mijn deel.
Heus waar zeg. Een plaatje, van ik neem aan de onderkledij van de meneer. Met daarin zijn nogal duidelijk opgerichte lid. Netter kan ik het niet zeggen.
Welnu, nu ben ik heus op de hoogte van bepaalde trends. Maar dat het maar normaal is kennelijk heden ten dagen om soft pornografische foto's te sturen naar mensen die je niet kent, maar waarvan je een willekeurigseksie tweewielig voertuig hebt gekocht... dat wist ik niet.
Was er ook niet bepaald verheugd over.
Dacht even na. Stuurde bericht aan Echtgenoot met de vuige details. Waarop hij zei: 'Leuk liefje'.
Ja, die man kun je echt hebben in tijden van nood.
En stuurde daarna een antwoord aan de bakfietsmeneer.
'Je bent nogal blij met je bakfiets zo te zien?'
En vond mezelf REUZE lollig.
Kun je wel eens zo hebben.
Evenwel vond ik het maar een avontuur, en was ook best onder de indruk. En kan best wat hebben.
En toen ik dus net vanavond mijzelve een kalmerend wijntje inschonk en zo wat op Facebook rondkeek, zag ik een heus persoonlijk bericht van een meneer uit Congo. Die mij verheugd mededeelde, in erbarmelijk Engels, dat ik een erfenis ga krijgen van 9,5 miljoen euro maar liefst.
Wat een dag.
Daarbij een bordje: Hier kun je ruilen.
'HIER KUN JE RUILEN!' Riep Zoon1, de eerlijke en zoete Zoon. En hij pakte zijn tasje met hamsters, die hij tegenwoordig als een grote schat op zijn hart draagt, en sloeg aan het ruilen. Eerlijk, oprecht en vol overtuiging.
Zoon2 stond erbij en keek ernaar.
Was kortgeleden ook in het bezit van enkele popjes, maar 'die zijn denk ik kwijt' zo droeg hij zijn verlies aanvankelijk manmoedig.
Ik liet de jongens achter bij het mandje en ging de winkel in, om zo eens wat diner aan te schaffen. En misschien een klein flesje wijn, zo dacht ik bij mezelf.
Ineens stond Zoon1 weer voor me, met zeer verontwaardigd gezicht.
'Wat is er, en waar is je broertje?' Vroeg ik zo maar eens.
'Nouhou...' sputterde het kind, duidelijk overstuur.
'Hij is dus allemaal hamsters aan het pakken. En hij had niks om te ruilen!!!!' Het onrecht dat werd gedaan, droop van het kind zijn ziel.
'Ohh nu jaaaa. Laat hem maar he.' Was ik beetje afwezig, want ontwaarde smakelijk ogende hapjes, en had nogal trek.
Hoofdschuddend vertrok Zoon1 maar weer, draalde door de winkel, duidelijk ontdaan.
Bij de kassa voegde Zoon2 zich weer bij ons, met zichtbaar uitpuilende broekzakjes.
'Mamma' fluisterde het kind op luide toon. 'Ik heb dus ALLEMAAL hamsters!' De vreugde droop van zíjn zieltje.
'Leuk schatje' was ik
Eenmaal uit de winkel, nadat nog even bleek dat er een klein diarree-ongevalletje had plaatsgegrepen in hetzelfde broekje van de broekzakjes, zaten wij uiteindelijk weer op de fiets naar huis. Twee meter van ons huis, sprak het boevenkind: 'Oh jeeee. Ik ben vergeten, echt vergéten, de hamsters terug te geven aan de winkel.'
'ZIE JE NOU WEL!' Bulderde Zoon1
'WHAHHAHAHAHAHAHA' Bulderde ik.
En nou ja. Daar heb ik het maar bij gelaten. Had namelijk nog ook al zo wat anders aan mijn hoofd.
Ik zette namelijk onze bakfiets op Marktplaats. Stond al ruim een jaar te verloederen in onze voortuin, en aangezien ik toch aan het opruimen was en alles, alles wat met baby's te maken heeft van de hand doe, flatste ik een advertentie in elkander.
Hopsa, biedingen waren mijn deel. Vlotte business, bakfietsen. Ook al zijn ze verroest, oud en is alles er stukkend aan.
Binnen mum van tijd mailde er iemand die serieus interesse had, en aangezien er iets mis is met mijn mail op telefoon, vroeg ik zijn nummer om wat foto's te kunnen WhatsAppen. Vrij normaal zo in deez' tijd, immers. Moderne dingen zijn mij heus niet vreemd.
De deal was snel gesloten en hij kwam gisterenavond de boel halen en betalen. Echtgenoot nam de honneurs waar, want ik had andere leuke dingen te doen, en toen ik thuis kwam en de lege plek in de voortuin ontwaarde, geld op het aanrecht zag en Echtgenoot niet-vermoord te bedde aantrof, ging ik uit van een afgesloten zaak.
Tot ik vanmorgen het 'plokplok' van een app-geluidje hoorde. Nu is dat mij niet vreemd, echter was het van de meneer van de bakfiets, zo zag ik.
'Hooo' dacht ik. Dacht meteen dat er verborgen gebreken waren of iets.
Opende het bericht.
En een pornografische foto was mijn deel.
Heus waar zeg. Een plaatje, van ik neem aan de onderkledij van de meneer. Met daarin zijn nogal duidelijk opgerichte lid. Netter kan ik het niet zeggen.
Welnu, nu ben ik heus op de hoogte van bepaalde trends. Maar dat het maar normaal is kennelijk heden ten dagen om soft pornografische foto's te sturen naar mensen die je niet kent, maar waarvan je een willekeurig
Was er ook niet bepaald verheugd over.
Dacht even na. Stuurde bericht aan Echtgenoot met de vuige details. Waarop hij zei: 'Leuk liefje'.
Ja, die man kun je echt hebben in tijden van nood.
En stuurde daarna een antwoord aan de bakfietsmeneer.
'Je bent nogal blij met je bakfiets zo te zien?'
En vond mezelf REUZE lollig.
Kun je wel eens zo hebben.
Evenwel vond ik het maar een avontuur, en was ook best onder de indruk. En kan best wat hebben.
En toen ik dus net vanavond mijzelve een kalmerend wijntje inschonk en zo wat op Facebook rondkeek, zag ik een heus persoonlijk bericht van een meneer uit Congo. Die mij verheugd mededeelde, in erbarmelijk Engels, dat ik een erfenis ga krijgen van 9,5 miljoen euro maar liefst.
Wat een dag.
maandag 30 juni 2014
Progressie, Baby's en nog meer baby's.
Zeg hee. Is mij dat daar idioot lang geleden, dat ik een stukske schreef.
En dat terwijl ik zooveeeel meemaakte. Allereerst is er het blijde nieuws dat Het Oog genezen is verklaard. En dat ik ook weer lenzen in heb inmiddels. Heb drie weken alles in waasje gezien, nu zie ik het leven weer gans scherp hoor. Ik heb me ongans gedruppeld, maar het heeft geholpen. Voor de zekerheid heb ik alle druppels maar bewaard, want je weet maar nooit met mij.
Het Oor was jaloers, op alle aandacht voor Het Oog, en is weer doof. Daarvoor toog ik naar mijn chirurgenvrind, die het nogal lollig vond dat ik daar kwam met twee blauwe ogen. Dat was ook nog een grappig verhaal ja. Iets met een feestje en een slag tegen de vlakte vanwege omdat er een botsing plaatsvond. Had toen lenzen nog niet in, dus de herinnering is wat wazig, maar ongeveer zo is het gegaan.
'Zo, hoe is het met het oor? En wat is er met de ogen?' Vroeg de chirurg bepaald belangstellend.
'Iemand probeerde in mijn oor te kijken en toen kwam ik in gevecht' Deed ik heus reuze grappig.
De chirurg grinnikte zo wat en concludeerde inderdaad een nog steeds halfbakken oor, maar slechts in het kader van de doofheid, want verder vond hij mijn oor er best betamelijk uitzien zo zei hij. Toch aardig.
Wij kletsten zo wat en hij keek zo nog eens en hij besloot dat er niet meer gesneden moest worden en dat nog een kuurtje antibiotica niet nodig was. Daar was ik het volledig mee eens. Over twee maanden zou het wel over moeten zijn, en anders moest ik maar weer langskomen, zo vernam ik. En hij vond dat ik er best stoer uit zag, met mijn blauwe ogen. Vertelde maar niet dat mijn neus ook nogal zeer deed, want straks word ik nog eens afgevoerd vanwege een vermeend syndroom waarbij de mens het eigen gelaat persé iets wil aan doen. Of zo.
Inmiddels zijn we even verder, is mijn gezicht weer redelijk normaal en is eigenlijk ook mijn elleboog weer geheeld. Oh. Had ik zeker nog niet verteld. Was heus maar klein ongelukje.
Ondanks dit alles, durfde Vriendin2 het aan, om haar Dochter1 aan mij toe te vertrouwen afgelopen zaterdag. Dochter1 is 8 maanden en mijn allerfavorietste baby op de wereld. En ik mocht een dagje oppassen.
Er kwam een schema en een tas vol met fles en melk en luiertjes en dingesen en Zoon1 wist direct het schema uit zijn hoofd.
Toen we dan ook des morgens direct een half uurtje achter liepen, was ik toch danig lang bezig om het kind ervan te overtuigen dat dat écht niet erg is. Dat ze iiiiets later een fruithapje zou krijgen.
Wij kusten haar, aaiden over haar wangetjes, diepten uit de krochten van ons huis wat speelgoedjes op en voerden fruit en kietelden voetjes. Toen ik haar naar bed bracht, kreeg ik eerst een verhoor van Zoon1.
' Heeft zij in haar oogjes gewreven? Want dat staat hier. Dán is ze moe.'
' Is het half tien? Zie je, zie je, HALF UUR TE LAAT! GAUW MAMMA!!'
Waarop ik als een hinde, kind onder arm, drie huizen verderop toog om het schatje in haar eigen bed te leggen.
Twee uur later, was ik misschien zelf een klein beetje in slaap gevallen, en stond Zoon1 voor mijn neus om te melden dat het potdikke volgens het schema tijd was voor de volgende activiteit.
Ik ontwaarde een piepklein vlekje op de outfit van SurrogaatDochter1 en vond het dientengevolge heel erg nodig om haar een nieuwe jurk aan te trekken. Zoon1 en ik zochten langdurig naar de mooiste meisjeskleding die we konden vinden en kleedden haar aan. Prachtig fris namen we haar weer mee en gaven drinken, koek, brood, van alles en nog wat. Ze bulderde van het lachen om Hond1, wipte zo wat in haar stoel, slierde over het kleed, lachte uitbundig om diverse zaken en daarna gaven we haar een fleske melk. Omdat ze daar een beetje mee knoeide, verheugde ik me alweer op de volgende outfitverandering.
Ik bracht haar weer fluks naar bed voor Slaapje2 en dutte zelf andermaal een weinig op de bank. Echt verkwikkend, zo'n baby.
Nadat ze weer wakker was, met een nieuw rokje aan, was het tijd om naar buiten te gaan, voor een wandeling door Het Dorp, zodat Zoon1 en ik onze tijdelijke gezinsaanwinst konden showen natuurlijk. Zoon1 liep zeer trots achter de wagen en verkondigde dat hij het maar heel lelijk van mij vond dat hij geen zusje heeft, en niet gaat krijgen ook.
'Dat zeg jij goed, kind' was ik duidelijk.
'Jamaar, ik wil een zuuuusjeeee' Was het jammerende antwoord.
'Ja daag. Geen haar op mijn hooooooofd' Was ik weer de stomste moeder ter wereld. 'Daarbij, ik krijg natuurlijk helegaar geen dochter, hebben we nóg een Zoon. Zie je het voor je?' Deed ik nog een duit in zakje.
'OOK GOED. IK WIL GEWOON EEN BABYYYYYY' Loeide het schaap over straat.
Ik deed net of ik het niet hoorde. Liep bovendien met het dove oor aan zijn kant.
En mokkend wandelde het kind verder met zijn wagen en zijn nep-zusje.
Maar, we waren in ons nopjes hoor. Een lieve baby de hele dag, ach ach, wat een zaligheid. Ik zette het zo op Facebook natuurlijk, waarop de menschen dachten dat ik wellicht nog wel aan het baren zou slaan. Dus niet he. Blijf niet aan de gang.
Hou gewoon erg vanandermans baby's. Die je einde dag weer teruggeeft ja.
En toen was er gisteren Familiedag. Oma werd 95 jaar. En daar was ook alweder een baby. Die ik natuurlijk ook even leende, en waar ik kennelijk zo verrukt naar keek, dat ook daar alweer werd geïnformeerd naar staat van mijn eierstokken. Bestelde mijzelf een wijntje en keek maar een beetje in de einder, als antwoord.
Maar ook dat is mooi he. Dat de familie zich maar uitbreidt. Oma krijgt werkelijk jaarlijks bakken met achterkleinkinderen, allemaal met familiebloed en mooie spriethaartjes. Daar ga ik ook gewoon voor. Achterkleinkinderbaby's. Als ik dat red natuurlijk. Zal volgende keer chirurg eens vragen naar zijn mening over mijn levensverwachting. Tot die tijd proost ik maar op afgelopen week. Die ik zonder kleerscheuren doorbracht. Progressie!
En dat terwijl ik zooveeeel meemaakte. Allereerst is er het blijde nieuws dat Het Oog genezen is verklaard. En dat ik ook weer lenzen in heb inmiddels. Heb drie weken alles in waasje gezien, nu zie ik het leven weer gans scherp hoor. Ik heb me ongans gedruppeld, maar het heeft geholpen. Voor de zekerheid heb ik alle druppels maar bewaard, want je weet maar nooit met mij.
Het Oor was jaloers, op alle aandacht voor Het Oog, en is weer doof. Daarvoor toog ik naar mijn chirurgenvrind, die het nogal lollig vond dat ik daar kwam met twee blauwe ogen. Dat was ook nog een grappig verhaal ja. Iets met een feestje en een slag tegen de vlakte vanwege omdat er een botsing plaatsvond. Had toen lenzen nog niet in, dus de herinnering is wat wazig, maar ongeveer zo is het gegaan.
'Zo, hoe is het met het oor? En wat is er met de ogen?' Vroeg de chirurg bepaald belangstellend.
'Iemand probeerde in mijn oor te kijken en toen kwam ik in gevecht' Deed ik heus reuze grappig.
De chirurg grinnikte zo wat en concludeerde inderdaad een nog steeds halfbakken oor, maar slechts in het kader van de doofheid, want verder vond hij mijn oor er best betamelijk uitzien zo zei hij. Toch aardig.
Wij kletsten zo wat en hij keek zo nog eens en hij besloot dat er niet meer gesneden moest worden en dat nog een kuurtje antibiotica niet nodig was. Daar was ik het volledig mee eens. Over twee maanden zou het wel over moeten zijn, en anders moest ik maar weer langskomen, zo vernam ik. En hij vond dat ik er best stoer uit zag, met mijn blauwe ogen. Vertelde maar niet dat mijn neus ook nogal zeer deed, want straks word ik nog eens afgevoerd vanwege een vermeend syndroom waarbij de mens het eigen gelaat persé iets wil aan doen. Of zo.
Inmiddels zijn we even verder, is mijn gezicht weer redelijk normaal en is eigenlijk ook mijn elleboog weer geheeld. Oh. Had ik zeker nog niet verteld. Was heus maar klein ongelukje.
Ondanks dit alles, durfde Vriendin2 het aan, om haar Dochter1 aan mij toe te vertrouwen afgelopen zaterdag. Dochter1 is 8 maanden en mijn allerfavorietste baby op de wereld. En ik mocht een dagje oppassen.
Er kwam een schema en een tas vol met fles en melk en luiertjes en dingesen en Zoon1 wist direct het schema uit zijn hoofd.
Toen we dan ook des morgens direct een half uurtje achter liepen, was ik toch danig lang bezig om het kind ervan te overtuigen dat dat écht niet erg is. Dat ze iiiiets later een fruithapje zou krijgen.
Wij kusten haar, aaiden over haar wangetjes, diepten uit de krochten van ons huis wat speelgoedjes op en voerden fruit en kietelden voetjes. Toen ik haar naar bed bracht, kreeg ik eerst een verhoor van Zoon1.
' Heeft zij in haar oogjes gewreven? Want dat staat hier. Dán is ze moe.'
' Is het half tien? Zie je, zie je, HALF UUR TE LAAT! GAUW MAMMA!!'
Waarop ik als een hinde, kind onder arm, drie huizen verderop toog om het schatje in haar eigen bed te leggen.
Twee uur later, was ik misschien zelf een klein beetje in slaap gevallen, en stond Zoon1 voor mijn neus om te melden dat het potdikke volgens het schema tijd was voor de volgende activiteit.
Ik ontwaarde een piepklein vlekje op de outfit van SurrogaatDochter1 en vond het dientengevolge heel erg nodig om haar een nieuwe jurk aan te trekken. Zoon1 en ik zochten langdurig naar de mooiste meisjeskleding die we konden vinden en kleedden haar aan. Prachtig fris namen we haar weer mee en gaven drinken, koek, brood, van alles en nog wat. Ze bulderde van het lachen om Hond1, wipte zo wat in haar stoel, slierde over het kleed, lachte uitbundig om diverse zaken en daarna gaven we haar een fleske melk. Omdat ze daar een beetje mee knoeide, verheugde ik me alweer op de volgende outfitverandering.
Ik bracht haar weer fluks naar bed voor Slaapje2 en dutte zelf andermaal een weinig op de bank. Echt verkwikkend, zo'n baby.
Nadat ze weer wakker was, met een nieuw rokje aan, was het tijd om naar buiten te gaan, voor een wandeling door Het Dorp, zodat Zoon1 en ik onze tijdelijke gezinsaanwinst konden showen natuurlijk. Zoon1 liep zeer trots achter de wagen en verkondigde dat hij het maar heel lelijk van mij vond dat hij geen zusje heeft, en niet gaat krijgen ook.
'Dat zeg jij goed, kind' was ik duidelijk.
'Jamaar, ik wil een zuuuusjeeee' Was het jammerende antwoord.
'Ja daag. Geen haar op mijn hooooooofd' Was ik weer de stomste moeder ter wereld. 'Daarbij, ik krijg natuurlijk helegaar geen dochter, hebben we nóg een Zoon. Zie je het voor je?' Deed ik nog een duit in zakje.
'OOK GOED. IK WIL GEWOON EEN BABYYYYYY' Loeide het schaap over straat.
Ik deed net of ik het niet hoorde. Liep bovendien met het dove oor aan zijn kant.
En mokkend wandelde het kind verder met zijn wagen en zijn nep-zusje.
Maar, we waren in ons nopjes hoor. Een lieve baby de hele dag, ach ach, wat een zaligheid. Ik zette het zo op Facebook natuurlijk, waarop de menschen dachten dat ik wellicht nog wel aan het baren zou slaan. Dus niet he. Blijf niet aan de gang.
Hou gewoon erg van
En toen was er gisteren Familiedag. Oma werd 95 jaar. En daar was ook alweder een baby. Die ik natuurlijk ook even leende, en waar ik kennelijk zo verrukt naar keek, dat ook daar alweer werd geïnformeerd naar staat van mijn eierstokken. Bestelde mijzelf een wijntje en keek maar een beetje in de einder, als antwoord.
Maar ook dat is mooi he. Dat de familie zich maar uitbreidt. Oma krijgt werkelijk jaarlijks bakken met achterkleinkinderen, allemaal met familiebloed en mooie spriethaartjes. Daar ga ik ook gewoon voor. Achterkleinkinderbaby's. Als ik dat red natuurlijk. Zal volgende keer chirurg eens vragen naar zijn mening over mijn levensverwachting. Tot die tijd proost ik maar op afgelopen week. Die ik zonder kleerscheuren doorbracht. Progressie!
maandag 9 juni 2014
Was danig verveeld met het oor. En sliep dus maar met lenzen in.
Nou was ik zowaar deze week niet meer doof. Na de zesde Antibiotica kuur, begon er zowaar wat verbetering op te treden. Ik hoorde weer wat aan de rechterkant en zei niet meer de ganse dag: 'Huh wat? Wat? WAT? IK BEN DOOF WEET JE NOG WEL? PRAAT EENS DUIDELIJK?!' Ik merkte ook wel dat Echtgenoot en de Zonen dat ook wel prettig vonden ja.
De pijnlijkheid is weg, het is nog wel steeds dikkig, maar dat zal wel wegtrekken. Heb volgende week weer afspraak met mijn Chirurgenvrind, en in het beste geval zal ik die afzeggen.
Nu, dat was allemaal fijn zeg.
Kon ik verfrischt en gezond aan de Avondvierdaagse week beginnen. Maandag hadden de Zonen studiedag, dus hingen wij de ganse dag een beetje te relaxen in huis, ter voorbereiding van de hysterie. Die ik wederom onderschat had hoor.
Wie verzint dat toch. Dat de boel om 18.00 begint? Waardeloos tijdstip.
Stress, gedoe en dinges en schreeuwen en opjutten alom. Heel relaxed ja.
En dan natuurlijk de sinaasappel-met-pepermunt bende die de jongens wensten te hebben. Ik knipte een kussensloop aan flarden, knoopte de boel dicht met de Loom-Elastiekjes en vond mezelf bijzonder creatief. Terwijl ik een beetje in mijn mond braakte van het idee alleen al, aan zó'n ellende te zuigen. Volgens mij vinden ze het niet eens heel lekker, want ik vond elke dag halfbakken kledderige stukken terug in de tasjes. Plakte helemaal niet hoor, nee, dat niet. Maar goed, iederéén doet het, dus dat schijnt een reden te zijn voor de jongens om het ook te willen.
In het kader daarvan, en dan andersom, kocht ik voor Zoon2 een paar roze sandaaltjes bij de schoenenwinkel in Het Dorp. Hij wilde niks anders, dus hatsa, het kind loopt er weer mooi bij.
Ondertussen dacht ik zo nog eens wat na over Het Oor, en raakte danig verveeld zeg. Wat een toestand was dat toch geweest.
Weet je wat, dacht ik. Laat ik een ander deel van mijn gezicht eens proberen.
En sliep een nachtje met mijn lenzen in.
Werd wakker met een bepaald akelig oog. Rood, dik, half blind, tranend en bijzonder pijnlijk.
Liep er de hele dag mee rond, zag geen hand voor ogen, want had natuurlijk lenzen niet meer in, maar ook geen bril op, want wilde liever zonnebril, in het kader van mijn ijdelheid. Zag er niet uit zeg.
Des Avonds was de pijn dusdanig, dat ik besloot toch maar een dokter te bellen, en kon terecht bij de spoedpost in het ziekenhuis. Was daar toch al zeker een week niet geweest, dus voelde me direct thuis natuurlijk.
Meneer de huisarts in dienst, was een bijzonder aantrekkelijk jongmensch, maar een beetje wapperen met mijn wimpers zat er niet in natuurlijk. Er werd gekeken en gemompeld en ik maakte nog zo wat grappen over een antibiotica kuurtje. Haha. Haha. Lachen met mij ja.
Hoornvliesontsteking. Zei ook de oogarts die ik de vólgende morgen moest bezoeken. Kreeg twee soorten druppels en een creme mee en vermaak me daar nu al een paar dagen ELK UUR mee.
Het leidt wel af van Het Oor, dat wel.
Ben reuze benieuwd wat ik de volgende keer heb zeg. Misschien kan ik proberen mijn haar nog iets extremer te blonderen. Zodat ik daar iets mee oploop? Wellicht moet ik een kunstgebit? Breek ik mijn neus?
En dit is alles nog maar mijn hoofd he. Er zijn nog mogelijkheden te over natuurlijk, om tripjes naar het ziekenhuis te waarborgen.
Ga maar even paar dagen op tijd naar bed. Gelukkig kan ik nog wel zien waar de wijn zich bevindt in de koelkast. Glas halfvol he.
De pijnlijkheid is weg, het is nog wel steeds dikkig, maar dat zal wel wegtrekken. Heb volgende week weer afspraak met mijn Chirurgenvrind, en in het beste geval zal ik die afzeggen.
Nu, dat was allemaal fijn zeg.
Kon ik verfrischt en gezond aan de Avondvierdaagse week beginnen. Maandag hadden de Zonen studiedag, dus hingen wij de ganse dag een beetje te relaxen in huis, ter voorbereiding van de hysterie. Die ik wederom onderschat had hoor.
Wie verzint dat toch. Dat de boel om 18.00 begint? Waardeloos tijdstip.
Stress, gedoe en dinges en schreeuwen en opjutten alom. Heel relaxed ja.
En dan natuurlijk de sinaasappel-met-pepermunt bende die de jongens wensten te hebben. Ik knipte een kussensloop aan flarden, knoopte de boel dicht met de Loom-Elastiekjes en vond mezelf bijzonder creatief. Terwijl ik een beetje in mijn mond braakte van het idee alleen al, aan zó'n ellende te zuigen. Volgens mij vinden ze het niet eens heel lekker, want ik vond elke dag halfbakken kledderige stukken terug in de tasjes. Plakte helemaal niet hoor, nee, dat niet. Maar goed, iederéén doet het, dus dat schijnt een reden te zijn voor de jongens om het ook te willen.
In het kader daarvan, en dan andersom, kocht ik voor Zoon2 een paar roze sandaaltjes bij de schoenenwinkel in Het Dorp. Hij wilde niks anders, dus hatsa, het kind loopt er weer mooi bij.
Ondertussen dacht ik zo nog eens wat na over Het Oor, en raakte danig verveeld zeg. Wat een toestand was dat toch geweest.
Weet je wat, dacht ik. Laat ik een ander deel van mijn gezicht eens proberen.
En sliep een nachtje met mijn lenzen in.
Werd wakker met een bepaald akelig oog. Rood, dik, half blind, tranend en bijzonder pijnlijk.
Liep er de hele dag mee rond, zag geen hand voor ogen, want had natuurlijk lenzen niet meer in, maar ook geen bril op, want wilde liever zonnebril, in het kader van mijn ijdelheid. Zag er niet uit zeg.
Des Avonds was de pijn dusdanig, dat ik besloot toch maar een dokter te bellen, en kon terecht bij de spoedpost in het ziekenhuis. Was daar toch al zeker een week niet geweest, dus voelde me direct thuis natuurlijk.
Meneer de huisarts in dienst, was een bijzonder aantrekkelijk jongmensch, maar een beetje wapperen met mijn wimpers zat er niet in natuurlijk. Er werd gekeken en gemompeld en ik maakte nog zo wat grappen over een antibiotica kuurtje. Haha. Haha. Lachen met mij ja.
Hoornvliesontsteking. Zei ook de oogarts die ik de vólgende morgen moest bezoeken. Kreeg twee soorten druppels en een creme mee en vermaak me daar nu al een paar dagen ELK UUR mee.
Het leidt wel af van Het Oor, dat wel.
Ben reuze benieuwd wat ik de volgende keer heb zeg. Misschien kan ik proberen mijn haar nog iets extremer te blonderen. Zodat ik daar iets mee oploop? Wellicht moet ik een kunstgebit? Breek ik mijn neus?
En dit is alles nog maar mijn hoofd he. Er zijn nog mogelijkheden te over natuurlijk, om tripjes naar het ziekenhuis te waarborgen.
Ga maar even paar dagen op tijd naar bed. Gelukkig kan ik nog wel zien waar de wijn zich bevindt in de koelkast. Glas halfvol he.
donderdag 22 mei 2014
De stilte in de chaos.
Ja het is weer eens zover zeg. Chaotische tijden. Niet dat het hier normaal gesproken maar allemaal op rolletjes loopt en alles, maar er zijn van die tijden zoals die nu aanvangen, waarbij de mens zo eens wat meer concentratie nodig heeft.
Overigens even niks over Het Oor vandaag. Het zit er nog aan. Ik hoor er niks mee. Tot zover dus vrij waardeloos, want wat moet je er anders mee. Daar is alles dus even mee gezegd.En niet gehoord. Mhahaha
De Zonen zijn in hysterie. Ze zijn brutaal, ze luisteren niet, ze rennen nogal veel, ze vallen nogal veel, en ze lusten het eten niet.
Dat is op zich de omschrijving van alle dagen hier thuis, maar het is nu allemaal nog wat erger.
Zoon2 ging op schoolreis. En daar was hij NOGAL blij mee. Reeds dágen geleden moest ik hem voorrekenen hoeveel nachtjes hij nog moest slapen alvorens het festijn zou beginnen, en hij vertelde mij dus elke tien minuten datzelfde feit. En wilde 's middags al naar bed, omdat het dan eerder morgen zou zijn, maar 's avonds kon hij niet slapen, van pure voorpret.
Vanmorgen werd hij om 05.30 wakker, sprong de echtelijke sponde in, en bleef net zo lang springen, tot we maar uit wanhoop allemaal op stonden. Terwijl ik gapend stond te douchen, bleek hij beneden al zijn tasje aan het inpakken te zijn. Diverse chocolade koekjes had hij zelf met de grote schaar losgeknipt van het pak, waar ik een beetje om met mijn ogen knipperde toen ik het zag, maar omdat al zijn vingertjes er nog aanzaten, liet ik het maar zo.
Hij wenste broodjes met kipfilet, twéé flesjes drinken, één pakje drinken, twee koekjes, een pakje smeerkaasstokjes en twee stukjes appel. Ik vond het bescheiden wensen, en ging dus akkoord met alles.
Ik stopte nog wat reserve kleding in het tasje en smeerde het kind in met zonnebrand. Dat klinkt als logisch, maar ik gaf mezelf er een schouderklop voor. Zoveel oplettendheid op de vroege morgen, daar ben ik heus trots op.
Zoon1 kwam zoals elke morgen mopperend naar beneden, schold mij, zoals werkelijk elke ochtend, uit omdat ik zijn kapsel wilde fatsoeneren en had natuurlijk zijn schoenen nog niet aan, was zijn fietssleutel kwijt en twijfelde langdurig over het wel of niet aantrekken van een jasje. Dit alles terwijl Zoon2, nog steeds springend, niet kon wáchten om naar school te vertrekken.
Ik brulde wat, ik duwde wat, ik deed wat minder leuk tegen Zoon1, hij wat minder leuk tegen mij, en we gingen op pad met ons gebruikelijke lawaai.
Toen uiteindelijk de grote witte schoolreis bus voor de school stond en alle kleuterkes daar in gingen stappen, hoorde ik om me heen van allerlei moeders dingen als:
'Voor het eerst alleen op pad'
'Spannender voor moeder dan voor kind'
En zulks.
Daar heb ik niks mee zeg. Weet dat Zoon2 in gaten gehouden wordt, dat hij zichzelf redelijk kan redden en dat ze heus niet zonder hem weer naar huis gaan.
Waar ik wel wat mee had, was zijn gezichtje. Zó stralend. Zó blij met de dag, voordat deze was begonnen al. Zijn tasje in zijn handen, zwaaiend door de ramen, met een enórme lach naar mij. Naast zijn vriendinnetje.
Een mens wil om minder al een wijntje om half negen in de ochtend.
En toen ik weer thuis was, het kroost veilig in bus en op school, bekeek ik zo eens de agenda. Ook al omdat Echtgenoot en ik er nogal een sociaal leven op nahouden, apart van elkaar, en omdat ik me opeens bedacht, dat het weer Deze Tijd Van Het Jaar is. Een hele sloot aan schoolreizen, avondvierdaagse, festiviteiten, verjaardagen, vrije dagen, lange weekenden, studiedagen, picknicks op school en dan nog de dingen waar ik nog niks van weet.
Twee keer per jaar. Rond december en rond mei-juni, is het zover. Dat kan kennelijk niet een beetje verspreid door het jaar.
Toen ik daar net van was bijgekomen, van het idee alleen al, was het tijd om naar school te gaan, omdat Zoon1 een optreden had. Om 14.00 uur. Dat zou duren tot 14.30. Om 15.00 uur gaat de school uit. Om 15.30 zou de bus van Zoon2 weer terugkomen.
Heeeeel handig ja. Zou dus bijna twee uur in en rondom de school hangen. Hangmoeder. En niks nie even sigaretje roken of wat drinken he. Dat doe je dan ook weer niet. Vinden de mensen onbetamelijk.
Het optreden was desalniettemin erg leuk. In de gymzaal met alle klassen, en Zoon die dan wat zingt en danst met zijn klas, ouders er allemaal omheen. Ik hou ervan. Voel me daar jong bij, omdat ik het nog zo goed weet van eigen acht-jarige-zelf en ook heel volwassen, omdat ik kijkje kan nemen in schoolbestaan van Zoon1, die dan opeens zo groot en zelfstandig is.
Ja, zo denk ik wat af zo door de dag heen. Emooooties zeg. Ik was er kapot van.
Ondertussen ging ik ook nog stemmen, omdat ik toevallig heel handig mijn stembiljet in mijn tas had, en het stembureau is op school, dus er was waarlijk geen reden om het te vergeten of iets. Voelde me kortom, zeer in control vandaag. Is niet mijn dagelijkse staat van zijn, dus ik stond er even bij stil.
Na maar een kleine vertraging kwam Zoon2 ook weer thuis, met grote pleisters op zijn knietjes, een lege tas en een hoofdje vol verhalen.
Iedereen was moe. We gingen op de bank liggen en hadden rust. Zelfs Zoon1 mopperde even niet. En viel in slaap op mijn schouder.
Even stilte in de chaos. Was snel voorbij hoor. Maar toch. En als ik nu iedereen steeds mijn rechteroor toedraai, kan ik de stilte nog wat langer vasthouden.
Overigens even niks over Het Oor vandaag. Het zit er nog aan. Ik hoor er niks mee. Tot zover dus vrij waardeloos, want wat moet je er anders mee. Daar is alles dus even mee gezegd.
De Zonen zijn in hysterie. Ze zijn brutaal, ze luisteren niet, ze rennen nogal veel, ze vallen nogal veel, en ze lusten het eten niet.
Dat is op zich de omschrijving van alle dagen hier thuis, maar het is nu allemaal nog wat erger.
Zoon2 ging op schoolreis. En daar was hij NOGAL blij mee. Reeds dágen geleden moest ik hem voorrekenen hoeveel nachtjes hij nog moest slapen alvorens het festijn zou beginnen, en hij vertelde mij dus elke tien minuten datzelfde feit. En wilde 's middags al naar bed, omdat het dan eerder morgen zou zijn, maar 's avonds kon hij niet slapen, van pure voorpret.
Vanmorgen werd hij om 05.30 wakker, sprong de echtelijke sponde in, en bleef net zo lang springen, tot we maar uit wanhoop allemaal op stonden. Terwijl ik gapend stond te douchen, bleek hij beneden al zijn tasje aan het inpakken te zijn. Diverse chocolade koekjes had hij zelf met de grote schaar losgeknipt van het pak, waar ik een beetje om met mijn ogen knipperde toen ik het zag, maar omdat al zijn vingertjes er nog aanzaten, liet ik het maar zo.
Hij wenste broodjes met kipfilet, twéé flesjes drinken, één pakje drinken, twee koekjes, een pakje smeerkaasstokjes en twee stukjes appel. Ik vond het bescheiden wensen, en ging dus akkoord met alles.
Ik stopte nog wat reserve kleding in het tasje en smeerde het kind in met zonnebrand. Dat klinkt als logisch, maar ik gaf mezelf er een schouderklop voor. Zoveel oplettendheid op de vroege morgen, daar ben ik heus trots op.
Zoon1 kwam zoals elke morgen mopperend naar beneden, schold mij, zoals werkelijk elke ochtend, uit omdat ik zijn kapsel wilde fatsoeneren en had natuurlijk zijn schoenen nog niet aan, was zijn fietssleutel kwijt en twijfelde langdurig over het wel of niet aantrekken van een jasje. Dit alles terwijl Zoon2, nog steeds springend, niet kon wáchten om naar school te vertrekken.
Ik brulde wat, ik duwde wat, ik deed wat minder leuk tegen Zoon1, hij wat minder leuk tegen mij, en we gingen op pad met ons gebruikelijke lawaai.
Toen uiteindelijk de grote witte schoolreis bus voor de school stond en alle kleuterkes daar in gingen stappen, hoorde ik om me heen van allerlei moeders dingen als:
'Voor het eerst alleen op pad'
'Spannender voor moeder dan voor kind'
En zulks.
Daar heb ik niks mee zeg. Weet dat Zoon2 in gaten gehouden wordt, dat hij zichzelf redelijk kan redden en dat ze heus niet zonder hem weer naar huis gaan.
Waar ik wel wat mee had, was zijn gezichtje. Zó stralend. Zó blij met de dag, voordat deze was begonnen al. Zijn tasje in zijn handen, zwaaiend door de ramen, met een enórme lach naar mij. Naast zijn vriendinnetje.
Een mens wil om minder al een wijntje om half negen in de ochtend.
En toen ik weer thuis was, het kroost veilig in bus en op school, bekeek ik zo eens de agenda. Ook al omdat Echtgenoot en ik er nogal een sociaal leven op nahouden, apart van elkaar, en omdat ik me opeens bedacht, dat het weer Deze Tijd Van Het Jaar is. Een hele sloot aan schoolreizen, avondvierdaagse, festiviteiten, verjaardagen, vrije dagen, lange weekenden, studiedagen, picknicks op school en dan nog de dingen waar ik nog niks van weet.
Twee keer per jaar. Rond december en rond mei-juni, is het zover. Dat kan kennelijk niet een beetje verspreid door het jaar.
Toen ik daar net van was bijgekomen, van het idee alleen al, was het tijd om naar school te gaan, omdat Zoon1 een optreden had. Om 14.00 uur. Dat zou duren tot 14.30. Om 15.00 uur gaat de school uit. Om 15.30 zou de bus van Zoon2 weer terugkomen.
Heeeeel handig ja. Zou dus bijna twee uur in en rondom de school hangen. Hangmoeder. En niks nie even sigaretje roken of wat drinken he. Dat doe je dan ook weer niet. Vinden de mensen onbetamelijk.
Het optreden was desalniettemin erg leuk. In de gymzaal met alle klassen, en Zoon die dan wat zingt en danst met zijn klas, ouders er allemaal omheen. Ik hou ervan. Voel me daar jong bij, omdat ik het nog zo goed weet van eigen acht-jarige-zelf en ook heel volwassen, omdat ik kijkje kan nemen in schoolbestaan van Zoon1, die dan opeens zo groot en zelfstandig is.
Ja, zo denk ik wat af zo door de dag heen. Emooooties zeg. Ik was er kapot van.
Ondertussen ging ik ook nog stemmen, omdat ik toevallig heel handig mijn stembiljet in mijn tas had, en het stembureau is op school, dus er was waarlijk geen reden om het te vergeten of iets. Voelde me kortom, zeer in control vandaag. Is niet mijn dagelijkse staat van zijn, dus ik stond er even bij stil.
Na maar een kleine vertraging kwam Zoon2 ook weer thuis, met grote pleisters op zijn knietjes, een lege tas en een hoofdje vol verhalen.
Iedereen was moe. We gingen op de bank liggen en hadden rust. Zelfs Zoon1 mopperde even niet. En viel in slaap op mijn schouder.
Even stilte in de chaos. Was snel voorbij hoor. Maar toch. En als ik nu iedereen steeds mijn rechteroor toedraai, kan ik de stilte nog wat langer vasthouden.
dinsdag 20 mei 2014
Als de zon zakt, mag ik er pas in zitten.
Daar was ik weer. In het ziekenhuis. Zat direct al bijna tussen draaideur, dus dat begon al lekker ja.
Meneer de chirurg begroette mij waarlijk vriendelijk, keek zo weer eens in Het Oor, krabte zich mentaal op hoofd, dat zag ik wel, en stelde vast dat er niets, maar dan ook niets was veranderd aan de situatie.
Ik beaamde dat, waarop de man iets mompelde van een overleg, en de kamer verliet.
Toen hij terugkwam, bleek hij een onderonsje te hebben gehad met een microbioloog. Dat vond ik wel geruststellend, want die mensen schijnen de Pest en Pokken en zulks te hebben uitgeroeid. Dan kan ie misschien ook wel wat met een oor, dunkt mij.
Er diende een kweekje te worden gemaakt, zo verhaalde de dokter, terwijl hij erbij zei dat dat misschien ook al wel iéts eerder had gekund. Hij keek er best schaapachtig mij, als je het mij vraagt.
'Hmm ja' zei ik maar. Had verder niet echt wat anders te zeggen, dat wat zou toevoegen, eigenlijk.
De dokter verliet wederom de kamer, waarna er een mevrouw binnenkwam, met een pakketje dat verdacht veel leek op messen, prikken of anderszins scherpe voorwerpen. Ik ging al een beetje in de vechthouding zitten natuurlijk, maar het bleek evenwel mee te vallen.
Zij hatselde zo wat met een dinges in mijn oor, en deed dat in een buisje. Dat was dus de kweektoestand.
Mijn vriend de chirurg kwam weer binnen, met het opwekkende verhaal dat ik andermaal een nieuw recept kreeg voor een nieuwe antibiotica kuur.
'Ja HALLO' deed ik. 'Dat is dus de VIERDE he?'
Ja nee ja, dat was dus toch wel nodig en alles, zo vernam ik. Dit keer weer een andere kuur, met maar twee pillen per dag, in plaats van de eerst vier, daarna acht en daarna weer vier tabletten en bruispillen.
'Ik denk wel dat alles bij mij van binnen nu dood is, haha. Hahahhaha.' Was ik nog zo wat jolig.
Welnu, was het weer tijd om te gaan, dus ik nam het recept aan, gaf de man maar weer eens een hand, en zie hem volgende week weer terug. Ik denk zomaar dat hij al goed zat van me is zeg.
En daar ging ik weer naar de apotheek met mijn nieuwe recept.
Meisjes in apotheken zijn allemaal van die frisse, blozende, naturel ogende typjes. Valt duidelijk op zeg. Allemaal een olijk paardenstaartje in het ongeverfde haar, een opgewekte blik in de ogen zonder mascara en met makkelijke schoenen aan de voetjes.
En stuk voor stuk een vriendelijke glimlach, maar waarschijnlijk een bijzonder saai leven. Ik weet het natuurlijk niet zeker, maar die indruk wekken ze nogal. Zal wel in functie omschrijving staan.
Maar toen kwam het. Na het hele circus van weer de robot, de twintig stickers en de doosjes met pillen, kwam het uitprinten van de bijsluiter. Twee A4-tjes met piepkleine lettertjes, vol met ellende.
Dat moest ik dan maar eens goed lezen, zo was de boodschap.
Oh, en ik moest dan wel vooral uit de zon blijven de hele week.
'Euh?' Deed ik. 'Uit de zon?' 'HAHAHAHAHAHAHAHHAHAHAHAHA' lachte ik nogal hard.
Maar het bleek geen grap.
'Heb je gezien wat voor weer het is?' Probeerde ik nog.
Ja, zo bleek, ze was op de hoogte.
Mag ik wel buiten lópen? Bagataliseerde ik nogmaals haar bericht.
Maar nee echt, ik mag dat wel, maar zeer goed ingesmeerd, en liever niet.
'MAAR HET IS NET PRECIES 1 UUR ECHT ZOMER!!' Krijste ik.
En ja. Helaasch voor mij. Bikini's kan ik verbranden, op doktersadvies. Mag niet op terras, tenzij in schaduw, en als ik buiten kom moet ik met hoed, parasol, burka wellicht.
Anders krijg ik akelige vlekken en uitslag en narigheid.
Moest eigenlijk daarna nogal lachen om de idioterie ervan. Dat mijn vierde kuur tijdens het Horror Oor Verhaal er eentje is, waarmee ik niet in de zon mag, terwijl gans het land op het strand ligt komende dagen.
Om mezelf op te wekken las ik daarna de bijsluiter, waaruit bleek dat ik, naast huiduitslag, ook nog te maken kan krijgen met een psychose, hartfalen, spierzwakte, een anafylactische shock, een depressie en nog zo wat leutige bijwerkinkjes.
Zat bij het naar buiten lopen wederom bijna tussen draaideur.
Heb er een biertje op gedronken met de vriendinnen des avonds, ook al omdat Huis1 nu ECHT verkocht is, omdat de periode van de ondervoorbehoudvanfinancien nu voorbij is.
Dus, huis minder, bijna een oor minder, maar zodra de zon zakt, ga ik erin zitten, met een wijntje.
Meneer de chirurg begroette mij waarlijk vriendelijk, keek zo weer eens in Het Oor, krabte zich mentaal op hoofd, dat zag ik wel, en stelde vast dat er niets, maar dan ook niets was veranderd aan de situatie.
Ik beaamde dat, waarop de man iets mompelde van een overleg, en de kamer verliet.
Toen hij terugkwam, bleek hij een onderonsje te hebben gehad met een microbioloog. Dat vond ik wel geruststellend, want die mensen schijnen de Pest en Pokken en zulks te hebben uitgeroeid. Dan kan ie misschien ook wel wat met een oor, dunkt mij.
Er diende een kweekje te worden gemaakt, zo verhaalde de dokter, terwijl hij erbij zei dat dat misschien ook al wel iéts eerder had gekund. Hij keek er best schaapachtig mij, als je het mij vraagt.
'Hmm ja' zei ik maar. Had verder niet echt wat anders te zeggen, dat wat zou toevoegen, eigenlijk.
De dokter verliet wederom de kamer, waarna er een mevrouw binnenkwam, met een pakketje dat verdacht veel leek op messen, prikken of anderszins scherpe voorwerpen. Ik ging al een beetje in de vechthouding zitten natuurlijk, maar het bleek evenwel mee te vallen.
Zij hatselde zo wat met een dinges in mijn oor, en deed dat in een buisje. Dat was dus de kweektoestand.
Mijn vriend de chirurg kwam weer binnen, met het opwekkende verhaal dat ik andermaal een nieuw recept kreeg voor een nieuwe antibiotica kuur.
'Ja HALLO' deed ik. 'Dat is dus de VIERDE he?'
Ja nee ja, dat was dus toch wel nodig en alles, zo vernam ik. Dit keer weer een andere kuur, met maar twee pillen per dag, in plaats van de eerst vier, daarna acht en daarna weer vier tabletten en bruispillen.
'Ik denk wel dat alles bij mij van binnen nu dood is, haha. Hahahhaha.' Was ik nog zo wat jolig.
Welnu, was het weer tijd om te gaan, dus ik nam het recept aan, gaf de man maar weer eens een hand, en zie hem volgende week weer terug. Ik denk zomaar dat hij al goed zat van me is zeg.
En daar ging ik weer naar de apotheek met mijn nieuwe recept.
Meisjes in apotheken zijn allemaal van die frisse, blozende, naturel ogende typjes. Valt duidelijk op zeg. Allemaal een olijk paardenstaartje in het ongeverfde haar, een opgewekte blik in de ogen zonder mascara en met makkelijke schoenen aan de voetjes.
En stuk voor stuk een vriendelijke glimlach, maar waarschijnlijk een bijzonder saai leven. Ik weet het natuurlijk niet zeker, maar die indruk wekken ze nogal. Zal wel in functie omschrijving staan.
Maar toen kwam het. Na het hele circus van weer de robot, de twintig stickers en de doosjes met pillen, kwam het uitprinten van de bijsluiter. Twee A4-tjes met piepkleine lettertjes, vol met ellende.
Dat moest ik dan maar eens goed lezen, zo was de boodschap.
Oh, en ik moest dan wel vooral uit de zon blijven de hele week.
'Euh?' Deed ik. 'Uit de zon?' 'HAHAHAHAHAHAHAHHAHAHAHAHA' lachte ik nogal hard.
Maar het bleek geen grap.
'Heb je gezien wat voor weer het is?' Probeerde ik nog.
Ja, zo bleek, ze was op de hoogte.
Mag ik wel buiten lópen? Bagataliseerde ik nogmaals haar bericht.
Maar nee echt, ik mag dat wel, maar zeer goed ingesmeerd, en liever niet.
'MAAR HET IS NET PRECIES 1 UUR ECHT ZOMER!!' Krijste ik.
En ja. Helaasch voor mij. Bikini's kan ik verbranden, op doktersadvies. Mag niet op terras, tenzij in schaduw, en als ik buiten kom moet ik met hoed, parasol, burka wellicht.
Anders krijg ik akelige vlekken en uitslag en narigheid.
Moest eigenlijk daarna nogal lachen om de idioterie ervan. Dat mijn vierde kuur tijdens het Horror Oor Verhaal er eentje is, waarmee ik niet in de zon mag, terwijl gans het land op het strand ligt komende dagen.
Om mezelf op te wekken las ik daarna de bijsluiter, waaruit bleek dat ik, naast huiduitslag, ook nog te maken kan krijgen met een psychose, hartfalen, spierzwakte, een anafylactische shock, een depressie en nog zo wat leutige bijwerkinkjes.
Zat bij het naar buiten lopen wederom bijna tussen draaideur.
Heb er een biertje op gedronken met de vriendinnen des avonds, ook al omdat Huis1 nu ECHT verkocht is, omdat de periode van de ondervoorbehoudvanfinancien nu voorbij is.
Dus, huis minder, bijna een oor minder, maar zodra de zon zakt, ga ik erin zitten, met een wijntje.
vrijdag 16 mei 2014
De derde date met de chirurg
Ja zeg, daar ging ik weer hoor. Naar het ziekenhuis. Derde date met Chirurg nummer 3. Deel 8 in de Oor-Horror-Story.
Kom tegenwoordig bepaald vaak in ziekenhuis, twijfelachtige situatie, als je het mij vraagt. Ik kreeg bijna de neiging om gezellig wat koekjes mee te nemen, in een picknickmandje of iets. Deelde high fives uit met de receptie mensen en WhatsAppte mijn aankomst aan het meisje van de apotheek, zodat ze vast weer wat medicijn kon neerzetten.
Haha. Hahaha. Nee zeg.
Stond met angstige benen voor de draaideur en durfde eigenlijk niet naar binnen.
Verwachtte weer gruwelbezoek, messen, bloed, injecties en doktoren die in mij wilden gaan snijden en had al twee speeches bedacht.
Eentje voor dokter, om hem of haar te overtuigen van absolute noodzaak tot langdurige algehele narcose, en eentje voor op sterfbed.
Verder was ik er heel rustig onder.
En wat bleek. Dokter nummer 1 keek in oor en liet de boel ook zo eens zien aan een coassistent mevrouw. Daarna ging hij een andere doktert halen. Die kwam, keek, en sprak de historische woorden: 'Het lijkt mij niet dat er weer in gesneden hoeft te worden.'
Nah. Ik stond op, pakte de man bij zijn haren, stak mijn tong in zijn mond en kleedde hem uit, zo in de spreekkamer zeg. Puur uit dankbaarheid.
Einde.
Hahahahahahahahahahhahahahahahaaaa.
Hállo. Zo leuk was ie niet heur.
Maar ik was wél heul blijde. En nogal opgelucht. En ik dacht, het was dus potdikke ook niet nodig geweest, om mij de vorige keer met zwaard, bijl en hakmes te bewerken. Maar, niet lang getreurd, glas is halfvol immersmet Chardonnay en zag het maar vooral positief in.
Er werd overlegd met een KNO arts, inzake de voortgang van de behandeling, en conclusie was uiteindelijk; nieuwe antibiotica kuur. Welja, de derde.
Maar, sprak de dokter heel olijk, dit keer een héle zware hoor.
Ja, ik vond de acht pillen per dag van de tweede kuur inderdaad al wel een beetje karig.
Kreeg recept voor pillen en creme en moet komende week voor vierde keer terugkomen.
De apotheek waar ik mijn recept inwisselde voor medicamenten, preparaten en de wondere balsem die mij zou moeten gaan helen, was uitgerust met een heuse robot, waar ik álles over hoorde van het meiske achter de balie. Ja, je steekt gerust nog wat op zo.
Verkwikt kwam ik later weer thuis, googelde direct even op bijwerkingen die ik volgens de ars 'wel zou krijgen' en zocht meteen maar even op hoe dat zit met wijn en medicijn. Ja, ik was nou toch bezig, immer.
Blijkt, het is niét de bedoeling om de tabletten op te lossen in alcoholische versnaperingen. Toch goed dat ze dat even erbij zetten. Maar een kommetje wijn moet kunnen, tijdens de kuur.
Eind goed al goed, zo dacht ik. Maar ben nog steeds doof en pijnlijk. Zie het desalniettemin zonnig in, oorsgewijs. En ga volgende week gewoon lekker weer naar ziekenhuis, voor Deel 9.
Kom tegenwoordig bepaald vaak in ziekenhuis, twijfelachtige situatie, als je het mij vraagt. Ik kreeg bijna de neiging om gezellig wat koekjes mee te nemen, in een picknickmandje of iets. Deelde high fives uit met de receptie mensen en WhatsAppte mijn aankomst aan het meisje van de apotheek, zodat ze vast weer wat medicijn kon neerzetten.
Haha. Hahaha. Nee zeg.
Stond met angstige benen voor de draaideur en durfde eigenlijk niet naar binnen.
Verwachtte weer gruwelbezoek, messen, bloed, injecties en doktoren die in mij wilden gaan snijden en had al twee speeches bedacht.
Eentje voor dokter, om hem of haar te overtuigen van absolute noodzaak tot langdurige algehele narcose, en eentje voor op sterfbed.
Verder was ik er heel rustig onder.
En wat bleek. Dokter nummer 1 keek in oor en liet de boel ook zo eens zien aan een coassistent mevrouw. Daarna ging hij een andere doktert halen. Die kwam, keek, en sprak de historische woorden: 'Het lijkt mij niet dat er weer in gesneden hoeft te worden.'
Nah. Ik stond op, pakte de man bij zijn haren, stak mijn tong in zijn mond en kleedde hem uit, zo in de spreekkamer zeg. Puur uit dankbaarheid.
Einde.
Hahahahahahahahahahhahahahahahaaaa.
Hállo. Zo leuk was ie niet heur.
Maar ik was wél heul blijde. En nogal opgelucht. En ik dacht, het was dus potdikke ook niet nodig geweest, om mij de vorige keer met zwaard, bijl en hakmes te bewerken. Maar, niet lang getreurd, glas is halfvol immers
Er werd overlegd met een KNO arts, inzake de voortgang van de behandeling, en conclusie was uiteindelijk; nieuwe antibiotica kuur. Welja, de derde.
Maar, sprak de dokter heel olijk, dit keer een héle zware hoor.
Ja, ik vond de acht pillen per dag van de tweede kuur inderdaad al wel een beetje karig.
Kreeg recept voor pillen en creme en moet komende week voor vierde keer terugkomen.
De apotheek waar ik mijn recept inwisselde voor medicamenten, preparaten en de wondere balsem die mij zou moeten gaan helen, was uitgerust met een heuse robot, waar ik álles over hoorde van het meiske achter de balie. Ja, je steekt gerust nog wat op zo.
Verkwikt kwam ik later weer thuis, googelde direct even op bijwerkingen die ik volgens de ars 'wel zou krijgen' en zocht meteen maar even op hoe dat zit met wijn en medicijn. Ja, ik was nou toch bezig, immer.
Blijkt, het is niét de bedoeling om de tabletten op te lossen in alcoholische versnaperingen. Toch goed dat ze dat even erbij zetten. Maar een kommetje wijn moet kunnen, tijdens de kuur.
Eind goed al goed, zo dacht ik. Maar ben nog steeds doof en pijnlijk. Zie het desalniettemin zonnig in, oorsgewijs. En ga volgende week gewoon lekker weer naar ziekenhuis, voor Deel 9.
Abonneren op:
Posts (Atom)