dinsdag 5 november 2013

Serieus. Acht jaar hee.


Sérieus. Zei ik afgelopen week tegen mijn moeder. En Zuske. En Vriendin2. En elke toevallige voorbijganger. 'Zoon1 wordt 8 jaar. ACHT! Allemachtig. Ik heb een kind van bijna acht jaar'. En keek er bepaald maniakaal bij.

Ja, dat soort dingen dringen altijd maar met matige snelheid tot mij door.

Maar even, dat is toch niet te geloven. Er is een ware geboortegolf gaande om mij heen, en mijn kind wordt al acht. Acht jaar geleden was ik nogal zwanger en sloeg aan het baren, wat nogal schrikken was, vond ik persoonlijk.

En elk jaar sindsdien denk ik; 'Oooh werkelijk hoe is het toch mogelijk'. Dat het alweer zo lang geleden is, dat ik in die tijd zoveel kleuren haar heb gehad, en ook dat het kind toch waarlijk heel aardig aan het opgroeien is. Had ik natuurlijk ook wel gehoopt, maar ken mezelf. Ben niet zo goed met Cavia's en aanverwante zaken, dus dan maar aannemen dat je een kind een beetje redelijk laat opdrogen... Maar hee, puntje voor mij.

En wat doe ik dan zoal, de avond voor de verjaardag van het kind. Nou, nogal wat, zo bleek.

Dertig traktaties maken, bijvoorbeeld.
Nadat mijn moeder heel hulpvaardig met een Schateiland idee kwam en ik daar een plaatje met beschrijving bij kreeg, waarna Zoon1 zich bijkans verslikte van enthousiasme, kon ik niet anders meer dan dat idee uitvoeren.
Dus toog ik deze week naar diverse winkels voor vlaggetjes-met-een-piraat. Ja, niet te vinden dus.
Een cocktailprikker-met-palmboom. Bestaat niet.

Gloeiendegloeiende, vervloekte ik de irritant creatieve moeder die dat idee in een blad had gezet.

Maar hee, ik doe heus niet onder voor de eerste de beste creatieveling, dus ik bedacht een eigen versie op het geheel.
Waar Zoon2 schuimbekkend naar luisterde, toen ik hem dat heel opgewekt vertelde.
Hij is nogal van de beschrijvingen en Zoals Het Hoort het is dat ik wéét dat hij uit mij is gekomen, maar anders...

Ik stelde het kind gerust, schafte mij nogal wat attributen aan en maakte vanmiddag een prototype van het geheel.
Zoon2 was in elk geval zeer enthousiast, dat is altijd wel fijn aan dat kind. Zoon1 keek er naar, dacht even na, vroeg nog naar wat details en telde elk ding of ik wel genoeg had, en haalde uiteindelijk zijn schouders op en ging tv kijken. Ik vatte dat op als een groot compliment.

Vanavond ging hij schaken, wilde daar niet trakteren, want 'dat doet niemand', waar ik vanzelfsprekend een educatieve rol voor mijzelve zag weggelegd, als zijn moeder en alles. En wáárom zou je iets niet doen, omdat een ander het ook niet doet? En het is toch juist lééúúk als je trakteert? Wie lust er geen snoepje? Je moet altijd doen wat jíj leuk vindt. Maakt niet uit wat ander denkt.
Wat bleek; hij wilde toch niet, wilde al de aandacht niet en had er geen zin in.
Ik dacht er over na, vond dat eigenlijk ook wel heel authentiek en liet het kind gaan. Zo ben ik dan ook wel weer. En was er zat van.

Bij zijn thuiskomst voerde ik nog een lang gesprek met hem, over het feit dat hij dacht niet te kunnen slapen. Overmand door liefde gaf ik hem een aanzienlijk aantal kussen, vertelde hem dat hij niet naar beneden mag komen, vanwege omdat wij zijn cadeau misschien wel aan het inpakken waren. 'Heb je een cadeau??' Deed hij hoopvol.
'Mmm. Misschien. Was het eigenlijk vergeten. Je verjaardag' Deed ik mijn ouders na met het aloude grapje.
Waarna ik tien minuten bezig was om hem te troosten met zijn vreselijke moeder. Eind goed al goed, Zonen in slaap en Echtgenoot en ik aan de traktatie. Echtgenoot die heel zoet uitvoerde wat ik hem opdroeg te doen en ik mopperend over de inferieure kwaliteit van de door mij aangeschafte lekkernijen. Alles kwam goed.

Slingers ophangen. Ballonnen opblazen. Cadeautjes inpakken.
Wijn inschenken.
Oude foto's kijken.
Zuske berichten met foto van haar acht-jaar-jongere-zelf met haar Neef1 als baby.
Me verwonderen over mijn kapsel van destijds. En bril. En ik dacht steeds maar van oi oi, wat een lieve baby, wat een dikke baby en wat is hij nu groot. Mag helemaal niet meer in zijn billen knijpen. Hij corrigeert mij voortdurend over allerhande zaken en vraagt mij elke dag twee keer héél hard lachend hoeveel 100x100 is, omdat ik één keertje, toen ik even niet oplette ja, zei dat het antwoord duizend was.

Maar ja dus, morgen is het kind jarig. Krijgt zijn liefste wens als cadeau. Favo tante komt patat eten. En zondag hebben we Feest.
Ergens tussendoor zullen Echtgenoot en ik ons eens buigen over het kinderpartijtje, want dat is er nog even bij ingeschoten, maar komt ook alweer goed, heus.

En ik schenk me nog wat in, zal morgen hard zingen, veel kussen, taartjes serveren en waarschijnlijk een paar driftbuien moeten kalmeren, want acht jaar is een leeftijd voor mijn lieve Zoon1, waarop hij zijn leven erg serieus neemt, dat ook verwacht van zijn broertje en ouders en ik zie voor mij de taak, hopelijk nog tachtig jaar, om hem daarin soort van serieus te nemen, al zie ik de dingen af en toe zelf wat anders. Samen zijn we sterk. En zijn enorme humor zal ie wel van mij hebben, immers.


zaterdag 2 november 2013

Dag, auto. Tot Roze Champagne!

Het is toch wel een toestandje, twee huizen hebben. Dachten we bijna drie jaar geleden nog dat het een kwestie van weken was voor we onze zakken zouden vullen met overwaarde, goudstukken en diamanten, bleek dat toch anders te gaan. Blablacrisis, boeien hoe het komt, we zitten nog steeds met Huis1. Waar mijne Zuske al die tijd al fijn in woont en waar ik eens in de zoveel tijd met emmers sop en chloor doorheen raas teneinde een sporadische kijker maar zo frisch mogelijk te ontvangen.

Omdat het allemaal wel heel sporadisch begon te worden, met de kijkers, verhoogden wij de prijs. Immer optimistisch ingesteld dachten we dat we dan een 'ander segment' zouden aanboren, qua huizenzoekers en vermogende mensen. Wij gingen ons zelfs inderdaad makelaars jargon aanmeten. Nou, heel verrassend, kwam er niemand. Ik zag feitelijk voor mijn geestesoog heel Funda-kijkend Nederland heel hard lachend zich op de dijen kletsen en nog een bier nemen.
Evenwel hielden we de prijs toch een tijdje hoog.
Om die daarna weer te verlagen. Schoorvoetend diende zich zo eens een kijker of wat aan en hoopvol keken Echtgenoot en ik daags na het bezoek naar onze mail om vervolgens van meneer en mevrouw Makelaar te horen wat men zoal niet vond deugen aan ons mooie Huis1 of waarom het anderszins in elk geval niet gekocht werd door de mensen die wij zo hartelijk hadden laten ontvangen.

'Welkom' schreef ik heel olijk op het krijtbord, elke keer. Met een hartje erbij. Natuurlijk ook om mijn zuster een fijne thuiskomst te wensen na haar werk, heus.

Twee weken geleden hadden Echtgenoot en ik Een Gesprek. Wij schonken daar ruime hoeveelheden wijn bij, om de boel nog een beetje gezellig te houden, want we gingen het zo eens hebben over de financien. Nu kan ik waarlijk over een hoop dingen heel leuk kletsen, met wie dan ook, maar met Echtgenoot over financien...ai ai. En dat ligt geenszins alleen aan hem, welnee. Dat doen wij tesaam.
'Jamaar' en 'Oooh maar dat was daaaaarom' en 'Straks, als de dingen anders zijn...' en 'Ik heb dat NODIG! Dat SNAP je toch wel?' en
'Ik koop helemaal niet DE HELE TIJD dingen' en 'Dat is GEZOND!' Zijn zeg maar veel terugkomende zinsnedes.

Dit keer ging het goed. En wij besloten de prijs van Huis1 drastisch te verlagen. Zodat er wellicht eens iemand genegen zal zijn het daadwerkelijk te kópen, in plaats van alleen te kijken hoe leuk Zuske de boel heeft ingericht.

En huppetekee zeg, er staan nog net geen rijen voor de deur. Kijker na kijker dient zich aan. Ik dweil mij de blaren op mijn nagellak en heb een aan een maniakaal grenzend contact met mevrouw de Makelaar.

'Positief, positief', proosten Echtgenoot en ik met elkaar, elke avond. Een heel fraaie fles roze champagne, gekregen van Vriendin1, ligt al een tijdje demonstratief koud te zijn in de koelkast, voor hét moment dat we een bod krijgen. Dat er daardoor geen ruimte meer is voor worteltjes en broccoli en alles, dat is dan jammer. Prioriteiten he.

En met de goede hoop dat Huis1 binnenkort misschien dan toch echt verkocht gaat worden, bekeken wij nogmaals onze liquide middelen en het is dat we natuurlijk aan de wijn zaten, anders zouden wij bijkans bij de flessen neer gaan zitten.
Het doet wat met je bankrekening hoor, twee huizen, één baan, twee zoons, één Cavia2, één Hond1 en alles.

Dus wij dachten zo. We doen de auto weg. Een tijd geleden opperde ik zulks al eens voorzichtig bij Echtgenoot, die zich meteen verslikte in alles wat hij die dag tot zich had genomen, maar nu kwamen wij toch gezamenlijk tot dit idee. Ik kan persoonlijk, denk ik, prima leven zonder auto. Heb zelf geen rijbewijs. Ben opgegroeid zonder auto. En woon dichtbij alles wat mijn hart begeert. Dat wil zeggen, De Vriendinnen, Zuske, mijn Ouders, De Hennes, de School van Zoon1+2. En het station, voor als ik naar Vriendin3 wil of naar anderszins erg leuke dingen niet in Haarlem.

Voor Echtgenoot is het in eerste instantie een aderlating. Een auto is voor een man wel een 'ding' zo leerde ik. Nu zijn wij in het bezit van een aantal gemotoriseerde voertuigen, namelijk ook nog een scooter waarop E naar zijn werk gaat, en een heuse Harley Davidson, door E aangeschaft, in een moment van pure liefde voor het ding. Dat hij dat 'altijd al wilde' was mij in de afgelopen tien jaar ontgaan, maar alla. Wij kunnen onszelf dus heus vervoeren. Niet dat we met ons vieren op de motor weggaan, met paraplu's als dak, we wonen immers niet in Indonesië of iets, maar we komen heus ergens. Ook al omdat we nogal omkomen in de fietsen. Zoon1+2 zijn geen fans van auto rijden, behalve natuurlijk als we naar een pretpark gaan en als het regent, maar die zullen er dus wel overheen komen. Daarbij leerde ik vandaag nog dat er daadwerkelijk kinderen zijn zonder tv thuis, dus die van ons zullen ook wel wennen aan geen-auto.

Ja het is wat. Mijn moeder deed al heel troostend dat er diverse supermarkten zijn die voor heulemaal niet veel geld lekker thuis bezorgen, dat het heel feestelijk is om af en toe een taxi te nemen en dat ik immers niet beter weet. En ja, wij hadden vroeger thuis geen auto, was geen probleem. Echt niet. We wennen er wel aan.
Totdat we natuurlijk de roze champagne inschenken en direct tot de aanschaf van een auto overgaan. Dit keer een roze, zo vertel ik Echtgenoot. Ja hoor, mompelt hij, terwijl hij de dvd's van Top Gear bekijkt.

vrijdag 1 november 2013

Verwarrende tijden.

Er zijn zo dagelijks dingen waar ik danig door in de war wordt gebracht. Dat kan van alles zijn. Ik kan heel verontrust zijn als ik bijvoorbeeld iemand iets hoor zeggen over 'zaden en noten'. Op een of andere manier kan ik daar niet tegen. Daar wil ik verre van blijven. Ook al is er niet veel mis met noten, vind ik. Maar ik maak me daar druk over, dat het kennelijk een onderwerp is waar mensen het over hebben, en ik niet. En ik snap niet waarom dat een onderwerp is.

Gisteren hoorde ik op de radio niks anders dan het NSA-afluistergebeuren. Hoopte bijna dat ik bij toeval opgebeld zou worden door radiomeneer. Zodat ik kon zeggen; interesseert me niks. Kan mij het nou schelen dat NSA mij of ander afluistert. Ik zou het persoonlijk een stuk zorgwekkender vinden als Echtgenoot kon horen wat ik met Vriendinnen bespreek. Brrr.
Terwijl kennelijk veel 'gewone' Nederlanders er heel akelig van worden en niet meer durven slapen, dan wel bellen. Wat bespreek je dan in godesnaam, vraag ik me af. Hoe je kernraket maakt van maggiblokjes en kerriepoeder? Hoe je van plan bent om op eerstvolgende vliegreis een nagelschaartje in je bh wilt meenemen? Ik heb het aan de telefoon gewoon over recept voor zuurkool, of datum voor borrelavond.
Heb dan de indruk dat ik niks van de wereld snap, of dat er nogal veel aan mij voorbijgaat, omdat ik er geen mening over heb. Kan ook zijn dat ik de enige ben die de juiste instelling heeft. Namelijk niet de pessimistische of wantrouwende. Zal wel ergens in het midden liggen.

En over iets gezelligs gesproken; vandaag liep ik met Zoon2 en Hond1 door de buurt te kuieren, op ons vaste rondje rondom de school van Zoon1, waar we langs een leuk begraafplaatsje bij een bospad komen. Ik hou van kerkhoven. Ik vind het er prettig rustig, ik kijk graag naar data en namen van mensen onder de grond en ik knik altijd vrindelijk en met een aardig lachje naar de personen die daar lopen omdat ze waarschijnlijk daadwerkelijk iemand bezoeken want dat vind ik zielig.
Ik loop ook altijd langs het kinderrijtje, waar ik héél akelig van word, maar doe het toch. Zie kindernamen met verontrustend dicht bij elkaar liggende jaartallen erbij en schud dan treurig mijn hoofd, terwijl ik ondertussen aan Zoon2 vertel dat het heus geen pas geeft om héél hard te zingen, op deze plek. Ja, huppelen mag wel, maar niét op graven. NIET op graven, Zoon2! Bulder ik vervolgens over het tot dan toe bijzonder rustieke kerkhof.
En toen viel mij wat op. Op heel veel plekken stond hetzelfde potje met witte bloemen. Op opvallend veel plekken dezelfde pot met dezelfde bloemen. En toen bedacht ik me dat ik de dag daarvoor een busje op het terrein zag rijden van een tuin-achtig bedrijf en dat ik me toen nog afvroeg waarom zo'n hele bus door het hek naar binnen reed. Vervolgens keek ik op het bord bij de ingang waar altijd heel opwekkende berichten staan, in termen van het ruimen van graven en alles en daar hing ook een papier, dat je iemand kan bellen om je op te geven, zodat er kennelijk met regelmaat een pot bloemen op het graf van je naaste wordt gezet.
Dat vind ik raar. En verwarrend. Waarom doet iemand dat? Is het dan zoveel moeite om zelf even de boel te fatsoeneren, als je dat kennelijk belangrijk vindt? En wat heeft de dode of de nabestaande er nu aan dat er dan een saai potje bloemen neer wordt gezet, wat vervolgens op bijkans élk graf staat? Dat is dan toch niet mooi, of lief. Dat is aan wildvreemde mensen laten zien dat je héus het graf verzorgt. Waar je vervolgens zelf misschien niet eens wat van ziet. Laat staan de dooie.

Daar denk ik dan over na en kijk verward in de rondte.

Dat Zoon1 volgende week jarig is, dat ik nog geen cadeau heb, of een idee daarvoor, nog geen vastomlijnd idee voor partijtje, maar wel al heel duidelijk in hoofd hoeveel wijn en taart ik zal inslaan voor verjaardag op zondag, dat stemt mij ook onrustig. Maar hee, duidelijkheid in verwarrende tijden is fijn. Dus dan maar een mooi rond getal aan wijn in huis halen. Daar zal ik van opknappen.

donderdag 24 oktober 2013

Goed voor elkaar. En Buurmeisje1.

Nou, ik had het goed voor elkaar deze week hoor. Ik was ook wat afwezig, maar dat kwam door alle leutigheid die mij zo allemaal overkwam en al.
Allereerst kreeg Vriendin2 precies een week geleden haar baby. Eindelijk. Kind3, Dochter1. Ik was in de buurvrouwesque situatie dat ik vanaf het allereerste begin op de hoogte was en mijzelf dus de ganse dag kon gaan zitten opvreten van empathische spanning. Zo ben ik he. En toen dan eindelijk 's avonds laat het verlossende woord kwam, was ik zeer blijde, ja, zeer blijde. Zo blij voor Vriendin2 dat alles heel goed was gegaan, dat er een mooi nieuw gezond vers babietje in haar leven was gekomen en ook wel dat zij lekker van de zwangerschap af was. Want een meisje is het goed zat, na 41 weken dikte. En och, de volgende dag mocht ik meteen kijken en waarlijk, ik kon wel janken. Een babymeisje, met lieve zachte haartjes en een snoezig gezichtje en o zo kleine handjes.
Ja, ik hou heul erg van nieuwe baby'tjes. Heul erg. Wil voor geen goud ooit nog in mijne leven zelf het op een baren slaan, neen, dat wil ik niet. Maar ik ontmoet heel graag de baarsels van mijn Vriendinnen.
Welnu, de ganse week was ik dus de Stalker Buurvrouw. Had een heuse band met de kraamverzorgster, at een aanzienlijke hoeveelheid beschuiten en ik mocht het kindeke steeds fijn vasthouden.
Want dat is het gekke he. Van mijn eigen baby's werd ik vrij nerveus; van huilen, van beweginkjes, van de piepkleine beentjes die in de broekjes moesten worden gepropt, van het voeden en het kotsen en elk geluidje waarvan je niet weet wat het is, en van het slapen, omdat ik dan dacht dat ze het loodje hadden gelegd omdat er opeens géén geluid was. Vermoeiende aangelegenheid vond ik het kortom, baby's.
Maar de baby van een ánder. Naah, kom maar op hoor. Ik wiegel en ik troost en vind geeneen geluidje eng of gek en ik kijk met belangstelling naar poep en braaksel hoor. Geeeen probleem.
Met natuurlijk als bijkomend voordeel dat ik het babypoppedijnekind aan het eind van het bezoek in de armen des moeders kan leggen en daarna zelf een fles wijn of wat kan opentrekken om vervolgens een nacht te gaan slapen. Of niet, net waar ik zin in heb. Ja, daar hou ik wel van.

Desalniettemin schrok Echtgenoot wel een weinig deze dagen, van mijn betrokkenheid bij Vriendin2 en haar Dochter1. Ik zag heus wel dat hij wat schrikachtig werd, bij al mijn verhalen over de snoezigheid van onze nieuwe buurtgenote. Ook mijn moeder zag zichzelf alweer voor de derde keer oma worden, dat merkte ik wel, vooral omdat ze dat zei.
HAHA zei ik. Neen.

Verder hadden wij vorige week hier thuis een Borrel. Van de school van Zoon1. Met de ouders van de kinderen uit de klas van het kind. Jaha, want ik ben klassenmoedert, en de belangrijkste taak hiervan is, mijns inziens, de Ouderborrel. Komaan, zeiden Echtgenoot en ik een tijdje geleden. Dat doen we gewoon hier thuis! WANT DAT IS LEUK!!
En ik stuurde aldus een mailtje rond, en was de vorige week als een maniak bezig met het eindelijk schoonmaken van diverse hoeken hier in huis die al tijden geen daglicht hadden gezien, vanwege omdat er nogal veel stof op lag. En ik kocht me de hele week ongans aan eten, aan hapjes, aan wijn, bier, wijn, bier en nog wel wat wijn.
Zuske kwam ons helpen met de inschenking van de versnaperingen en het uitdelen van ook alweer versnaperingen. En ik stak nogal wat kaarsjes aan, kleedde mij om in een soort van normale outfit, voor de gelegenheid, en deed Zoon1+2 uit logeren bij Opa en Oma.

En dat viel alles meeeeeede. Ja, je weet het niet hier in Het Dorp, immers. Er was maar een klein beetje dronkenschap, er kotste niemand en er werd geconverseerd, gerookt en gelukkig erg veel gedronken. Kortom precies zoals ik het graag zie.
En dat in een gezelschap dat Echtgenoot en ik eigenlijk nauwelijks kenden, tot voor kort. Alleen maar van het schoolplein en Facebook, feitelijk. Sommige mensen bleken leuker dan ik dacht. Sommigen waren nog veel leuker dan ik dacht. Sommigen hadden een beetje gekke schoenen aan, maar daar kan ik mee leven. En ik heb eigenlijk geeneen The North Face jas gezien. Ook al omdat die waarschijnlijk in de gang hingen. Maar ik vond het toch geruststellend.

Nou en toen we soort van bekomen waren en ik de jongens en Hond1 weer thuis had, Zoon1 zei: 'zeg, wat is het hier een bende, dat komt zeker door jullie feestje?' was het alweer tijd voor nog meer logeerpartijen, Zoon1+2 gingen ieder apart nog logeren ook, wat ons een raar gebroken gezin opleverde, gedurende een aantal dagen. Raar rustig, maar ook wel heel lekker zeg. Nu zijn we weer compleet en gaan we morgen naar Hellendoorn. Yeah. Pretpark!

De avonden gebruiken we voor het drinken van wijn en bier, want als je dat toch overvloedig in huis hebt, wat zou je het dan laten staan, immers.

In de ochtenden liggen we nogal lang in bed.

dinsdag 8 oktober 2013

De zomerse dag in de herfst.

Mijn Vriendin2 staat op het punt van baren. Is nogal zwanger. Is er zat van. Wil haar baby.
En ik met haar. Ik ben er zó mee bezig, en met mij de Vriendinnen natuurlijk allemaal, dat ik 's nachts droom dat ik een kind krijg. Net als vroeger, toen ik nog geen baby had maar die wel wilde. Elke dag kijk ik over mijn balkonneke of er niet toevallig een auto van de verloskundige voor de deur staat en als ik niks hoor sla ik aan het whatsappen. Ik ben verder heus niet irritant, ik leef heel erg mee ja.
'Kind, eet maar lekker ananas' zeg ik overbodig.
'Hier, een paar blikjes bitter lemon' bemoei ik me ermee.
'Slaap jij wel goed op je linkerzij?' Vraag ik ten overvloede.
'Liefke, hoe vooooeeeeel je je vandaag?' Doe ik maniakaal.

Maar alla. Dat heb je met zwangere vriendinnen. En ik heb er tegenwoordig nogal wat, het is gewoonweg ongelooflijk. Ik word bijna oma bijkans, en de rest slaat aan het vermenigvuldigen.
En dat vind ik toch zalig, want doe mij maar baby's hoor. Van anderen ja.

Maar zo was ik dus nogal hysterisch de hele tijd, en nu nog eigenlijk, dus zondag dachten Echtgenoot en de Zonen dat ik er maar eens uit moest. Naar het strand, zouden we gaan. Zoon2 sleepte een hele tas vol autootjes mee, om onduidelijke redenen, Hond1 was al bij voorbaat in nogal uitbundige stemming want hij mocht mee de auto in, en Zoon1 had er geen zin in. Maar dat is wel met wat meer zaken tegenwoordig met het kind.

Eerst reden wij een rondje Dorp en Stad, want ik had hier en daar wat af te leveren, tot maar een klein beetje ongenoegen van Echtgenoot, die zich de boel maar liet welgevallen en wij kwamen uiteindelijk op het strand aan, waar het idioot druk was.
Maar het was dan ook een heel zomerse dag in deze herfst.

Echtgenoot vleide zich op het zand. Ik vleide me op Echtgenoot en wij stuurden de Zonen weg om te gaan spelen.

Ik lag daar lekker. Allaaa, wat lag ik lekker.

En toen de Zonen begonnen te meieren deelde ik pakjes drinken uit. En koekjes. En toen ze daarna niet ophielden vertelde ik Echtgenoot dat het toch zo leuk was als hij met de jongens en de hond eens lekker in de branding zou gaan hatselen.
En ik legde mij op de jassen van mijn mannen en deed mijn oogskes dicht. Maar eerst maakte ik wat foto's.

Zoon2 die nogal geniet van zijn bestaan aan de Bloemendaelsche kust.



Hond1.

De mooie grote Zoon1 die toch wel genoot. Ook al wilde hij niets van een broek of trui uitdoen.


Zoon2. Die hier in de verte al de lange rij voor de ijswinkel ziet.

En hier ziet u mij, terwijl ik Echtgenoot als kussen gebruik. Wat hij heus niet heel erg vond. Al zei hij van wel.



En we zijn nu een paar minuten verder, en nee, Vriendin2 heeft nog steeds niet gebaard. Ik ga maar gauw een wijntje inschenken en mijn baarmoeder tot stilte manen.

maandag 30 september 2013

De bijna-laatste keren en de kleine arm.

Nou het was zover zeg. Het ging de afgelopen week opvallend over Laatste Keren.
Zoon1 zou gaan afzwemmen voor zijn B-diploma en Zoon2 ging voor de laatste afspraak naar mijn vrienden van het consultatiebureau.

Beiden goed voor wat gejuich van mijn kant, jawel. Voor zeker een jaar ben ik af van de wekelijkse zwemles en ik hoef nóóit meer naar dat verdullemse consultatiebureau.

Op Zoon1 kon ik rekenen. Met zijn gelukssteen van oma in zijn zak, mijn volledige vertrouwen in zijn oortjes geprent en patatten in het vooruitzicht, zwom het kind fluks door het gat onder water en deed alle andere zwemproeven als een volleerd vis. B-diploma in the pocket en iedereen opgelucht en blij.

Zoon2 was een iets ander verhaal. Natuurlijk. Had ik kunnen weten.
Omdat er een vaccinatie gegeven zou worden, dacht ik van te voren zo eens na hoe ik dat zou aanpakken. Vertellen van te voren of juist niet. Ik besloot tot het eerste. Mijn moeder heeft vroeger Polio gehad en dientengevolge een 'kleine arm'. Bij mijn Zuske, bij mij, bij onze vriendinnen, werkte het vroeger heel goed dat er verteld werd dat prikjes nodig waren om niet ziek te worden en om vooral niet ook een kleine gekke arm te krijgen.
Bij Zoon1 werkte dat ook prima.
Zoon2 echter zag een kleine arm wel zitten. Net als oma.
'Kijk mamma!' Riep hij verheugd vanaf achterop de fiets. En liet een klein wapperend armpje aan mij zien. 'Ik heb al een kleine arm!' En besloot dat hij geen prikje meer nodig had.

Oei, dacht ik dus. Dat wordt nog wat.
En toog woensdagochtend naar het consultatiebureau, dat heel handig naast de school van Zoon1 zit. Wij moesten een kwartier van te voren aanwezig zijn, maar daar let ik al lang niet meer op, dus vijf minuten voor aanvang van onze afspraak kwamen wij aangezet en toen moest ik nog naar binnen zien te komen. Dat gaf een kleine oploop voor de deur, omdat diverse kinderen zich ermee gingen bemoeien en ik stond er maar zo'n beetje naar te kijken want weet inmiddels dat dwingen niet zoveel zin heeft, dat ik beter stilletjes kan hopen dat hij opeens tóch meewerkt, en anders pak ik hem gewoon onder mijn arm.
Natuurlijk werd het het laatste. Met veel lawaai kwamen we dus binnen en pas toen Zoon2 een pratende theepot ontwaarde kalmeerde hij een weinig.
Ik hatselde zijn schoentjes van zijn voetjes, maar verder wenste hij zeker niet uitgekleed te worden.
Wilde niet op de weegschaal.
Wilde niet gemeten worden.
Ging pas mee de spreekkamer in toen hem een Diego-kleurplaat werd beloofd en wilde daarna ook niet meewerken met de diverse testjes.
Nee, hij kan niet springen.
Nee hij wilde geen rondje tekenen.
Nee, hij was niet in het bezit van een navel.
En hij is een meisje. Nee echt, hij had geen piemel zo verzekerde hij de nerveuze dokter.
Vanzelfsprekend wilde hij ook niet meewerken met de ogentest. Hoe de dokter ook haar best deed met verhalen over piraten en afgeplakte ogen.
Ondertussen zat ik er maar een beetje bij en maakte me gans niet druk.
En omdat het allemaal niet opschoot, besloot de dokter mij dan maar wat vragen te stellen.

'Hoe is het om de moeder van dit jongetje te zijn?' Vroeg ze, terwijl ik aan haar wel zag dat zij niet met mij wilde ruilen.
'Enig, hij is om op te vreten' gaf ik eerlijk antwoord.

'Is hij sinds het laatste bezoek ziek geweest?'
'Ja, vast wel, hij heeft altijd wat' deed ik heel nonchalant.

'Hoe zou u hem omschrijven, in een paar woorden?'
'Eh. Sociaal, grappig en heel knuffelig' was ik verliefd op mijn kind.

Terwijl het onderwerp van gesprek de dokter ongevraagd vertelde hij heel erg goed is in kleuren en vooral ook binnen de lijntjes en dat hij DOL is op ijs.

Toen kwam het moment van de vaccinatie. De dokter keek mij aan en zei dat het wel écht nodig was dat hij die kreeg. Ja natuurlijk, bevestigde ik. Dan moest ik hem goed vasthouden, wilde ik dat wel? Ja hoor, zei ik. En ik waarschuwde haar nog wel even dat hij echt enorm zou gaan schreeuwen. Nu, dat was niet erg. Dan kende zij de driftbuien van Zoon2 nog niet, dacht ik, maar alla.

Ik hield hem tegen me aan, zij pakte de spullen en Zoon2, ook niet op achterhoofd gevallen, had direct door welk onheil er aan zat te komen. 'Neen, dat wil ik niet' zei hij. En daarmee was voor hem de kous af.
Maar dokter en ik dachten daar anders over en terwijl ik iets deed met houdgrepen en dwang, jaste zij de prik in zijn arm.
Binnen een paar seconden was het voorbij, ik liet hem los en hij brulde als een wildeman, rende de deur uit, door de gang, terwijl de gehele wachtkamer met afgrijzen naar hem keek.

Nu, dank hoor, zei ik vrindelijk tegen de mevrouw. En liep zo'n beetje achter Zoon aan, die ik vond in de gang van de klas van Zoon1. Brullend zat hij op de grond en was nogal boos over alles.
Ik liet hem maar een beetje en na een tijdje stond hij op en liep terug naar de wachtkamer.
Ik achter hem aan.

Met een nogal wilde blik in zijn ogen pakte hij de pratende theepot, liep naar de receptiemevrouw en eiste op hoge toon de dokter te spreken.
'Wat wil je dan doen, manneke?' Deed zij vriendelijk.
'Ik ben teruggekomen om de dokter te slaan' was Zoon2 beslist.

HAHAHAHAHHAHAHAHAHAHAHAHHAHAHAHAHAHAHA bolderde ik van het lachen.

Wat misschien pedagogisch gezien niet geheel juist was, maar ik kon het niet helpen.

Kom schat, de dokter is nu met een ander kindje bezig, zei ik. En thuis mag je Dora kijken en krijg je wat lekkers.
En zo vertrokken wij weer naar huis. En nu moet ik potdorie toch nog een keer terug, om Zoon de ogentest te laten doen.

Maar ik heb wel gelachen, kortom. En er zal geen sprake zijn van kleine armpjes. Dat is toch fijn.









donderdag 26 september 2013

Broccoli en het slagveld dat het diner is.

Och het is mij hier toch een toestand mensen, elke dag weer. Het diner.
Echtgenoot is een prettig iemand om voor te koken. De werkende mensch heeft trek als hij thuiskomt en is over het algemeen in zijn nopjes met wat ik op tafel zet. Soms moet ik het allemaal nog maken. Soms lig ik op apegapen op bank en verzoek hem vrindelijk de honneurs waar te nemen en soms sta ik gezellig met mijn wijn en sigaretske op het balkon en verzoek hem ook om de pannen ter hand te nemen. Maar meestal echt, zorg ik voor ons avond'lijk maal. Zo ben ik dan ook wel weer.

Natuurlijk meestal reuze gezond met groenten en alles, want sinds ik een jaar of dertien geleden uit huis ging waardeer ik groenten meer dan alle jaren daarvoor. Thuis bij mijne moeder was ik altijd van de 'gaaadver, ANDIJVIE?' of 'ALWEEER aardappels?' En meer van zulke opbeurende teksten die je wel eens zegt, als kind.
En 'Jeeeejjj nasi!' Als het een feestelijke dag was. En al helemaal 'EINDELIJK spaghetti' als ik jarig was.
Ik was zo'n kind dat spaghetti koos, op haar verjaardag. Omdat dat een bijkans verboden maal was, bij ons thuis. En omdat mijn vader er niet van hield. Houdt, denk ik.

Ik hield niet van broccoli en dat was geaccepteerd. Ik hoefde dat niet te eten. Dat werd door ouders en Zuske gegeten als ik er een keer niet was. Bepaald een sympathieke oplossing van mijn moeder eigenlijk.
Iedereen lust wel iets niet, dat is normaal. Dat hoeft dan ook niet.
Dat ik ook enorm ging kokhalzen van paksoi ik heb nu braaksel in mijn mond en van gekookte andijvie, dat was gewoon pech, want mijn revoltantie betrof al broccoli, immers. (Revoltantie is geen goed Nederlands. Maar wel mooi, zeg nu zelf.)

Ik besloot bij Zoon1+2 dezelfde regel te hanteren. Je kunt één ding niet lusten, en dat is prima. Dat hoef je dan ook niet.
Bij beide jongens bleek dat vrij rap champignons te zijn. Dat snap ik helemaal niet, want ik hou érg van champignons, maar alla. Ik ken gek genoeg echt meerdere mensen die daar op willen spugen. Ik ken ook een aantal mensen Vriendin2+T maar ik noem geen namen die geen kaas lusten. Hoe is dat mogelijk? Maar dat terzijde.

Natuurlijk maak ik gewoon diverse maaltijden die vergeven zijn van de champignons, zo aardig als mijn moeder ben ik blijkbaar niet, maar die mogen ze er dan uitvissen. Zonder dat ik woedend word.

Zoon2 is vrij dankbaar om voor te koken. Zegt standaard: 'Maar dát ziet er lekker uit!' En roert er vervolgens zo'n beetje in, maar eet over het algemeen goed en als we macaroni koken doe ik dat voor zeven personen omdat hij vier keer opschept.

Zoon1 echter. Is werkelijk verschrikkelijk, als het om eten gaat. Eet eigenlijk alleen goed als het gewoon gebakken aardappeltjes, snijbonen en een vleesje is. De rest gaat met moeite. En langzaam. En tergend. En tot op het bot ergerlijk. En ja het is mijn lieve kind ja, maar ik wil hem soms waarlijk met de spatel op het hippe kapsel slaan en hem als een gans voeren. Dat doéoé ik niet, heus. Maar ik moet me inhouden.

'Dat lust ik niet' zegt hij bij aanvang van elk diner.
'Zeur niet, dat weet je helemaal niet' doe ik dan.
'Blerk, wat is het' vraagt hij met gezicht vol afschuw.
'Gewoon, lekker' doe ik dan heel irritant.

En dan volgt een ritueel waar iedereen zich aan ergert, inclusief Hond1 en Cavia2, maar waar ik toch aan vasthoud, omdat ook ik gewoon principes heb.

'Twéé bestekken in je hand'. 'Niét je hand onder je hoofd'. 'Ik zie een lege vork. Doe die vol.' 'Jaaa, nu iiiin je mond. Kauwen. Slikken. En meteen weer een hap maken.' 'NU'. 'Zoon1, eten. Nu. Volgende hap. Mét je mes en vork'. 'Jongen, als je nu gaat braken, dan heb je écht een probleem.'
En dit dan zeg maar keer vier.

Ik vind gewoon, je moet netjes eten. Thuis en bij anderen. Misschien is het er bij mij ingehamerd door mijn ouders, maar ik ben er blij mee weet je. Weet hoe bestek werkt. Weet dat je zegt dat eten lekker is. Vind eten ook eigenlijk altijd lekker. Omdat ik het heb leren eten. Zelfs broccoli.

Zoon1 eet tegenwoordig eerste helft van diner op gang. Omdat wij het niet meer aankunnen, spiegisch, dat hij het hele gezellige avondetenmoment verpest door zijn gezeur. Bij de eerste negatieve opmerking over het hem aangeboden eten, kan hij vertrekken en zit dan luid loeiend op de gang. Ik vind dat pedagogisch ja.

Na een tijdje ga ik dan kijken of hij al wat gegeten heeft. Zo ja, dan mag hij weer binnenkomen en begin ik met bovenstaande monoloog.
Nu ben ik over een heel aantal opvoedkundige zaken niet zo heel moeilijk, maar over eten. Wel.
Hij zal me later dankbaar zijn heus. Als hij bij zijn schoonouders gaat eten. Als hij uitgenodigd wordt door heel belangrijke mensen omdat hij de knapste en slimste persoon ter aard' blijkt te zijn.

En nu ging ik vanavond broccoli maken. Had een heel idee over gekookte groenten, bloemkool ook nog, en dat in oven en alles en fancy, en ik zette Echtgenoot in om de boel even klein te snijden, toen ik opeens IETS zag. Een onwijs gore en smerige dinges in de groente. Iets wittigs wat me misselijkmakend veel deed denken aan een made. Of iets.

'RAAHHHHHHH Echtgenoot, wat is DAT?' Deed ik luidkeels.

Oh nee, dat was heus niks, vond hij. Bij nadere inspectie bleek er meer ranzigheid in de groente te huizen, dus ik was meteen nogal rigoreus en wenste dat niet meer te eten. 'Nee, dat eet ik dus niet meer.' Verklaarde ik stellig.
Echtgenoot vond dat alles maar wat overdreven maar ik ben nogal overtuigend dus de hele bende werd weggegooid en daarmee mijn idee voor het diner en ook mijn liefde voor broccoli. Na al die jaren en geschiedenis.

Ik had in vriezer nog loempia's en deed iets met vlees en rijst en vond mezelf nogal inventief.
Zoon1 lustte het niet. Zat op gang.
En ik heb dus nu broccoli als verboden groente.
Waar Zoon1 juist zo van houdt.

Het is gewoon een slagveld.