zondag 19 januari 2014

De stinkende bende van vandaag.

Echtgenoot rúikt altijd van alles. Die heeft nul mening over het ganse huishouden bijvoorbeeld, maar kan zich ineens mateloos ergeren aan het doekje op het aanrecht dat hij ineens beticht van 'mufheid'. Ik schud dan altijd maar een beetje met mijn hoofd. Wat moet je anders.

Als er echter iets écht aan het rotten is, dan heeft de man daar heul geen last van.

Zoon1 en ik wel. Wij ruiken altijd niks van waar Echtgenoot last van heeft, of lekker vindt, maar wel heel andere dingen. Het scheetje van Zoon2. Hond1. ('Mmm lekker ruikt Hond1', zegt Zoon2 elke dag. Terwijl wij met een boog om het beest heen lopen.)Zoon1 weet wanneer ik een nieuw parfum heb. Wanneer zijn broertje deodorant in zijn haar heeft gespoten, wat ik aan het koken ben.
Wij worden altijd helemaal niet goed van kots, van poep en van snot. Daar heeft Zoon2 beduidend minder last van. Echtgenoot ziet zulks ook niet als zijn lievelings, maar kan het wel opruimen zonder zelf ook te gaan braken.

Mijn moeder zegt zelf, 'niet zo goed te kunnen ruiken' maar heeft het voor een geur-onbewust iemand, heel raar vaak over luchtjes, viezigheid en smeersel en vuns.

Zuske en ik werden daar vroeger al niet goed van. Nog steeds niet hoor, maar we zijn het soort van gewend. En ons' moederke is verder nogal leuk en lief he, dat helpt nogal.

Mijne moeder zegt dingen als: 'Kijk, de hond vindt de baby lief. Komt omdat 'ie de luier ruikt. Houden hondjes van.'

Waarop het ganse gezin misselijk wordt.

Verder nog:' Ah kijk. Hij is verkouden. Maar het gaat al over. Het is RIJPE SNOT.'

Ook hier worden er dan braakbakjes tevoorschijn gehaald.

En als klap op vuurpijl: ' Ik had vroeger een vriendin, die kroop altijd heel vroeg tussen de zure lappen. ZURE LAPPEN.'

Op dit moment rennen Zuske en ik naar de wc of een anderszins geschikte plek om over je nek te gaan, sluiten Echtgenoot en mijn vader getergd hun ogen, lacht Zoon1 zich een ongeluk en vraagt Zoon2 om ijs. Zoals gewoonlijk op elk moment van de dag.


Vandaag waren wij allemaal heel zondagsch op bezoek bij mijn ouders. De jongens, mijn zuske, Echtgenoot en ik. Wij dronken koffie, aten diverse koekjes en keken naar oude dia's, waarop te zien is hoe mijn Zoon1 ontzéttend op mijn vader lijkt, toen hij jong was. Kortom, alles leuk en gezellig, niks aan het handje, totdat mijn moeder op de een of andere duistere wijze weer een ingang zag om vuilige teksten rond te strooien.

Nou, zo kwam het. 'Weet je nog die keer dat we het over een putlucht hadden en we toen aan jou dachten?' Tegen mijn Zuske.
Verbijsterd keek zij op. En ik lachte nogal hard.
Het bleek een verhaal over dat mijn Zuske (in een vlaag van verstandsverbijstering) op een soort survival vakantie was geweest, toen ze jong en onbezonnen was, en thuis kwam met een tas vol stinkend wasgoed. En mijn vader dacht dat er een probleem met het riool was. Maar het waren gewoon twee weken oude natte sokken. Zij vertelt dat dan zo beeldend, dat het ganse gezelschap direct de hele dag met het beeld en de geur van vieze sokken rondloopt.

Daarna, of het allemaal nog niet erg genoeg was, zich kennelijk onbewust van de groenige gezichten van haar dierbaren, vertelde ze over dat ik vroeger, toen ik nog thuis woonde, eens een rottende lucht in mijn kamer had hangen. Dat ik om 00.30 in de nacht aan het stofzuigen sloeg omdat ik dacht dat dat zou helpen. Dat dat niet zo was. En dat zij uiteindelijk een netje beschimmelde citroenen onder mijn bed vond. Dit alles ook weer heel visueel verteld. Natuurlijk.

Toen we afscheid namen om even de stad in te gaan, diep de frisse lucht inademend en de regen op ons gezicht verwelkomend, waren we allemaal wat stilletjes.
Maar ik kwam weer helemaal bij toen ik in de Hennes was natuurlijk.
Daarna gingen we nog even een klein cadeautje kopen en vond Zoon1 een nepdrol. Die hij moést hebben. Ik keurde dat goed, omdat ik een paars krukje zag dat ik nogal wenste, Echtgenoot een hoesje voor zijn tablet en Zoon2 een roze wekkertje. Zo hadden we allemaal wat.
Eenmaal thuis legde Zoon1 de drol neer. Die van een soort papperige gelei was gemaakt. Ik dacht even écht dat Hond1 zich had laten gaan, maar door het waanzinnige gelach van Zoon1 kwam ik erachter dat het een grapske was. Toen moest ik ruiken aan de drol, van het kind. En na vandaag was dat de druppel. En ik kokhalsde vol overgave in de gootsteen. Tot ergernis van de rest van het gezin. Echtgenoot rook niks raars, zei hij. Dat is toch niet te geloven.

En daarna schonk ik een wijn of wat in. Vindt u het gek zeg.









Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen