zondag 23 oktober 2016

Waar ik ook ben, tapsgewijs en liefdesgewijs.

Sinds het hele akkefietje rondom de scouting en alles, lijkt het wel of ik andere gesprekken voer. Buiten dat er wildvreemden mij op Facebook aanspreken, heb ik de laatste tijd sowieso nogal wat aanspraak gaande.
Dit heeft wellicht ook te maken met dat ik in andere omgevingen en bij andere mensen verkeer, tegenwoordig. Dit heeft ook van alles te maken met dat ik aan het solliciteren ben. Dan kom je nog eens ergens he.

Zo was ik bijvoorbeeld in in een dorp hier vrij dichtbij, maar toch hier ver vandaan. Het was namelijk niet te bereiken zeg. Ik ging potdikke met een trein en een bus, en daarna zou ik een stukske lopen. En zo kwam het dat ik een ongelooflijk end langs een of andere verlaten dijk liep te lopen, en geen idee had waar ik was. Uiteindelijk kwam het goed hoor, omdat ik werd opgehaald door een van de aardigste mensen ooit, die mij naar zijn vrouw bracht, met wie ik zou werken, die ook al zo aardig was. En ik werkte achter de bar. Want dat doe ik. En ik had het naar mijn zin en ik deed mijn best en ik dacht waarlijk hier een baan te pakken te hebben. Maar toen bleek bij nadere inspectie van het openbaar vervoer, dat ik daar helemaal niet kan werken, omdat ik dan nooit meer thuiskom na een avond aan de arbeid. En op zich wil ik wel naar huis, uiteindelijk.

En zo was ik een ervaring rijker. Het werk was namelijk in een sportcomplex, en wie mij maar een beetje kent, die lacht zich een slag in rondte, want sport en ik in één zin....dat hoor je niet vaak. Maar toch was het leuk, en vooral om alle aardige mensen. Maar ja, heen en weer kunnen is op zich wel essentieel voor een leuke woon-werkverhouding.

Wat iets makkelijker gaat, is mijn werk in Amsterdam, in een kroeg op de Wallen, waar ik achter de bar sta en belachelijk veel plezier in heb. En ook daar is de communicatie soms wat anders dan anders. Gedurende de avond zie ik diverse personen, gezelschappen en anderszins samengestelde groepjes, veranderen van de vrijdagmiddagborrel in een nacht vol plezier, drank, gelal, soms ruzie, veel geleuter, enige treurnis, geregeld wat dronken liefde en dan ook af en toe wat anders.

Er was gisteren een groepje uit een dorp in de Betuwe. Drie ontroerend jonge jongens die bier dronken, op zoek naar mooie meisjes en dronkenschap. Nog te jong om te weten dat die twee meestal geen goede combinatie zijn. Eentje had dezelfde naam als Zoon2, waardoor ik met hem natuurlijk een enorme band had, zo dacht hij. Ik gaf hem een gratis bier, omdat hij nou eenmaal een prachtige naam had, ontzettend schattig was en ook omdat zijn bier half was opgedronken door de gare kerel naast hem aan de bar.

De kerel die ik eerder al had gezien en die mij toen maar niks vond, niet goed genoeg om hem te bedienen, neen, dat moest gebeuren door mijn collega.
'Whatever' dacht ik, en vond hem eveneens niet aardig.

Maar, zo bleek, deze week vond hij mij opeens wel heel aardig. Wat hij liet blijken door op ranzige en bovendien zeer onaantrekkelijke wijze steeds zijn tong te laten zien. Was ik niet bijster van onder de indruk. Natuurlijk schonk ik hem wat hij wilde, en zag hem na slechts vier drankjes afglijden tot een nog akeliger versie van zichzelf. Een niet begerenswaardig iemand. Nadat hij al een uur droog stond, omdat hij mij steeds wilde betalen met drie muntjes van twintig cent en een treinkaartje, verliet hij het pand, wat gewaardeerd werd door iedereen in het algemeen, en mij in het bijzonder. Dit natuurlijk niet nadat hij even had gevraagd of ik wellicht meewilde, en dat hij de een of andere schunnige handeling bij mij kon doen, of andersom.

Ook in het etablissement aanwezig, was een groep van een man of vijf, uit Amsterdam, de grote stad, zelf. Ik denk dat het makelaars waren. Makelaars op een vrijdaguitje, waarvan eentje zijn vriend uit de bouw had meegenomen, (want heel brede schouders) en eentje zijn neefje die nog maar net 20 was en nodig eens op de Wallen moest zijn. Denk ik, hoor. Het neefje had moeite met het tempo waarin bier werd besteld, de breedgeschouderde was cool en eigenlijk de aardigste en de drie anderen dronken of het een lieve lust was en vonden het nodig om mij te ondervragen over mijn leev'n.
Net toen ik klaar was met vertellen dat ik in het dagelijks leven aan professioneel bloemschikken doe en zeven bloedjes van kinderen heb van vier vaders, kwam mijn vader binnen.

VADER! Riep ik. En tapte rap een bier zeg.

Nou, dat was me daar een evenement. 'DE VADER VAN KRISTEL IS ER!' En de man werd Pa genoemd door iedereen en kreeg bier of het zo uit de tap vloeide zeg.
Oh.
Hij schrok een beetje, dat zag ik wel. Maar dat kan hij best hebben. Net als ik. We komen uit een goed nest he, zal ik maar zeggen. We schrikken niet snel en zien nogal gauw de grap van de dingen des levens in. Dus mijne vader hield zich goed stand in de bieromgeven omgeving.

Voorts moest ik opeens weer allemaal vragen van een van de makelaars beantwoorden.
'Wat was toch eigenlijk de zin van het leven?' Zo wilde de man weten.
'Waar heb je het over?' Deed ik heel ik-heb-het-allemaal-al-gehoord.

Nou, hij had geen idee. 'We lopen toch tegen de veertig' vond hij.
Vond ik helemaal niet.

Hij had geen idee wat hij moest, en had hij doel in leven?
'Heb je kinderen?' Vroeg ik dan maar, interesse veinzend.

Nou, en toen ging hij los.
Nondenju wat ging hij los. Ik hoefde nog net niet de bevallingsvideo te zien, maar het scheelde weinig. Ook was hij per direct emotioneel, wat misschien iets te maken had met zijn alcohol inname, maar het was niet minder schattig hoor. De man wilde stante pede terug naar moeder de vrouw en baby het kind en hij zag mij als zijn redder en zijn goeroe en zelden had hij zo'n goed gesprek gevoerd zeg.
Nou, daar ben ik voor hoor, zei ik natuurlijk heel medelevend. En of hij misschien even de schrikbarende rekening wilde betalen?

Een fooi van heb ik jou daar.

Mijn vaderke zat inmiddels op een droogje, maar moest ook weer de trein halen. Dus niks aan de hand, vader-dochter-gewijs.

En zo lag ik vanmorgen om een uur of half zeven in mijn bed. Goed gewerkt. Redelijk verdiend. En toen ik wakker werd ging ik Zoon1+2 halen, want die sliepen een nachtje bij omaen opa.

En toen ik ze weer had, met een hoofd vol watten natuurlijk, want veel te weinig slaap, toen wist ik het ja. De makelaar man had gewoon gelijk. De kinderen zijn het wel. Want wat is het anders.

Oh wat kan ik lachen. En oh wat heb ik een lol. Maar wat het echt kan zijn. Dat heb ik niet. Maar wat het echt is, dat zijn de jongens. Hoewel de communicatie daarmee vooral uit 'nee' bestaat. Kussen en knuffelen doen ze altijd. Zonder enige bijbedoeling, ook al is de tap gesloten. Omdat ze mij superlief vinden. Waar ik ook ben.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen