maandag 26 oktober 2015

Het uitstapje, 18 vuilniszakken en stiekem spuwen.

We hadden een uitje. Zuske, de Zonen en ik. Gisteren gingen we naar Hoorn, naar Medemblik en Enkhuizen. Wij verplaatsten ons in treinen, een bus, een stoomtram en een boot. Qua vervoer was het dus al een uitzonderlijke dag, als je het mij vraagt. En dan heb ik het nog niet eens over de fiets.

In de nacht van zaterdag op zondag was ik misschien een beetje laat gaan slapen. Zuske en Vriendin2 waren op bezoek gekomen om een kommetje wijn te drinken, en wij hadden het natuurlijk over een hoop belangwekkende zaken, waardoor de tijd wat snel ging. Toen zij naar huis gingen, dronk ik mijn wijntje op, appte zo nog wat in het rond en liet Hond1 uit. Daardoor lag ik niet heel op tijd te bedde, maar er was het uurtje extra, waardoor het allemaal in de ochtend wat minder haasten was.
En ik hád een hoop te doen..

Het ontbijt voor de kinders, de broodjes, pakjes drinken, snoepjes en mandarijnen inpakken, want ik placht, net als mijn ouders, nooit geheel onvoorbereid op pad te gaan.
Op het laatste moment herinnerde ik mij het bestaan van Hond1, wat gek was, want ik had 'm immers een uur of vijf daarvoor nog uitgelaten, maar ik vergeet wel eens wat.
Het hondenkind kan natuurlijk niet zomaar een hele dag alleen thuis blijven, dus ik belde mijn moeder, regelde een sleutel bij de buurvrouw, bulderde wat in het wilde weg tegen de jongens inzake ruzie en schoenen en kwakte zo wat mascara in mijn ogen om een uitgerust en verfrist voorkomen te simuleren.

Om kwart over negen zaten we op de fiets. (Eigenlijk kwart over tien, mamma! Aldus Zoon1)
Wij ontmoetten mijn Zuske op het station, maar eerst zetten wij onze fietsen in de deugdelijke fietsenstalling. Ik zou mijn fiets normaal gesproken gewoon ergens tegen een hek aanflatsen, maar ik had Zoon1 bij me, en die is van de zoals-het-heurt, dus ik doe dan braaf mee.

Kaartjes, inchecken, perron 3, trappen op, en dan zaten we hoor. Ik was reeds uitgeput.

Maar het was leuk allemaal zeg, er was een stoomtram, er waren mannen in ouderwetsche kledij, er was een koffertje met speurtocht voor de Zonen, er was koffie in een tentje en er waren bordjes met 'Niet Rooken' en 'Niet Spuwen'. En hoewel ik graag rook, ik hou van zulke bordjes. Spuwen was ik evenwel toch al niet van plan trouwens, maar in vroeger tijden was dat kennelijk een probleem in stoomtrams, dus vandaar neem ik aan het bordje.
Toen de stoomtramreis over was, gingen wij op een boot, waar de Zonen begonnen te rennen, wat niet mocht, waar ik wilde rooken, wat niet mocht, maar waar verstoppertje wel was toegestaan, en ook zitten op het dek, kijkend in de einder, en heel hard lachen om mede-boot-genoten. Waar Zuske en ik ons dus enorm mee vermaakten.

Einde dag kwamen we weer in Haarlem. Moe, koud maar zeer in nopjes over de dag.

Zuske toog naar de kroeg, en ik met de Zonen huiswaarts.
Maar eerst nog de fiets pakken uit de stalling.
Waar mijn fiets ineens was verdwenen. Potdikke!

Zoon2 rende direct rondjes, op zoek naar een glimp van mijn roze mandje, ik was meteen in lichte paniek, want mijn fiets is waarlijk nogal belangrijk in mijn leev'n en na een spannende vier minuten, ontwaarde ik mijn geliefde vervoer. In een hóóg fietsenrek. Zo'n rek waar ik zelf nóóit mijn fiets in zou zetten. Want hoog. Lastig. Gedoe en dinges.

'Help! Zoon1! Hoe krijg ik mijn fiets hier af? ' Riep ik paniekerig naar mijn kind.

Zuchtend en met zijn ogen rollend, kwam hij mij te hulp.

'Okee mamma. Dit hier hou je vast. Dit trek je VOORZICHTIG naar beneden, en NIET gillen.' Kent hij zijn moeder langer dan vandaag.

'Wiiiiiiiihhhh!' Gilde ik. Terwijl ik heus voorzichtig aan het ding trok, dat met een groot kabaal naar beneden kwam en weer omhoog zwiepte.

'Mamma, doe toch eens normaal, wacht, ik doe het wel' Zei mijn nageslacht.

Waarop hij soepeltjes mijn fiets uit het rek haalde, terwijl ik erbij stond en keek.

Na dit kleine laatste avontuur gingen we naar huis, waar ik zowaar nog in staat bleek om wat diner in elkaar te hatselen en uiteindelijk helemaal gesloopt in mijn keuken zat. De jongens in bed.
Ik nam een kalmerend en ontspannend kommetje wijn, bekeek nog wat foto's van de dag en lag ook zeer op tijd in bed, naast Zoon2, heel gezellig.

Het was een mooie dag. Een gezins uitje, met mijn soort van gezin.

En vandaag was ik uitgerust, ik maakte mijn hele huisje schoon, fietste heen en weer naar van alles en nog wat, deed nuttige dingen, sjouwde 18 volle vuilniszakken van hun tijdelijke behuizing (mijn balkon) naar de container, dweilde al het goors wat daaruit kwam gelekt op, deed boodschappen, bracht oud papier weg, verschoonde mijn bed en bestudeerde langdurig mijn kapsel en mijn nagellak. Was tevreden, met welbestede dag, met goed weekend en bedacht mij einde dag, dat het toch waarlijk wel tijd was voor een wijntje in de middagzon.

En toen kwam ik de Echtgenoot tegen, op de fiets. Ik heen, hij weder. En wij zwaaiden zo van 'hee haai' alsof we vage bekenden zijn, die elkaar terloops in voorbijgaan tegenkomen.

En daar ben ik dan weer van slag van.
Kan dingen wel soort van op orde hebben soms. Realtiteit hakt er toch weer in. Ga alleen naar huis. Huis zonder vuilniszakken, maar ook zonder gezin en Echtgenoot. Zat ik maar weer in de stoomtram, dan zou ik misschien stiekem spuwen.







Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen