zondag 31 december 2017

Poepen in de disco

Het was een memorabel weekend. Er was namelijk een uitje gaande. Een uitstapje voor Vriendin1, 2, Zuske en ik. De tocht ging naar Vriendin3 die net Baby2 heeft gekregen, en aansluitend zouden wij een stad verderop gaan om te kletsen, eten, en misschien ook wel een kommetje wijn te drinken met elkander.
Vriendin1 en ik hadden, vanwege wat kleine onenigheidjes en misschien wat geschreeuw en ook wat over en weer gedrein en gezanik, een tijdje geen contact gehad.
Een jaar of twee.
We bleven wel van elkaar op de hoogte hoor, door Vriendin2 en Zuske, dus er was feitelijks niks wat we niet van elkaar wisten zo door de tijd heen. Maar gewoon elkaar een kus geven en weer elkaars nagellak lenen, nee, dat gebeurde toch niet.
Totdat er een kindeke op aard kwam. Zeg maar.
Want Vriendin3 kan er ook allemaal niks aan doen en worp zo haar Dochter ter aarde en natuurlijk moesten we er allemaal heen. Ze woont in een stad hier ver vandaan. En zo werd er een hotel geboekt en deden Vriendin1 en ik gewoon toch beiden water bij de wijn en besloten gewoon maar weer te lachen om elkaars grappen en dat ging uitstekend.
Sterker nog, ik heb drie leggings versleten door al het lachen.

De trip nam plaats in een gruwelijk lelijke auto, die echt helemaal niks deed voor ons imago. Elke keer dat we iemand inhaalden moesten we bbukken, teneinde niet per ongeluk herkend te worden. Wij zijn veel te knap om in zulks een vervoersmiddel gezien te worden. Vonden wij.

De heenreis verliep soepel. Voor ons doen dan. Er was een klein akkefietje met ruitenwisservloeistof, we raakten de auto kwijt en reden drie keer dezelfde afslag voorbij, maar toen kwamen we aan hoor. Vriendin3 was stralend, haar Zoon om op te vreten, haar Verkering de liefste en dan Dochter1....och. Het kleine baby meisje, met haar mondje en haar handjes en haar piepkleine voetjes. We kregen een heel fijne lunch, we lachten heel hard, waar baby niet eens van schrok, dus ze is meteen 1 van ons, en ik maakte een tocht door de keukenjungle met de zoon des huizes. Het begon als een malle te sneeuwen en toen moesten we maar weer eens gaan. Twee van ons vielen bijna van een trapje, maar uiteindelijk zaten we weer in de auto en gingen we naar de volgende stad. Nijmegen de geeeeeksteeeee zo bolderden wij en nadat we na maar een paar kleine hindernisjes bij het hotel kwamen, zat de stemming er nog steeds goed in hoor.

Er was een appartement voor ons klaar. Er stonden fleskes wijn klaar en iedereen was ontzettend aardig. We ontdekten de mini bar, we trokken lootjes wie in het bed mocht en wie op de slaapbank, trokken nog een keer of drie de lootjes tot iedereen een slaapplek had, dronken onze gratis wijn, smeerden make up op en gingen de stad in.
Na vier meter lopen zagen wij een kroeg naar onze gading, maakten vrienden met de barman en bestelden ons maar eens een fleske als aperitiefje.
Er werd gerookt, we bestelden nog wat, vroegen naar een leuk restaurant, en tot ons grote plezier was dat naast de kroeg. Houden wij van.
In het restaurant besloten wij tot de aanschaf van een fleske wijn, hadden een langdurig gesprek met een merkwaardige ober, bestelden een grote diversiteit aan gerechten en, vooruit, nog maar een fleske.
Het eten was meer dan lekker, de ober werd allengs vreemder en de wijn smaakte prima zeg.
Nadat we een koffie hadden gedronken, besloten we dat het toch waarlijk wel tijd werd voor een biertje zo langzamerhand, en we wilden disco dansen ook nog.
Eenmaal buiten werd besloten tot een avondwandeling, en wij doorkruisten de stad, zagen heel veel winkels waar we de volgende dag heen zouden gaan en we verdwaalden bijna. Gelukkig was er een kroegje, en daar was ook een biertje te verkrijgen. Aldaar vroegen we aan de barmannen waar we dan toch zouden kunnen dansen? En dat bleek te kunnen in ons restaurant, waar de tafels opzij zouden worden gezet. Nah! Opgewekt togen wij weer die kant op, en ontwaarden dan wel een paar tafels aan de zijkant, maar niks nie dansende mensen. Dus weer naar het buur-cafe, waar we een bonnetje openden aan de bar, een aantal biertjes dronken en waar Zuske en ik besloten dat we iets teveel hadden gegeten. Helaas hoefden we niet te poepen, wat allicht zou helpen.
Vriendin2 had daar helemaal geen last van hoor. Zij poepte de ganse dag en avond of het een lieve lust was, waar we wat psychologie tegenaan gooiden, maar het uiteindelijk maar hielden op gezonde darm flora.

Vriendin1 vond het tijd voor de bedstede. Het was half tien. Wij lachten haar uit.
Vriendin2 vond het tijd voor een glaasje water. Nu vooruit, dat mocht.
Zuske en ik vonden het tijd voor de disco. En daar gingen we dus maar weer heen. Weer een deurtje verderop.

Vriendin1 was opeens verdwenen, dus ging de rest van ons maar even roken. Je moet toch wat.
Na geruime tijd gingen we toch maar naar binnen waar voornoemde vriendin gewoon braaf stond te wachten met een paar biertjes. Evenwel was er nog steeds niet écht disco gaande, dus gingen we maar weer verder met kletsen ondertussen hupsten we maar een beetje heen en weer. En er werd weer gepoept. In de disco. Wel in de wc hoor, zo zijn we dan ook wel weer. Toen we ontdekten dat er van ons gewenste disco-dansen weinig terecht aan het komen was, namen wij de beslissing om terug te gaan naar ons appartement en de mini bar.
Eenmaal daar voelden we ons enorm thuis, dus we zetten een muziekje aan, we trokken wat fleskes open en ontdekten een schaal met zakjes chips. Vriendin2 besloot op de salontafel te gaan staan, die met een heus kabaal omkiepte, inclusief alle decoratieve glazen vaasjes die erop stonden en dat vonden we natuurlijk hilarisch.
Ik kreeg ineens erge last van mijn heup blessure die ik de dag ervoor had opgelopen, omdat ik op het oxboard van Zoon2 had gespeeld, en ietwat onfortuinlijk was afgestapt en Zuske vond het tijd voor een rondje diepzinnige vragen. In het kader van de wederopbouw van de vriendschap en alles, waarvan niemand meer wist dat er ooit een kink in de kabel had gezeten.
Vooral niet nadat we nog maar weer eens door de gang naar de mini bar waren gelopen.

Verder was het al met al een ontzettend volwassen aangelegenheid allemaal. Ik had namelijk mijn verstandige jas aan. 32 38 moest ik daar voor worden, om niet meer in weer en wind in een leuk klein jasje te lopen, desnoods met een hippe muts op, maar geenszins echt bestand tegen welke omstandigheid dan ook, laat staan eventuele regen, wind of andere onverkwikkelijkheden.
Echter, sinds ik de Kapitein aan mijn zijde heb, heb ik ook een deugdelijke jas. Mijn Zuske vertelt het aan iedereen: Hahha kijk, daar is Zus, MET HAAR VERSTANDIGE JAS! De meeste mensen reageren daar niet perse heel enthousiast op. Maar die kennen mij natuurlijk ook niet al sinds jaar en dag in winterse omstandigheden met dode vingers, blauwe lippen en afgestorven romp.

Vriendin2 werd heel enthousiast over mijn jas, want zij is zelf wel een type van wandelschoenen en zo, en Vriendin1 wilde me meteen meenemen naar een outdoor winkel, omdat ik, in mijn jas, serieus genomen zou worden. Voor de aankoop van bijvoorbeeld een waterdichte handdoek of zo iets. Of wat je dan ook koopt als je zo'n winkel in gaat.

Wat we ook ontzettend volwassen vonden, is dat we het halve litertje rode wijn dat we gratisj hadden gekregen bij aankomst, niet eens hebben opgedronken, maar in plaats daarvan op onze sokken naar de bar zijn gelopen om witte wijn te halen. Wijsheid komt dus echt met de jaren.

We werden wakker uiteindelijk, en kregen de koffie machine niet aan de praat. De cappuccino cupjes gaven een soort van witte fledder, de koffie was helegaar geen koffie en Zuske werd bepaald onpasselijk omdat haar koffie chocolademelk bleek te zijn.
Desalniettemin viel er weer genoeg te lachen. Vooral nadat we ontdekten wat we allemaal op de mini-bar-lijst moesten invullen. Dat was gewoon een kwestie van tellen wat er op het aanrecht stond. Nou dat viel niet mee hoor. Het tellen, én de som.

Dientengevolge, moesten wij dus mét lijst ons uitchecken bij de balie van het hotel. De man van het hotel vond ons dus wel duidelijk heel leuke gasten, want hij zei: Leuk gehad, dames?
JAAAA! Wat een leuk hotel! Brulden wij. En stopten onze tassen vol met gratis appels en folders.
Ook de lelijke auto stond weer voor ons klaar.
Op de terugweg namen we allemaal een Big Mac. En Vriendin2 niet. Zij braakte bij het idee en nam een cappuccino.
En ik had het jaar niet anders willen eindigen.

vrijdag 22 december 2017

Een net blouseje en de andere nuance.

Een net blouseje, dat moest t kind aan natuurlijk, Zoon2. Naar het kerstdiner op school. Zulks bleek ik niet in huis te hebben, dus moest er gisteren nog even naar het huis van Echtgenoot1 worden gegaan. Dit nadat ik samen met De Kapitein naar de bouwmarkt ging, omdat mijn bed aan het instorten was geslagen. Het bed dat eerder ook al voor een deel ineens los klapte, en ook met attributen van de bouwmarkt weer in elkaar was gezet door de man. Dientengevolge heb ik nu buiten een hamer en wat spijkers, ook helemaal zelf wat schroeven en een heuse schroevendraaier in huis. Dit alles in een knus tasje. De Gereedschaps Tas. Het wordt nog wat met mij zeg.
Evenwel was het bed nu aan de andere kant ingestort. Dit heeft waarschijnlijk alles te maken met het feit dat het een Zweeds Warenhuis meubel betreft, in combinatie met mijn overmatige frequentie aan verhuizingen in de afgelopen jaren. Dit alles is niet alleen niet goed voor de toestand van de mens, maar ook niet voor het welzijn van sommige soorten meubilair, zo blijkt.

Bij dit alles ging Zoon2 gezellig mee, want was maar weer eens vrij van school. De afgelopen weken is het staking, studiedag en zomaar-vrij wat de klok slaat hier op het schooltje. Natuurlijk kom ik achter zulke dingen pas op het laatste moment, dus raakte de laatste tijd meer dan eens in een paniekerige staat, omdat ik gewoon dacht te gaan werken, en ineens met een Zoon zat, die ik op school had bedacht. Gelukkig zijn er lieve collega's die me konden helpen, dus hoefde ik het kind niet moederziel alleen op het landgoed achter te laten.

In het kader van werk en dinges en dat ik de afgelopen jaren mijn punten qua schoolouderhulp wel gehaald had, vond ik zelf, had ik me dit jaar helemaal nergens voor opgegeven. Geen versiering, geen worstjes in bladerdeeg, geen fruitspiesjes en geen serveren in de klas in een glitterjurk. Wel zo rustig even, dacht ik. Echter ontkom je er toch niet helemaal aan natuurlijk. Zo bedacht ik me op de valreep dat ik eigenlijk elk jaar een aardigheidje aan de juffen doe toekomen. Een kerstpresentje, een kleinigheidje, een troepje. Fluks zocht ik in mijn kastje, waarin ik dingen en spullen bewaar. En vond zowaar een aantal dingen en spullen, die ik heel creatief, al zeg ik het zelf, bij elkaar flatste, en zo opeens een aantal KERSTBOOMORNAMENTEN maakte ja. Zoon2 was in zijn nopjes, en ik eigenlijk ook zeg.
Het viel me nog mee van mezelf, vooral in het licht van deze week, waarin ik mezelf heeeeeeel erg druk vind. Ja maar echt hee. Echtgenoot1 is op vakantie met zijn Verkering1 en zodoende heb ik de Zonen én Hond1 extra in huis, op mijn werk ben ik vet druk met het maken van kerstboompjes in de cappuccino en thuis stapelt de was zich, as we speak, enorm op. Laat staan dat ik bezig ben met het voorbereiden van een kerstdis, een ontbijt, een brunch of een andersoortig stemmig samenzijn. Met kerst ga ik werken. En ergens op de tweede dag ga ik met de Zonen eten bij de Ouders. De Kapitein is niet aan mijn zijde, de Zonen zijn bij andere familie, ik vind het allemaal wel prima.
Natuurlijk was er deze week wel een avond met de meisjes. Zuske en ik verheugden ons op een fijne bijpraat met Vriendin2 en wat kommetjes wijn.
Hatsa, kwam daar Vriendin2 aanzeilen, met een verdacht ogende tas. Verdacht, omdat hij niet rinkelde van fleskes wijn, nee hij ritselde. En knisperde.
En klingelde een weinig bovendien.
Wat bleek.
Zij had zich dus wél opgegeven. Op school. Om namelijk menukaarten te maken voor de klas van haar Dochter1. En toevallig moesten die net af zijn, de ochtend na de borrelavond bij mij thuis.
Welnu! Knippen en plakken hoor! Wij vermaakten ons eigenlijk opperbest zeg, wij waren ook helemaal fanatiek en alles en bedachten plannen voor een eigen knutselclub, en we deden lijm op kwasten en we knipten kerstballen of het een lieve lust was.
Bijkomend voordeel was dat we aanzienlijk minder kommetjes wijn dronken, omdat we zo druk doende waren, dan normaal. Het eindresultaat mocht er ook zijn hoor, dat moet gezegd. De gele en rode en roze snippers papier liggen hier nog steeds door het Nonnenhuis verspreid, want stofzuigen komt er ook niet echt van, maar hállo wat hadden de kleuters een mooie menukaart binnen drie minuten onder de tomatensoep gesmeerd.

Voorts kwam Zoon1 thuis met een rapport waarvan de tranen me in de ogen sprongen, zo prachtig. Opa en oma zullen ook wel een traantje laten denk ik, dat er toch nog iets van hun eigen dochter1 zo goed terecht aan het komen is. Hij straalt immers zijn succes op mij af, zo zie ik dat wel hoor. Ik zal allicht binnenkort een eenhoorn met een regenboog in de koffie kunnen maken. Zoiets.
Ook zit het kind tegenwoordig op rugby. Vertrekt opgewekt in een schone outfit, komt volledig uitgeput en smerig terug en slaapt een gat in de volgende dag.

En over outfit gesproken ja, had Zoon2 dus gisteren inderdaad zijn mooie blouseje aan. Naar het kerstdiner. Was het eerst nog nodig dat ik hem moest overtuigen van het feit dat hij niet in zijn gescheurde broek en vlekkerige trui mocht gaan, eenmaal het witte gestreken overhemdje aan (ik bleek de strijkbout mee te hebben verhuisd zeg!), zag hij opeens zelf de noodzaak van gekamde haartjes in, en kwam met een midden scheidinkje de badkamer uit. Ik kon wel janken zeg.
Hij zat naast zijn mattie aan de tafel in de klas, at tot zijn grote vreugde 'kleurrijke soep' en terwijl hij dat deed, dronken De Kapitein, een aantal lieve schoolmoeders, vaders, en ik, glühwein op het schoolplein.
De soep kwam er vervolgens inderdaad zeer kleurrijk uit, in het holst van de nacht, in het midden van zijn bed.
En zo gaan we de kerstvakantie in.
Weer een einde van een jaar, die dit jaar bepaald een andere nuance heeft, en een ander prospect dan de voorgaande jaren. Fris als het blouseje van Zoon2, hoopgevend, zoals het rapport van Zoon1, aanbiddelijk, zoals zij nu eenmaal zijn, kostelijk, zoals mijn cappuccino, liefdevol en elementair met de Vriendinnen, meer dan genoeglijk met Echtgenoot1 en diens lieftallige Verkering en dat alles bij elkaar, met De Kapitein.













vrijdag 15 december 2017

Het bos en de muzische boom

Het leven hier in het bos in het Nonnenhuisje is leuk, die conclusie kan ik zeker trekken, zo na een half jaar. De zomer was mooi, het bos weelderig, het gras groen en de kommetjes wijn koud.
De herfst was kleurrijk, het bos werd oranje en het gras werd geplet, omdat Zoon2 met zijn step per dag veertig keer op en neer ging. En zijn vriendjes ook. De Kapitein kwam, zag en overwon, het hart was warmer dan ooit en de kommetjes wijn immer koud. De verwarming ging omhoog en de kaarsjes langzaam aan.
De winter begon en het bos werd wit, het gras onbegaanbaar, het paadje onzichtbaar en ik stapte de deur uit, en stond tot aan mijn knietjes in de sneeuw.

De verwarming ging stuk, de douche was koud, het bos kraakte van alle sneeuw, maar binnen was het dus ijskoud, nondenju warm onder een dekentje.

Sinterklaas was met alle hysterie voorbij, Zoon1 werd twaalf en het werd dus evenwel, volgens traditie, tijd voor de kerstboom.

Vanaf dat ik weer alleen woon, sinds een paar jaar, zie ik dat soort dingen als een enorm ding. Dat ik dus zelf wel even regel. Net als alles feitelijk, maar toch zijn er bepaalde ijkpunten. Dat is koken voor mezelf. Dat is het zelfstandig regelen van feestelijkheden zoals verjaardagen, dat zijn de dingen zoals helemaal zelf een lamp vervangen (met het juiste formaat fitting), met een hamer spijkers in de muur slaan, een eigen Netflix abonnement hebben en de koelkast schoonmaken. Ook al ben ik de enige die dat ziet.
En ook een kerstboom kopen, neerzetten, versieren en dus heel volwassen kerst-achtig zijn. Net als mijn ouders vroeger. Of vroeger toen ik een volledig gezin had, omdat je dat soort dingen dan doet.

Aldus toog ik naar de plaatselijke kerstbomenverkopert. Toen ik nog in mijn andere huis woonde, keek ik twee jaar lang de man heel vrindelijk aan, probeerde iets rondborstigs in mijn stem te leggen en deed feitelijk verder gewoon nogal onbenullig, wat resulteerde in dat hij die twee jaar mijn vers aangeschafte boom twee trappen op tilde en tot in mijn woonkamer bracht.
Wat scheelde was natuurlijk dat ik een paar meter verderop woonde.

Het Landgoed echter, waar ik nu huis, is iets verder weg. En ook al kan ik best heel charmant zijn als ik wil, ik voorzag natuurlijk al dat het dit jaar op mezelf aan zou komen. Dus nam ik mijn fiets ter hand en oefende alsnog op mijn lieftalligste uitdrukking. Komt altijd wel van pas immers.

Nadat ik was bijgekomen van mijn flauwte, bij het aanzien van de huidige prijzen van de, oh, dennenboom, koos ik er eentje uit die mij redelijk geschikt leek. En die ik nog kon betalen en dan misschien ook nog een boterhammetje voor de Zonen zou kunnen kopen. Er zat iets van een pot onder ook nog, wat mij heel deugdelijk toekwam, en ik wilde na het pinnen, fluks mijn nieuwe boom optillen en huiswaarts fietsen.
Nou dat ging dus zomaar niet hoor. Looooodzwaar dat ding. Zo zag hij er helemaal niet uit, maar kan ook aan mij liggen natuurlijk, kerstboom-inschattings-gewijs.
Desalniettemin, was mijn charme oefening niet voor niks geweest, en mijn toneellessen uit 1995 ook niet, want ik voerde daar, al zeg ik het zelf, een zeer mooi stukje op, als zijnde een compleet hulpeloos iemand, in de regen, op de fiets, met een tas met boodschappen, een verregend kapsel en een gebroken nagel. En dan óók nog die kerstboom...zo keek ik weifelend in de einder.
Hopsa, zo tilde de meneer de boom van de grond en vroeg waar ik dan heen moest, en was ik met de auto? Toen bleek dat het antwoord was, dat het niet om de hoek was en ook nog eens, neen, met de fiets, toen zag ik bepaald wel aan hem dat hij het ook even niet zo goed wist allemaal.
Hij stond er echt een beetje zielig bij, met mijn boom in zijn handjes. Dus ik besloot dat het maar weer over was met de onzin en wees hem mijn barrelige fiets, en vertelde hem dat ik het echt suuuuuperfijn zou vinden als hij het ding even achterop zou zetten, dan zou ik me wel redden ja.

En zo geschiedde. Ik zeulde mijn nieuwe boom het halve dorp door, lopend, want van fietsen was geen sprake meer. Eenmaal thuis aangekomen, brulde ik naar Zoon1 om hulp, die helemaal niet onder de indruk was mijn haar vol dennennaalden en doorgelopen mascara. De boom kwam mijn huis in, liet een spoor van ellende achter op de vloer, en ik verschoof mijn ganse inrichting om plek te maken. Toen hij eenmaal stond, vond Zoon2 er weer wat van.
'Hij komt niet echt goed uit zo he, mamma, vind je ook niet?' Zo vond het kind.
Waarop ik besloot een complete stoel uit mijn woonkamer te verwijderen, om plaats te maken. Ik probeerde diverse krukjes uit, om het ding op te zetten. Hij viel er twee keer vanaf, wat 'm denk ik niet veel goed heeft gedaan. Want nu hij eenmaal staat, compleet met lichtjes, rendieren, paddenstoelen, ballen, sterren, hartjes en kabouters, helt hij vervaarlijk naar voren. Er zijn al een paar dingen uitgevallen. En ik dacht dat hij misschien wel wat water wilde?
Dus ik ging heel moederlijk met een maatbeker in de weer, waardoor ik nu een hele natte vloer heb.
Gelukkig doet de verwarming het wél weer.

Nou lijkt zeker of alles op rolletjes loopt hier. Is ook wel zo hoor. Op mijn manier. Soort van.
Ik sta elke dag om half zes op. En nu kan ik mij levendig herinneren dat er tijden waren dat ik op dit tijdstip ook wakker was, om heel andere redenen. De reden is nu allicht een heel stuk deugdelijker. Netjes ga ik aan het werk. Zoon2 vindt daar heel wat van. 'Ik dacht dat mammma's altijd lief waren' zo slaat hij me om mijn oren. Als ik vertel dat ik inderdaad weer vroeg in de ochtend weg ben.
'Je bent er nooit. NOOIT!' Zo buldert en weent hij.
Als ik hem dan uitleg dat ik nu eenmaal moet werken om geld te verdienen, om ons huiske te betalen, en eten en zo, en toetjes en koekjes, zo probeer ik in zijn genre te blijven, dan legt hij mij uit, dat ik het net zo moet doen als zijn vader, Echtgenoot1. Die heeft namelijk gewoon een huis gekocht, en dan héb je die gewoon. Niks nie huur betalen elke maand, zo probeert hij zijn domme, afvallige moeder uit te leggen.
Op zo'n moment knuffel ik het kind maar extra, en probeer het nogmaals uit te leggen. Maar het is nooit goed voor het moederhart.
Als ik dan daarna in de armen van de Kapitein zucht, dat het toch soms allemaal een gedoe is, dan krijg ik een kommetje wijn en is alles weer goed.
Maar dan was ik Zoon1 vergeten. Die heeft het hele tafereel zo eens aangehoord en zegt dingen als: 'Moeder, doe eens chill. Het is gewoon part of the deal allemaal, doe niet zo spastisch.'
Waarna ik al helemaal in complete verwarring geraak en mijn zoon bekijk, die met zijn schoenmaat 40 door mijn huis stampt, werkelijk overal boeken en kleding neergooit, alleen maar series kijkt en af toe eens wat schoolboeken inziet, maar die straks weer met een tranen trekkend goed rapport thuiskomt. Met een tien voor muziek.

Wellicht is het het muzikale talent van zijn vader. Of is het het ruisende bos, waarin hij woont. De muzische boom, of de perceptibele liefde hier in huis.



maandag 13 november 2017

De slingers die hangen.

De slingers hangen nog hoor.
Een week geleden werd Zoon1 twaalf jaar. Twaalf ja.
Het kind zit op de middelbare school en ik kan hem totaal niet helpen met zijn huiswerk. Het is Latijn wat de klok slaat en wiskunde dingen waar geen touw aan vast te knopen is. Ook hoor ik dingen over een schoolfeest, over eerste- en laatste uren vrij en weet geen mens wat hij in de tussentijd doet. Eenmaal thuis zijn het appjes in de groep, wil hij een eigen laptop en gaat hij van kusjes-op-schoot naar slaande-deuren-en-ik-wil-een-andere-moeder.
Het zijn verwarrende tijden, kortom.
en mijn Zoon2 stept door het leven, met zijn matties en zijn zelfgemaakte lampion, waar hij Sint Maarten mee liep. De aandoenlijkheid van de geknutselde dingen op school, die heeft hij nog. Nog net. Hij slaapt nog in mijn bed en wil voorgelezen worden, maar aan de andere kant groeit ook hij onder mijn handen vandaan, wat vooral te merken is aan zijn broeken, en de pyjamaatjes die hij nauwelijks meer past.

Hij is groot genoeg om tot na het donker buiten te spelen, vindt hij zelf. Maar als ik moet werken in de ochtend en het is nog donker buiten, dan wil hij zijn mamma bij zich.
Hij heeft zijn voortanden verloren, die legt hij onder zijn kussen voor de tanden fee. Maar o wee als ik vind dat hij oud genoeg is om zelf in slaap te vallen.
Het is hard huilen als hij op zijn knie valt, maar een kusje van mamma is niet meer de remedie tegen alles. Als hij een glaasje prik mag wil hij cola, maar zijn appeltje moet het liefst nog in stukjes.
Kortom, verwarrende tijden, voor mij vooral

Dacht ik zelf uit de verwarrende tijden te zijn qua eigen leven... met het Nonnenhuis en aan t werk en mijn eigen rustieke bestaan en alles...werd ik ineens ontzettend verliefd zeg.
Ja hoor, wat een avondje Tinder toch kan doen. Je hebt er lol mee, je zweert het weer af, je hebt een date en je bent er weer goed zat van, tot je weer eens een avond alleen thuis zit met een kommetje wijn en de app, nondenju maar weer eens op je telefoon zet.
En daar was dan ineens Kapitein1.
Hij heeft een baard. En heel veel tatoeages. Ja, dat vind ik dus leuk.
En we gingen met elkaar appen en met elkaar afspreken en biertjes drinken en best wel zoenen en ik werd mij daar verliefd jonge... op een manier die ik na Huwelijk1 misschien niet meer verwacht had.
De Zonen vinden hem leuk en ik wil nooit meer zonder hem.
We schrijven elkaar lieve briefjes. We kijken vervelende televisie en we trekken bij thuiskomst een slonsbroek aan, en schenken kommetjes vol bier en wijn.
Veel gelukkiger krijg je me niet.

Vriendin2, Zuske en Buurvrouw1 komen wijntjes drinken, Vriendin3 staat op t punt van bevallen, op mijn werk heb ik net een nieuw contract gekregen en ik heb een koffie cursus gehad. Waardoor ik figuurtjes in de cappuccino kan maken die meer lijken op een hartje dan op een overleden nijlpaardje, snakkend naar adem in een bad van modder.
Het zijn de kleine dingen he.
Zoals ik van de week een paar Chinese heren als gast had. Die geen enkel woord Nederlands, Engels, of iets anders dan Chinees spraken. Ze dachten nog even dat als ze extra langzaam zouden praten, ik ineens wel zou begrijpen wat ze wilden, maar ook in het langzaams spreek ik geen Chinees. Na een periode van ongemakkelijke aanstaring, keek ik zo eens naar mijn collega die grinnikend mijn gedoe gadesloeg, en besloot ik het op te geven. Ik lachte zo eens vriendelijk, serveerde ze koffie en een paar broodjes en vond het eigenlijk wel welletjes.
Bij het afrekenen vond ik dat de enorme fooi een compliment was, alsmede de grote boer die ik in mijn oor kreeg. De Chinezen verlieten het pand zonder te groeten, maar ik vond het allemaal prima.
En daarom vind ik mijn werk zo leuk. Elke dag wat anders.

Net als mijn leev'n. Elke dag anders. Het is of alleen, of alleen met de kinderen, of alleen met Kapitein1 of met iedereen tesaam.
En misschien hangen daarom de slingers er nog wel. Want het is feestelijk hoor.
En het is vet irritant om dingen van het plafond te halen die er met veel moeite op zijn gehangen.

Wat een prachtig synoniem is voor alles eigenlijk. Laat lekker de slingers hangen, als het immers allemaal feestelijk is. Of als je gewoon geen zin hebt om ze weg te halen. Het is in elk geval vrolijk thuiskomen, en opgewekt vertrekken.

Ik denk dat ik voor het eerst in drie jaar tijd, oprecht kan zeggen dat alles goed is. En drie jaar staat, zover ik weet, voor Tarwe. Laat dat nou net in mijn kommetje wijn zitten. De slingers hangen al.






donderdag 17 augustus 2017

Nog anderhalve week. En ik lijk niet op pappa.

Nja, het werd weer zomervakantie. De regen slaat tegen de ramen, de vesten worden opgezocht en we eten ijsjes en we trekken zwembroeken aan.
Je zou van minder schizofreen worden.

Buiten het normale schema om, hebben de Echtgenoot en ik de vakanties verdeeld, met daarin dat we nooit langer dan twee weken weg gaan. Tenzij ik natuurlijk superrijk word en zes weken naar de andere kant van de zon ga. Maar dat zien we dan wel weer.
Aldus ging ik een week met de ouders, het Zuske en de Zonen naar Nunspeet, en was ik nog een week thuis met ze. En zijn zij dientengevolge afgelopen weekend met hun vader en zijn Verkering1 naar Italie vertrokken.

En ja, dat went. Stond ik drie jaar geleden nog brullend ze uit te zwaaien omdat ze een week naar Drenthe gingen. Dit jaar kuste ik ze gedag en wenste ze HEEL erg veel plezier de komende twee weken. Met droge ogen en alles.
Ik krijg foto's van sproetige gezichtjes en bruine beentjes.
Ze belden terwijl ze net 'aan de lunch bij het zwembad zaten'. En dat het volwassen deel van de familie redelijk brak was van de limoncello.
'Oh wat heerlijk schatjes!' "Mamma zit in de regen aan de koffie, maar GENIETEN HOOR JULLIE!' Deed ik superleuk.

En ik vind t echt heerlijk voor ze. Ik meen t ook echt. Ik heb niet gehuild dit jaar. Ik weet dat ze in goede handen zijn, en ik weet dat ze het heerlijk hebben. Wat wil een moeder nou nog meer.
En ja, onder mijn rokken natuurlijk. Veilig en fijn bij mij. Broccoli en schone haartjes.
Maar daar is het hele jaar nog voor.

En laten we wel zijn. Ik ben ook opeens twee weken 'vrij'.

Want twee weken de kinderen in je eentje, is heel anders dan gewoon twee kinderen in je gezin.

Vorige week kwam Zoon2 de badkamer binnen terwijl ik stond te douchen. Wonderwel zonder een sloot aan vriendjes. Meevaller.
'Hela, jij lijkt helemaal niet op pappa' meldde het kind mij terwijl hij het douchegordijn met een ruk opendeed en mij zo eens bekeek.

'Eh. Dank je?' Was mijn eerste reactie. Kijk, dat een kind dingen zegt, dat weet iedereen. De eerlijkheid van een kind he, hahhahahahhaha. Whatever

En nu was ik eigenlijk in de veronderstelling dat we het hele jongen-meisje verschil dinges wel een beetje gehad hadden. Blijkbaar was er nog wat onderwijzing nodig. Normaal zou ik alle piemel-gerelateerde onderwerpen fluks naar de man des huizes doorschuiven, maar ja, die is er dus even niet. Soms heb ik een verkering gaande, die zou ook nuttig kunnen zijn, maar dat is ook alweer niet meer, dus ik moest t maar even zelf oplossen.

Nu bleek het in dit geval vooral te gaan om mijn gebrek aan borsthaar, zo bleek bij nadere beschouwing. Welnu, daar kon ik best wat mee.
Mamma's hebben geen borsthaar, immers. Easy peasy gesprek, zo dacht ik terwijl ik mijn roze handdoek ter hand nam en mijn haarloze borst afdroogde.
Moet je net Zoon2 hebben.
En WAAROM dan niet. En zou hij het dan WEL krijgen, en HOEZO kon hij eigenlijk geen slokje melk meer bij mij drinken want hij had eigenlijk wel dorst?O
(Het gevolg van een ander naakt gesprek)

Ondertussen wilde Zoon1 nog even de feitelijkheden over het ontstaan van de wereld weten en was ik vergeten wijn te kopen.
Alleenstaand moederschap, ik was er even zat van.

Maar nu zijn ze dus weg. En ook echt weg. Niet 100 meter verderop.
En heb ik niemand in mijn bed. Geen man maar ook geen zoon. Geen moeilijke vragen maar ook geen zoon. Geen sap, brood en groente in huis. Als ik de kinderen heb, heb ik ook eten en alles. Voor mezelf denk ik daar niet aan.
Maar. Ik had wel een avond met het Zuske. En er was bier. Ik ga werken en daarna zie ik wel wat ik doe. Ik wandel over mijn landgoed en ik kijk uuuuuurenlang Netflix. Ik rook schandalig veel en ik dacht er heel even over om Tinder te installeren voor de 38e keer. Niet gedaan. Ik had een onverwacht leuk gesprek met iemand. Ik kan op een vrije dag echt uitslapen en ik hoef aan niemand te denken behalve mezelf.

En dat is dus heel fijn. Voor een paar dagen.
Nog anderhalve week.

bier, jazz, roken, kommetjes wijn, werk, afspraken en uitslapen. Je moet iets





woensdag 2 augustus 2017

Nunspeet, geen dokter en konijnen.

Nu, we zitten er weer hoor, in Nunspeet. De vorige keer dat ik hier was, moest ik naar de dokter. Vanwege omdat ik toen met mijn fiets van de roltrap was gevallen. Dat zal ik nooit vergeten. Vooral ook niet omdat het nog steeds een favoriet onderwerp van gesprek is bij mijn ganse familie. En niet omdat ze het zo'n akelig verhaal vinden voor mij. Vooral Zoon1 vindt het erg lollig om er voortdurend wat over te zeggen, bij elke glimp van een roltrap.

Evenwel ging de heenreis dit keer heel soepeltjes. Ik had geen fiets bij me, maar wel 5 koffers en tassen. Dit omdat de Zonen een dagje later zouden komen vanwege allemaal kampen waar ze op verbleven, en ik dus mijn handige helpertjes niet bij me had.
Maar wel al hun spullen.

Zuske en ik reisden met onze ouders. Heel knus en net als vroeger en alles. Broodjes mee, en hop in de trein met ons allen.
Ik had ook een open fles wijn meegenomen, want natuurlijk laat ik die niet staan verfledderen, nogal zonde he.
Dus ik trok om 10.00 des morgens de fles uit mijn tas en zei: 'Nou, proost op de vakantie he!'
Daar had ik me enorm op verheugd zeg, om dat te doen. Om het gezicht van mijn moeder te zien. HAHHAHAHAHAHAHAHAHAHHAA bolderde ik door de trein. Vond mezelf bijzonder geestig namelijk.
Vanzelfsprekend stopte ik fles weer netjes terug. We gingen immers op een familie vakantie, het geeft geen pas om dan maar meteen aan de wijn te gaan.of juist wel

Toen we er eenmaal waren, gingen Zuske en ik eerst onze gehuurde fietsen halen. Vlak daarvoor liep zij vol met haar gezicht tegen een fietsenstalling aan. Twee bulten op haar hoofd was het gevolg. Dat deed pijn zeg, dat zag ik wel. Fluks liep ik een winkeltje in en kocht een raket-ijsje om de zwelling tegen te gaan. Ja, je moet wat, als je niet thuis bent met een vriezer vol koel elementen vanwege ongelukken van de Zonen. Een ijsje helpt net zo goed hoor, zo bleek. Je ziet er niks meer van.
Eenmaal op het vakantiepark waar mijn ouders een huiske hebben, kregen Zuske en ik de sleutel van ons eigen huiske. Midden in het bos stond daar een houten onderkomen. Toen we binnen kwamen zagen we geen hand voor ogen. Het is een schattig huiske en er staat een tafel en er zijn stoelen en er zijn bedden en alles, maar je ziet het niet echt. Want aan licht doen ze hier gewoon niet zo.
Er zijn wel lampen, ze geven alleen bijster weinig licht. In het duister ontbijten we, in de donkerte kleden we ons aan en dat de mascara op onze wimpers zit, dat is gewoon jarenlange ervaring. Komen we dan na de koffie bij de ouders in hun huiske, dan zien we eigenlijk pas wat we aanhebben en of de Zonen een beetje aangekleed zijn.
Das trouwens ook nog een gelukje, want toen we net aankwamen, rook het vreemd.
'Gut, wat ruikt het hier vreemd' deden wij. Maar ja, je weet niet he, je zit toch ergens anders en alles.
Na een uur dachten we wel nog steeds, van 'nou, toch een eigenaardig luchtje hangt hier hoor hee'.
Bleek het gas aan te staan zeg.
Dat we niet tot ontploffing zijn gekomen is een wonder. Vooral omdat het Zuske en ik nogal graag plachten een sigaretje op te steken, als het ons zo uitkomt.
Maar geen paniek, ramen open en na een paar uur ademden wij weer frisse boslucht in.

De volgende dag was er een Zomer Markt hier op het terrein. Nu, als ik toch ergens van houd, is het wel een fijne braderie, of markt. Zeker in plaatsen zoals deze.
Ik kocht mij een Flamingo broek, poffertjes voor de Zonen en ik keek zo eens bij een kraam met allerhande snuisterijen. Zoon1 stond belangstellend te kijken naar een paar kabeltjes en dingen voor telefoons en zo, en een bak met kleine pistooltjes, van het formaat en de allure van kermis-souvenirs. Dat vinden jongens leuk he. Dus ik veinsde ook belangstelling en pakte er eentje op.
KLABAAAAMMMMM kreeg ik me daar een schok! Echt niet normaal. Ik krijste een soort van vloek, gooide het ellendige ding een paar meter de lucht in en zei iets heel onaardigs tegen de mevrouw achter de kraam.
Zoon1 raapte het ding weer op, keek angstig naar mij en ik keek zeer verongelijkt naar de mevrouw.
'Er staat een waarschuwing op hoooooooor' zo meldde het mens mij. (Zij bedoelde een piepklein stickertje op het door haar ter verkoop aangeboden illegale speelgoed, een stickertje met een doodshoofd, wat je pas aan de hemelpoort weer kunt lezen met je door God nieuw gegeven ogen, zoiets)
'NONDENJU! Wat is dat voor belachelijks??' Brulde ik. En stampte weg. Met Zoon1 in mijn kielzog, die alleen maar zei: 'Gaat het mamma?'
Dat schaap.

Zuske en Zoon2 stonden ons verbijsterd aan te kijken. Eerst loop je knus rond op een braderie, vervolgens is er geschreeuw en gedoe. Je zou van minder schrikken immers.

Gelukkig was het alweer ongeveer borreltijd. Dat is toch altijd weer een fijne terugkerende zekerheid.

Voorts was er vandaag een fietstocht. Want we gingen Het Verscholen Dorp bezoeken. Want ja, hier in de bossen op de Veluwe, was in de Tweede Wereld oorlog een heel gedoe gaande, met hutjes onder de grond en dinges. Ik vind dat soort dingen interessant en de rest van de familie ook, dus wij gingen op pad. Een klein stukje fietsen maar hoor.
Uuuuuren waren we onderweg zeg. Behoorlijk verscholen, dat dorp, als je het mij vraagt.
En een behoorlijke flashback naar mijn jeugd. 'Ja Zonen, zo ging dat vroeger dus altijd met mij he. Toen ik zo oud was als jullie.' Onderwees ik de kinderen. Altijd fietstochten.
'ALTIJD?' Was Zoon2 in afschuw terwijl hij achterop zat en Zoon1 fietste dapper door.
Natuurlijk fietsten wij om. Er was ook nergens een knusse uitspanning te bekennen en wij moesten maar drie keer omkeren.
Het Verscholen Dorp was interessant hoor, toen we het vonden. Heus wel.

Toen we eenmaal weer bij mijn moeder waren, die thuis was gebleven, was het einde middag.
Zoon2 wilde wel Hond2 uitlaten.

'Neeeeee' vond Oma. 'Nu gaan ook ongeveer de konijntjes eten, en dan zal Hond2 ze storen bij het eten.' En zij keek hierbij ter illustratie op haar horloge.
Er viel een oorverdovende stilte.
Mijn Vader, Zoon1, Zuske en ik keken in totale verbijstering naar Oma.
Zoon2 vond het vooralsnog een logisch verhaal.

'HAHAHHAHAHAHAHAHAHAHAHAHAHHAHAHAHAHAHHA' Deden Zuske en ik.
'Welja, moeder het konijn is net de tafel aan het dekken zeg' deed mijn vader een duit in het zakje.
'Hup konijnkinderen, even handen wassen, etenstijd!' Was Zoon1 ook lollig.

Zuske en ik bleven er bijna in.
Zoon2 wilde meteen op Google opzoeken hoe laat de konijntjes dan precies gaan eten. Dat wilde hij met eigen ogen zien, en terecht.

Gelukkig was het alweer borreltijd.

Morgen wordt er op een pony gereden. De pony heet Henkie.
Er wordt ook naar een museum gegaan. En we doen boodschappen bij de plaatselijke supermarkt. We doen aan badminton en we gooien vleesch op de barbecue. We slapen als een malle, want boslucht en zo en vooralsnog is er nog niemand naar de dokter geweest.
Nunspeet baby!


donderdag 22 juni 2017

Naar links of rechts. Als er maar een hartje in zit.

' En nu gaan we naar links, mijn engel, links! '
Zo riep ik over mijn schouder naar Zoon2 die ongeveer naast me fietste. We kwamen net van het huis van mijn ouders, die momenteel in hun vakantiehuis vertoeven, en wij gingen even de kat eten geven en de tuin begieteren. En wij fietsten weer terug naar Het Dorp.
'Jahaaaaa, dat weet ik' zei het kind op een toon die duidelijk maakte dat ik natuurlijk weer super irritant was.
En hij sloeg heel olijk naar rechts af.
'Zoooohoooon! LINKS dus!' Riep ik aldus.
En het was vervolgens mijn schuld dat hij verkeerd fietste, want ik had het immers niet duidelijk gezegd.

Ik schikte me maar, zei niks, verbeterde niks en bedacht me dat de tijd van 'ja mammie' toch wel voorbij is.
Behalve natuurlijk als ik vraag of het nageslacht een ijsje wil. Dan is het altijd 'ja mamma' en kijk ik vergenoegd hoe de jongens hun ijs eten, en kan daarna uit alle krochten van mijn Nonnenhuis de ijsstokjes gaan opzoeken.

Het Nonnenhuis is mij daar een succes trouwens hee! Echt hoor, ik zou niet beter kunnen zitten. Ik ben zeer gelukkig met mijn nieuwe huiske en ik wil eigenlijk nooit meer weg.
Echtgenoot1 zei tegen mij: Je kunt hier oud worden.
Met in gedachten dat ik hier maximaal twee jaar kan wonen, was dat weer een minder leuke opmerking, maar ik ga er maar vanuit dat de man het ook positief bedoelde. Buiten dat zei hij het op het moment dat we fiks aan het bier zaten, na de avondvierdaagse. Want natuurlijk was die er ook weer. Elk jaar overvallen mij dat soort activiteiten weer hoor.
In een soort automatische modus vul ik strookjes in en doe ik geld in enveloppen, maar op een of andere manier weigeren mijn hersenen dan om te registreren dat er ook daadwerkelijk gelopen moet worden de week erna.
Het geluk trof mij dat ik drie van de vier dagen voor mijn rekening kon nemen.
Even vergeten vast te leggen bij de rechter. Co ouderschap en dinges

Op de eerste dag, dat de jongens met hun vader de paden op en de lanen in gingen, zat ik dan ook bij mijn Trainer1 aan een kommetje wijn op zijn dakterras en dacht precies 1 hele seconde aan de wandeling van 5.4 kilometer. Meer niet hoor.
Dag 2 liep ik mee. Serveerde het diner op het christelijke tijdstip van 17.00 uur, deed de rugzakjes vol met zorgvuldig gemaakte zakjes snoep, water en pakjes drinken en verheugde me op een flinke wandeling met Vriendin2, want haar Zoon2 loopt ook mee.
Komt ze met het nieuws dat ze niet meeloopt want er was iets anders gaande in haar leven.
Nou kan dat allemaal wel zijn, maar NONDENJU!
Uiteindelijk was het allemaal reuze gezellig en prima en had ik leuke gesprekken met andere moeders en vaders. Welja, ik pas me wel aan hoor.
Zag natuurlijk niks van de Zonen die alleen maar met hun vrinden liepen en helemaal aan het eind zeiden: 'Oh hier ben ik hoor, ik zou nog even gedag zeggen ondertussen he.'
'Oh hai schatjes' was alles wat ik te zeggen had.
En krijg ze daarna maar eens naar bed.

Dag3 liep mijn Zuske mee, wat natuurlijk reuze gezellig was. Vooral ook omdat Vriendin2 weer niet mee kon lopen, maar gelukkig daarna wel tijd had voor een kommetje wijn of 6,7 op mijn landgoed.
De laatste dag was natuurlijk feestelijk met in gedachten de medaille en het ijsje en de borrel die zou worden geserveerd. Echtgenoot1 en zijn Verkering1 kwamen bij mij nog even een drankje doen. Ik woon naast de school, dus reuze handig. Aangezien ik niet perse gerekend had op zoveel gezelligheid, schonken Verkering1 en ik alvast mijn laatste wijn uit en stuurden de man op pad voor nog wat verversingen. Hoef ik u niet te vertellen dat dat een klein beetje laat werd en alles.
Nu had ik mij de hele week werkelijk letterlijk in het zweet gewerkt, dus een beetje ontspanning had ik wel verdiend, zo dunkte mij.
Ja het is wat met mij, ik werk me ongans zeg.
En nu stond ik in Amsterdam wel achter de bar, wat ik nu doe is Horeca op een heel andere manier zeg hee. Ik ren mij benen uit lijf zeg. En ik moet steeds maar vriendelijk doen en alles. Kan ik, hoor. Maar het is heel anders omgaan met mensen die gewoon lekker cappuccino willen op het terras, dan 14 dronken mannen die 28 bier bestellen. Maar ik oefen op het hartje in de koffie. Kijk een biertje tappen kan ik wel. Maar een dansend appeltje in de koffie, dat is mijn volgende doel.

En dan te bedenken dat ik mezelf altijd toch weer op kantoor zag. Dat gaat m niet meer worden hoor. Niet op die manier.
Hoewel daar ook goede dingen aan zitten. De werktijden bijvoorbeeld. Ik sta potdikke nu dagelijks om half zes naast mijn bed. Maar ben wel weer op tijd om de jongens uit school te halen. En zo vinden wij onze weg wel weer. Naar links of rechts, als we maar gaan he.