maandag 25 maart 2019

Regels schrijven. En alle fases

Van de week kwam Huisvriend1 hier eten. We hadden hem uitgenodigd, omdat hij gaat verhuizen. Huisvriend1 is twaalf jaar, komt uit Eritrea en is al bijna twee jaar een mattie van Zoon2. Hij woont hier met zijn 'zus', (naar alle waarschijnlijkheid een dame die toevallig tesaam met hem het land binnenkwam) zijn vader is afgelopen jaar overleden, zo hoorde hij uit verre contreien, en we vinden hem erg leuk, want hij lacht veel, kan zeer goed voetballen en hij vindt het heeel geestig hoe wij, waarschijnlijk enorm anders dan hij gewend is, leven. Hij at hier al heel vaak spaghetti, sperziebonen en gebakken aardappeltjes, kreeg een toetje en vindt het heel raar dat ik wil dat hij schoenen draagt als het regent en dat Zoon2 om zeven uur in de avond onder de douche gaat. Desalniettemin komt hij hier graag en veel en is er een wederzijdse acceptatie gaande.

Toen hij hier was, vertelde hij dat hij die middag druk was geweest met het schrijven van strafregels. Nou, dat vind ik al helemaal heerlijk, want alles wat zo fijn ouderwetsch is, daar hou ik van.
Wat waren de strafregels? 'Ik mag niet billen zeggen'. BILLEN. Hahahahahahahaahaha. Zo bolderde ik. Hij keek er heel serieus bij en liet zijn volgeschreven blaadjes zien. Zoals het betaamt deed ik heel erg of ik het natuurlijk allemaal logisch vond en alles. Maar omdat hij mij inmiddels een beetje kent, denk ik dat hij stiekem met zijn ogen rolde. Net als de Zonen dat doen. Als ik pedagogisch bezig ben.

In dat kader, kwam ik vrijdag van mijn werk, en, alvorens aan de wijn te gaan, ging ik de slaapkamer in en ontdeed mijn van mijn werkkleding. Dat doe ik, dat vind ik fijn. Kleding uit, slonsbroek aan, trui aan, en hoppa aan een wijntje. In dat kader doe ik ook mijn BH uit. Dat is lekker, dat weet iedereen. Zo ook Zoon2, zo bleek.
'Zo mamma, lekker de tietjes vrij?' Zo sprak het kind. Terwijl hij mij natuurlijk nul privacy gunde, zoals ik gewend ben.
Ik: 'WAT? HAHAHAHA WAT ZEG JIJ?' Deed ik
Zoon2: 'Oh sorry, borsten, bedoel ik' oreerde de negenjarige.
Ik: 'Hm, nou ja ok' (halfslachtig)

En zo kwam ik te denken. Vriendin1 zit in een situatie waarin haar relatie net uit is. Dat is natuurlijk zeer verdrietig en akelig, maar het zou Vriendin1 niet zijn als ze niet zou zeggen: Er zijn vijf fases van rouw. Ik zit in alle vijf de fases van Woede. Daar lachen we dan allemaal enorm om, en vervolgens trekken Vriendin1, 3 en Zuske hun wandelschoenen aan en gaan met het vliegtuig naar Marrakech om daar te wandelen, drinken, koken, winkelen en hun (ex) mannen te bespreken. Ik ga niet mee, want ik heb als werk cappuccino's maken, en daarmee kom je de wereld niet rond, maar ik krijg altijd souvenirs. De fases die je doormaakt in alles, zijn universeel. Zo ook in de opvoeding van kinderen. De Zonen bijvoorbeeld. En eigenlijk gewoon elke dag, in het leev'n.

1 is Ontkenning. Een tosti is een deugdelijke lunch. Ook al ben ik acht kilo te zwaar. En een wijntje is gezond. Ik heb geen driekwartbroek nodig.
2 is Woede. Dat er mensen zijn die een decafe espresso bestellen. En mannen die er best leuk uitzien, maar die dan een Latte Macchiato bestellen. Dat er driekwartbroeken bestaan.
3. Onderhandelen. De Zonen die hun haren moeten wassen, en dat alleen doen als er een frisdrank tegenover staat. Of een kwartier langer stupide youtube fimpjes kijken.
4. Depressie. Ik maak de godganse dag cappuccino's voor verveelde moeders. Moeders die niks anders te doen hebben dan elke dag, op dezelfde plek, dezelfde mensen te onmoeten, hetzelfde te bestellen, gratis water te drinken, nooit fooi te geven. En dat ik mijn kinderen niet elke dag zie, maar daar ok mee ben. Dat mijn vriendinnen een weekend weg waren en dat ik niet mee was.
5. Aanvaarding. Dat mijn vriendinnen afgelopen weekend weg waren naar Marrakech. Daar gewandeld hebben in wandelschoenen en driekwartbroeken. Dat ik nou eenmaal ontzettend goed cappuccino's kan maken. Met hartjes. Dat de Zonen het heel erg goed doen. Ook al zie ik ze niet elke dag.


Mijn fase is tegenwoordig ontzettend suf, namelijk fase 0, vrij blijde. Afgelopen weekend deden De Man en ik bijvoorbeeld aan Tuinieren. En dat hield in, dat hij met een schep en een kruiwagen bezig was en ik sigaretjes zat te roken, terwijl hij een tuinpad aan het leggen was. Verder deden we wat winkelen, lunchen, milkshakes kopen voor de Zonen en haalde ik hem over om ons Bos in te trekken om een plant te stelen. En zo ontvreemden wij een bosje uit ons bos. De Man was het er niet helemaal mee eens, maar ik moest zo hard lachen onderwijl, dat we toch al niet meer ongezien bleven, en dus hebben wij nu in ons bostuintje een struik staan, die uit de heilige grond van het landgoed komt.
Misschien moet ik er wat strafregels voor schrijven. 'Ik zal geen struiken meer stelen.' Maar ik denk niet dat het iemand interesseert.

En toen mocht de Zoon helemaal zelf de stad in, met zijn matties. En ik deed daar heel relaxed over. Hij had wel een eindtijd. En ik gaf hem een beetje geld mee. Om wat lekkers te kopen. Oh wat was ik een fijne moeder zeg.
Ach en Zoon1 kwam te laat thuis. Drie kwartier. Ik deed een nummer 1 t/m 5 in mijn hoofd, en daarna nummer 6.
(Neee,het is ok-GODVERDOMMEEEE-Als je alleen nog maar tienen haalt-Hij is doooooood- Ach, hij heeft dertien prachtige jaren gehad)

6. Slappe Moeder. 'Wat fijn dat je er bent, engel van mijn hart, wil je een kopje thee? Ga maar lekker in je bed schatje'

Ja en zo gaat dat dus. Regels schrijven. Er zit niks anders op vrees ik.

Bestel nooit meer een decafe espresso



vrijdag 8 maart 2019

Een opmerkelijke traktatie, en nieuw leev'n

De knie werkte deze week maar matig mee, maar ik ging toch maar weer aan het werk. Je gaat het nog missen anders he, de cappuccino's, de latte-soya-decafe-smerigheid en de mensen die hun (normale) kroket op een gluten-vrij broodje willen. (Ik verzin het niet)
Er was nog een situatie dat er iemand bepaald geïrriteerd met mij raakte omdat ik deze mevrouw niet om 08.00 binnenliet, terwijl we om 08.30 pas open gaan (de lichten waren nog uit) en die kwam vandaag weer, en zei: 'ach, toch maar om 08.00 open dus nu?' en toen ik zei: 'Neen, we zijn om half negen open. Het is nu negen uur...' keek ze me aan of IK gek was, en alle klokken een uur achteruit had gezet. Ja, Het Dorp heeft rare kostgangers.

Zoon2 moest een inenting, net als alle kinderen van 9 jaar dit jaar. Dat was bepaald een exercitie zeg. Tesaam met Vriendin2 toog ik, met alle kinderen, naar de sporthal waar wij dachten dat het prikfestijn zou plaatsgrijpen. We waren keurig op tijd en er was van hysterie nog helemaal geen sprake, wat ons zeer tevreden stelde. Echter bleek de locatie door ons verkeerd begrepen, en moesten we halsoverkop van de - zeer rustige en kalme - locatie ons verplaatsen naar de juiste, alwaar we bij aankomst reeds een grote lange rij zagen staan. Buiten in de regen.
Neem een menigte moeders die elkaar allemaal kennen (buurtje hier hoor) en een enorme hoeveelheid kinderen die elkaar ook allemaal herkennen van school en sport, en je hebt een uitzinnige menigte, die heel langzaam vooruit beweegt. Je zou van minder ter plekke aan de drank gaan. Ik zag Vriendin2 al wantrouwend naar mij kijken, want zij weet heel goed wat ik van zulke situaties vind. Maar ik gedroeg me zeer goed, al zeg ik het zelf. Ik bewoog mee, sommeerde Zoon2 dichtbij mij te blijven, want ik zag me alweer in een overvolle sportzaal staan, en uiteindelijk zelf twee inentingen krijgen, omdat mijn nageslacht nog buiten zou blijken te zijn, tikkertje spelend op de parkeerplaats.

De Zoon gedroeg zich heldhaftig, kreeg twee mooie pleistertjes en kreeg eenmaal thuis pas zijn van spanning opgebouwde huilbui, aangewakkerd door Zoon1 die het nodig vond om zijn broertje precies op de bovenarm te stompen. 'OP MIJN PRIK! MIJN PRIK!!" Zo brulde het kind.

Uiteindelijk lag hij op tijd te bedde, wilden De Verkering en ik eens fijn gaan zitten voor Netflix, en toen kreeg eerst Hamster 1 gekte. (Rondrennen als een malle en proberen te ontsnappen, of hij houdt van bijten in metaal, wie zal het zeggen) en daarna Zoon1. Een dansje, een lied, een voorstelling, een enorm lang verhaal, een grootse uiting van liefde, een kapot glas, een opengebarsten zak chips, een sarcastische opmerking over mijn lijn, gezicht en kapsel, een voorstelling van zijn toekomst en drie koprollen. Zo ongeveer ziet dat eruit. En dat in een half uurtje, waarin De Man mij maar een kommetje wijn extra inschenkt en mij geruststellend toeknikt, mij angstig aankijkt en in gedachten zijn koffers pakt en ik slechts in totale verbazing kan toekijken. Af en toe hoofdschuddend.
Daarna ging hij dan toch naar bed. En net toen wij weer normaal konden ademhalen, kwam hij terug en vertelde dat zijn sok in zijn thee was gevallen.

Ergens verder deze week vertelde Zoon2 heel lief over een klasgenootje dat getrakteerd had. En dat was een cakeje geweest, met een Negen (9) erop, met oogjes. Zoon1 verstond Neger, en vond het een opmerkelijke traktatie. Zoon2 vroeg: 'Wat is een neger?' en daarom moest ik ontzettend lachen. Serieus, ik plaste een beetje in mijn broek.

Voorts hebben De Zonen dus inmiddels inderdaad een Zuske gekregen. Ze is prachtig, ze is klein, ze heeft alle vingertjes en teentjes en de allerschattigste wangetjes met kuiltjes. Dat hebben ze mooi gedaan daar in De Stad, ik kan niet anders zeggen.

En ik, had een dode plant. En heb die met liefde weer tot leven gewekt. Wateren, zon, etc. Bepaald druk was ik ermee. En ik kan sinds ik gisteren nieuwe blaadjes zag, niet anders dan constateren dan dat we met ons allen goed bezig zijn, qua nieuw leev'n. En daar zal ik dan in godsnaam maar een kommetje wijn op drinken.



donderdag 28 februari 2019

Bij ons is het gewoon altijd carnaval

Terwijl het hier in Het Dorp opeens lente was, zat Zoon1 in Oostenrijk, waar hij met zijn matties een week aan het snowboarden was. Of, in het geval van de Zoon, op dag2 tegen de vlakte sloeg en met een arm in het gips terugkwam. Nog een wonder dat het maar liefst dertien jaar heeft geduurd, voor er daadwerkelijk een keer een bot is gebroken. Hoe goed het kind ook is in talen en rekenen en zulks, qua motoriek doet hij niet onder voor een bijzonder ongracieuze blinde duizendpoot met maar vierhonderd manke pootjes. Dat klinkt niet heel liefhebbend, als moeder, maar het is de harde waarheid. Er hoeft maar ergens een grasspriet scheef te staan of hij valt erover. Een huisdier of toevallige voorbijgangers zijn niet veilig in zijn buurt, en het heeft jaren geduurd voor hij van mij helemaal zelf een kopje thee mocht zetten, of een appeltje schillen. 's Nachts droom ik van ernstige taferelen, als ik verneem dat er een activiteit ondernomen gaat worden, waarbij het aankomt op fysieke kunde. (Hij zit op Rugby!!) Ik zie bloed tegen de muur, als hij zegt een broodje kaas te willen (kaasschaaf!!) en toen er laatst sneeuw lag, zat ik met angst en beven te wachten op het telefoontje van het ziekenhuis. Of de uitvaartondernemer.
Maar het viel dus allemaal nog mee, als resultaat van een dodelijke gang van een berg op een soort skateboard. Een scheurtje in zijn onderarm, met een mooi oranje gips erom. Ik zette er heel lieflijk 'mamma xx' op met een zwarte stift en dacht aan vroeger, toen ik altijd hoopte op vele breuken en gipsen armen en benen. Maar ik had nooit wat. Ik durfde ook nooit wat, dus wat dat betreft staat hij vele punten voor.

Zelf toog ik naar de huisarts, vanwege een aanhoudende pijn in mijn knie. Al vele weken liep ik rond met een zeurderige pijn, die dan weer meer, dan weer minder vervelend was, maar die toch behoorlijk irritant begon te worden, tot ik besloot tot een huisartsbezoek. Meestal is bij mij na zo'n bezoek, een paar uur later de klacht ineens als ware het een wonder verdwenen. Dus stel ik het altijd uit. Maar nu zag ik mijzelf reeds in een roze rolstoeltje door het leven gaan, zo'n last had ik ervan, dus ik belde toch maar voor een afspraak. En wat blijkt nu. Ik heb dus een aandoening, die altijd bij JONGE EN ZEER SPORTIEVE MENSEN VOORKOMT. 'HAHAHAHAHAHAHAHAHAHAHAHA' bulderde ik tegen de huisarts, die daar best een beetje van schrok. Zoon1 was met mij mee, en hij mepte van pure jolijt met zijn gipsen arm een ornament van de tafel. Zo'n dinges waar de organen in plastiek inzitten. De nieren vlogen om mijn oren zeg.
Nadat iedereen een beetje bekomen was, vroeg ik toch maar naar wat details, en daar bleek dus inderdaad, dat er een ontsteking in het kraakbeen van mijn knie zit, wat meestal voorkomt, bij jeugdigen, die veel aan sport doen. Welnu, zo vond ik, je kunt een slechtere diagnose krijgen. Dus heel jeugdig kijkend, vertelde ik toch maar eerlijk aan de arts dat ik helegaar niks aan sport doe, maar wel veel staand en lopend werk doe. Natuurlijk was het leuker geweest om te vertellen dat ik dus net het wereldkampioenschap huppelen had gewonnen, zodoende. Maar jokken mag niet he. Op zich denk ik dat hij mij toch al niet zou geloven, aangezien hij met eigen ogen had gezien hoe ik niet bepaald soepel de behandeltafel op klom.

Evenzogoed verlieten de Zoon en ik grinnikend het pand, en belde ik de Verkering met het nieuws over zijn vriendin met de jeugdige gewrichten.

Als klap op de vuurpijl blijkt het morgen carnaval te zijn op de school van Zoon2. Heb ik me andere jaren altijd in bochten gewrongen om de kinders in piraten- en drakenpakken te hijsen, fietste ik stad en land af voor kroontjes en ooglappen en laatste-moment-schmink, nu was het mij volledig ontschoten zeg. Ik stelde voor om als de Verkering te gaan (Baard, Tatoeages), dat leek mij eeeeenig. Zoon2 vond het ook wel leuk eigenlijk, maar Zoon1 vond het belachelijk en sprak vermanend: 'Neen, jij gaat gewoon maar als tijger of zo' waarop Zoon2 ook ineens twijfelde. En ik weer op nul stond. Qua ideeën.

Hij kan natuurlijk altijd als zijn broer gaan, met een gipsen arm, krukken, verbanden om zijn hoofd en kapotte knieën. Of als mij. Zeer jong en atletisch. Met een kommetje wijn.
Bij ons is het gewoon altijd carnaval.


woensdag 20 februari 2019

Van het uitstapje, waar ons weinig kon gebeuren

Afgelopen weekend waren de Man en ik een paar dagen weg. Wij zochten ons een hotel-aanbieding uit en kwamen zodoende terecht in het wonderbare Bergen op Zoom, alwaar wij verbleven in Het Oudste Hotel Van Nederland. Jawel. De reis op vrijdagmiddag verliep goed, een beetje file her en der zo richting het zuiden, maar wij hadden versnaperingen en een goed humeur met ons meegenomen, dus vrij kwiek kwamen wij aan.
Bij het inchecken troffen wij een bijzonder meiske. Heeeeeel erg vriendelijk en ongelooflijk articulerend verhaalde zij over onze kamer, de prijzen, het ontbijt en dat wij ons straks tot haar konden wenden voor een welkomstdrankje. Een beetje onder de indruk van haar, gingen wij naar onze kamer. Na een korte wandeling door veertien gangen en over een stuk of zeven trappen, waren wij daar, en dat was hartstikke leuk zeg. Een prima kamer. Waar ik wel erg blij om was, was dat we ontdekten waar de badkamer was, toen het allemaal nog licht en nuchter in ons was. De badkamer was namelijk achter een gewone deur, waarachter opeens vanuit het niks vier treden naar beneden liepen. Een soort kelder-badkamer, als het ware. Superleuk en schattig. Maar een kleine waarschuwing was wel handig geweest. ('Joe, ik ga even plassen!'En dan KLABAM lig je ineens onderaan de trap)

Na een korte verfrissing gingen wij maar eens ons welkomstdrankje ophalen, dat wij mochten drinken in De Lounge. Het meiske deed er geruime tijd over om een wijntje en biertje te halen, maar zette het daarna zo vol liefde en zorg voor ons neer, dat wij niks anders dan dankbaar konden zijn.
We denken dat ze niet helemaal goed was. Maar lief was ze wel. Ze had een gebit alsof ze tot haar 24e op een speen had gezogen. En een paardenstaartje met drie haren uit een elastiekje. Maar superlief was ze wel. En in ons hart reeds.

Voorts togen wij het centrum in, om eens wat te gaan eten. We hadden trek en dorst en we gingen zitten op een fijn en overdekt terras. Alwaar wij wederom een wat vreemde medewerkster troffen. Maar wel snel, ongelooflijk snel. Binnen drie seconden hadden wij drinken. Binnen een mum van tijd de kaart, binnen luttele minuten ons voorgerecht. Een ongelooflijk groot voorgerecht. Lekker, dat zeker. Maar eigenlijk had ik toen al een beetje genoeg gegeten. De Man verheugde zich echter al enorm op zijn beenham-hoofdgerecht.
Beenham op de kaart. Wij in Het Dorp, verwachten dan een paar fijne plakjes, een beetje groen eromheen, een drupje saus en misschien wat patatjes ernaast.
Wat kwam er?
Een half varken. Een stuk bot zo groot als mijn onderarm, met daaraan een homp vleesch van twee kilo.
Ik had drie hele zalmen en een pond pasta op mijn bord.
Een bak patat en wat gebakken champignons voor een familie van zes personen, als bijgerechtje.

We hebben echt ons best gedaan. Maar het was niet te doen. Meer dan de helft lieten we staan. En wij kunnen goed eten hoor.

Het espressootje daarna stond binnen een tel op tafel. We waren kapot gewoon. Er zat niks anders op dan naar de kamer te gaan, en waren wij een wilde nacht van plan, in het bruisende zuiden des lands, voor elf uur lagen we uitgeteld in de sponde.

Hetzelfde overkwam ons de volgende dag, na een copieus ontbijt, was de lunch ook snel en veel en de bediening merkwaardig, maar vriendelijk. De stad zelf bleek niet meer te beslaan dan de Grote Markt, waar ons hotel ook stond. Evenzogoed deden wij een stadswandeling. De twee musea bleken gesloten te zijn. En in het ruime uur dat wij gewandeld hebben, kwamen we vier keer dezelfde dingen tegen. Er zat niks anders op dan in de zon op een terras te gaan zitten en kommetjes wijn te drinken. Wij zagen een overvloed aan kale mannen, vrouwen in elektrieke karretjes en een hoeveelheid ongelukkige huwelijken. Het was zeer vermakelijk.
Die avond bleken er Carnavalstoestanden te zijn. En dus gingen wij na de middagborrel maar eerst eens op zoek naar het diner (En bestelden, inmiddels gewend, alleen een voorgerecht) om vervolgens heel olijk mee te hossen met de plaatselijke bevolking.
Omdat wij als werkelijk enigen niet verkleed waren, vielen we nogal op. En na wat moeizame blikken, ons haar vol confetti en diverse drankjes, besloten wij tot een fijne afzakker in de hotel bar. De barman maakte ons een fijne gin tonic en zo werd het toch nog kwart voor drie opeens. De volgende morgen werden wij uitgeleide gedaan door onze vriendin van de receptie. Op onnavolgbare wijze maakte zij van het afscheid een hilarisch tafereel. Bulderend zaten wij in de auto.

Bij terugkomst in Het Dorp deden wij nog even de plaatselijke kroeg aan en zo lagen wij uiteindelijk toch nog gewoon ouderwets geradbraakt te bedde, na een wonderlijk maar voortreffelijk weekend tesaam.

Tegelijkertijd, appte ik voortdurend met Zoon1, die zich in Oostenrijk bevindt. Ja, wij zijn een reislustig gezin deze week. Het kind is op wintersport met zijn klas, en dat is natuurlijk allemaal reuze leuk he. Hartstikke fijn voor hem ja.
Maar hij liet mij weten, dat hij niet kan snowboarden dus. Dat hij niet in de lift bleef hangen. Dat hij in het 'slechte' groepje moest. En dat ik hem vast enorm had uitgelachen als ik hem zou kunnen zien.
'HAHAHA kind van je moeder' appte ik hem nog heel vrolijk, met in gedachten mijn eigen sportieve talenten.
'Komt allemaal goed hoor liefje' deed ik enthousiast en vol vertrouwen.

Gisteren kwam er een bericht over een zere pols.
Vanmorgen dat hij niet meer de berg op kon.
En daarna een foto van zijn armpje in het verband.

En dat zit dan potdikke in een ander land. Wat is er mis met de Efteling als uitstapje? Of gewoon naar de dierentuin of zo? Een leuk museum?
Leuk op Schaakkamp, in een bungalowpark, zo zei mijn Zuske. En ik geef haar groot gelijk.
Volgend jaar ga ik in de oudervereniging. En pleit ik voor een midweek vogels tellen, in Bergen op Zoom bijvoorbeeld. Daar kan je niks gebeuren in elk geval.







vrijdag 8 februari 2019

Goede dingen en bekers vol ellende

Nou, daar was ik maar weer eens. Er is zoveel gebeurd, zoooooveeeeel gebeurd...waar te beginnen.

Allereerst heb ik tegenwoordig weer drie mannen in huis zeg. De Zonen én De Kapitein. Dat betekent in de praktijk, altijd een man in huis. Deed ik het jarenlang de helft van de tijd zonder iemand die het vuilnis buitenzette...boooeeem, helemaal weer goedgekomen dus. Natuurlijk is het veel meer dan dat.
Hij maakt ook altijd koffie voor mij.
Ja, de man is een heuse inwoner geworden van Het Dorp. Samen wonen we in het boshuisje en het is zo gezellig..de kommetjes wijn zijn waarlijk niet aan te slepen. En de pijpjes bier natuurlijk. Sommige dingen veranderen gelukkig nooit.
De Zonen zijn groot. Zoon1 zit in de tweede klas. Op een vorm van secundair onderwijs dat zich toelegt op het leren van de klassieke talen.
Haha. Ja inderdaad. Mijn kind zit op het Gymnasium. Heeft ie van mij. Zoon2 zit in groep 5 en wil nog immer voetballer worden. Of dierenarts. Wij hebben sinds kort een hamster. Hamster1. (Door Zoon1 'raar agressief beest' genoemd) en de jongens krijgen binnenkort een Zusje. Vanwege omdat de Echtgenoot het weer op een voortplanten heeft gezet. Jonge, er gebeuren dingen. Dat Zusje woont in De Grote Stad Nabij, want de boel aan die kant van het gezin is onlangs verhuisd, zodat ze 'lekker weer in het centrum wonen', aldus het aanstaand ouderpaar.
Daarom bulderde ik natuurlijk van het lachen, want wat heeft men nu waarlijk aan de stad en de kroeg en het lawaai en de reuring, als je de komende jaren weer in de luiers zit. Maar hee, wie ben ik.
Wij wonen vooralsnog in Het Bos. We hebben kort geleden nogal veel naar huizen gekeken om te kopen, in een gewone straat en alles, maar dat bleek een tragische toestand. Het een was nog akeliger dan het ander. Sowieso waren wij bij de meeste huizen van onze interesse al meteen een vermogen kwijt geweest om überhaupt de voordeur meer dan driemaal te kunnen openen. Iets met gevels en instorting en zulks. Bij voorkeur blijven wij dus gewoon hier altijd. Maar voor nu is dat in elk geval nog een jaar...volgens de laatste berichten.

De man werkt in Amsterdam en geeft Engelands aan de toekomstige generatie, en ik sta nog steeds achter de bar, maar heb mijn stappen verzet van Amsterdam naar Het Dorp, bijna twee jaar geleden.
En over veranderingen gesproken... Mijn god, per dag word ik me meer bewust van waar ik woon. Het Dorp is me er daar eentje.
Het is Soya Latte Decafé met zoetjes, Gember Thee en Babyccino wat de klok slaat.
En dat haat ik in grond van hart daar hou ik dus niet zo van he. Wat is er nondenju mis met koffie? Of thee? Of desnoods een cappuccino?

Er zijn dus werkelijk mensen, die denken dat er Recepten zijn, voor Babyccino's. (OPGEKLOPTE MELLUK IN EEN KOPJE).Er zijn mensen die moeilijke koffies bestellen omdat ze dat hip vinden, maar niet weten hoe je het uitspreekt. Er zijn mensen die moeilijke koffie bestellen omdat ze dat hip vinden, en zich vervolgens een aap schrikken omdat het meer dan 3 euro kost, en ze het niet blijken te lusten. En dus brakend aan hun beker ellende zitten te nippen.

Er zijn mensen die heel interessant de wijnkaart bekijken, en dan heel gedecideerd zeggen dat ze 'natuurlijk die lekkere Italiaanse nemen zoals altijd' en dat ze dan bepaald raar opkijken als het de rode wijn blijkt te zijn. Terwijl ze wit wilden. Zoals altijd.

De mensen die 10 cent fooi geven, met daarbij nog een knipoog, als ware zij dit keer in een wel heel gekke bui. 'Is wel goed hoor, zo' terwijl ze net 3 uur aan een tafel hebben gezeten, 3 karaffen gratis kraanwater hebben gedronken, extra brood wensten en een kwartier durende uitleg wilden over de kreeftensoep. 'Zit daar dan iets van vis in?'

En natuurlijk de mensen die alles veganistisch willen en op glutenvrij brood, maar doodleuk een biertje bestellen.

Maar laten we vooral niet de mensen vergeten die elke dag komen. Elke dag hetzelfde bestellen, en toch elke dag weer quasi nadenken wat ze nu eens zullen nemen. 'Hmmm. Doe maar vandaag lekker een dubbele espresso decafé macchiato met havermelk met twee suiker'. En een glaasje water'.

Evenzogoed, gaat het mij voorspoedig. De Kapitein en ik hebben een weekend weg geboekt volgende week, in een hotel nabij Antwerpen. Dat belooft leuk te worden. De vorige keer dat wij een dergelijk uitstapje hadden, werd ons aan het ontbijt gevraagd of wij overlast hadden ervaren, midden in de nacht. Niks van dat al. Bleken wij de enigen te zijn.
De zomervakantie is reeds compleet een wonder der geluk, want er is een week Nunspeet gepland, bij het stulpje van mijn ouders aldaar.
Morgenochtend zullen wij bij het krieken der dag aanwezig zijn bij de voetbalwedstrijd van Zoon2, alwaar het zal stormen en regenen, omdat dat nu eenmaal de regel is op zaterdagochtend in februari. Maar hee. Ik word morgen wakker naast de man, met de Zonen in de directe nabijheid en een heel weekend van doodgewone Nespresso. Daar drink ik dan in godsnaam maar een klein kommetje wijn op.




donderdag 7 februari 2019

Die keer dat ik maar weer eens wat schreef.

Gisterenavond, terwijl ik eigenlijk dacht dat het kind welterusten kwam zeggen, vooral omdat het reeds tegen tienen liep, ik net lekker aan tafel zat, glaasje wijn erbij, zeer rustiek, bleek het heel anders te lopen.

'Moemoe' zo sprak de dertienjarige Zoon1 zijn koosnaampje voor mij uit, op zalvende toon. En zette zich eens even uitgebreid neer in een stoel. Gezellig dichtbij, maar veilig verder van de tafel, dan aan tafel.

'Jaaa...?' zei ik, mij reeds bewust van het feit dat er van bedtijd kennelijk nog geen sprake was.

Toen bleek dat hij het eens wilde hebben over de Klimaat Demonstratie in Den Haag. Hij twijfelde of hij daar heen zou gaan. Daarop volgde een interessante conversatie, waarin ik mezelf eigenlijk meteen al punten gaf, omdat ik er in meeging, in plaats van alleen maar te lachen. Ik weet namelijk HEEL goed, dat hij zich werkelijk NUL interesseert voor het klimaat, het milieu, opwarmende aarde, smeltende poolkappen en zulks. Hij interesseert zich al minder dan matig voor de zeer rap achteruitgaande milieuvervuiling in zijn slaapkamer, laat staan voor de rest van de wereld. Niks geks voor een dertienjarige jongen, maar wel een beetje gek dus dat hij zich ineens interesseerde voor een officiële demonstratie inzake CO2 (gaat volgende week met dikke bus op wintersport), zielige ijsberen (haat onze hamster) en plastic in de zee (drinkt elke dag bij voorkeur in plastic verpakte smoothies)..etc.

'Maar schatteke, hoezo zou je willen gaan? Heb je trouwens niet een Grieks proefwerk morgen?' Deed ik eerst nog naïef.

Toen bleek natuurlijk dat hij alleen maar wilde gaan, omdat al zijn matties ook gingen. En anders zat hij heeeeelemaaaal alleen op school. Een tranentrekkende constatering.
'Welnu, kind.' Zo sprak ik. En vertelde hem, dat ik hem heus wel snapte, dat het ook een uitstapje zou zijn van de geijkte schoolweek, en dat het heus gezellig zou zijn en bovendien misschien wel interessant. Maar dat ik het meer zou waarderen als hij bij zichzelf zou blijven, zou erkennen dat het hem aan zijn reet zou roesten allemaal en dat hij gewoon naar school zou gaan. Ook zei ik, dat hij het helemaal zelf moest weten. Dat ik het prima vond, (ook al zou mijn bloedje tussen hordes mensen in Den Haag rondlopen) maar dat ik niet zijn treinkaartje zou bekostigen of zoiets. Tenzij ik zou weten dat hij zich oprecht elke nacht in zijn bedje druk lag te maken om een grasspriet meer of minder. Maar neen.

Hij kwam vanmiddag uitgeput thuis. Was bij de Mc Donalds geweest. In Den Haag.

zondag 31 december 2017

Poepen in de disco

Het was een memorabel weekend. Er was namelijk een uitje gaande. Een uitstapje voor Vriendin1, 2, Zuske en ik. De tocht ging naar Vriendin3 die net Baby2 heeft gekregen, en aansluitend zouden wij een stad verderop gaan om te kletsen, eten, en misschien ook wel een kommetje wijn te drinken met elkander.
Vriendin1 en ik hadden, vanwege wat kleine onenigheidjes en misschien wat geschreeuw en ook wat over en weer gedrein en gezanik, een tijdje geen contact gehad.
Een jaar of twee.
We bleven wel van elkaar op de hoogte hoor, door Vriendin2 en Zuske, dus er was feitelijks niks wat we niet van elkaar wisten zo door de tijd heen. Maar gewoon elkaar een kus geven en weer elkaars nagellak lenen, nee, dat gebeurde toch niet.
Totdat er een kindeke op aard kwam. Zeg maar.
Want Vriendin3 kan er ook allemaal niks aan doen en worp zo haar Dochter ter aarde en natuurlijk moesten we er allemaal heen. Ze woont in een stad hier ver vandaan. En zo werd er een hotel geboekt en deden Vriendin1 en ik gewoon toch beiden water bij de wijn en besloten gewoon maar weer te lachen om elkaars grappen en dat ging uitstekend.
Sterker nog, ik heb drie leggings versleten door al het lachen.

De trip nam plaats in een gruwelijk lelijke auto, die echt helemaal niks deed voor ons imago. Elke keer dat we iemand inhaalden moesten we bbukken, teneinde niet per ongeluk herkend te worden. Wij zijn veel te knap om in zulks een vervoersmiddel gezien te worden. Vonden wij.

De heenreis verliep soepel. Voor ons doen dan. Er was een klein akkefietje met ruitenwisservloeistof, we raakten de auto kwijt en reden drie keer dezelfde afslag voorbij, maar toen kwamen we aan hoor. Vriendin3 was stralend, haar Zoon om op te vreten, haar Verkering de liefste en dan Dochter1....och. Het kleine baby meisje, met haar mondje en haar handjes en haar piepkleine voetjes. We kregen een heel fijne lunch, we lachten heel hard, waar baby niet eens van schrok, dus ze is meteen 1 van ons, en ik maakte een tocht door de keukenjungle met de zoon des huizes. Het begon als een malle te sneeuwen en toen moesten we maar weer eens gaan. Twee van ons vielen bijna van een trapje, maar uiteindelijk zaten we weer in de auto en gingen we naar de volgende stad. Nijmegen de geeeeeksteeeee zo bolderden wij en nadat we na maar een paar kleine hindernisjes bij het hotel kwamen, zat de stemming er nog steeds goed in hoor.

Er was een appartement voor ons klaar. Er stonden fleskes wijn klaar en iedereen was ontzettend aardig. We ontdekten de mini bar, we trokken lootjes wie in het bed mocht en wie op de slaapbank, trokken nog een keer of drie de lootjes tot iedereen een slaapplek had, dronken onze gratis wijn, smeerden make up op en gingen de stad in.
Na vier meter lopen zagen wij een kroeg naar onze gading, maakten vrienden met de barman en bestelden ons maar eens een fleske als aperitiefje.
Er werd gerookt, we bestelden nog wat, vroegen naar een leuk restaurant, en tot ons grote plezier was dat naast de kroeg. Houden wij van.
In het restaurant besloten wij tot de aanschaf van een fleske wijn, hadden een langdurig gesprek met een merkwaardige ober, bestelden een grote diversiteit aan gerechten en, vooruit, nog maar een fleske.
Het eten was meer dan lekker, de ober werd allengs vreemder en de wijn smaakte prima zeg.
Nadat we een koffie hadden gedronken, besloten we dat het toch waarlijk wel tijd werd voor een biertje zo langzamerhand, en we wilden disco dansen ook nog.
Eenmaal buiten werd besloten tot een avondwandeling, en wij doorkruisten de stad, zagen heel veel winkels waar we de volgende dag heen zouden gaan en we verdwaalden bijna. Gelukkig was er een kroegje, en daar was ook een biertje te verkrijgen. Aldaar vroegen we aan de barmannen waar we dan toch zouden kunnen dansen? En dat bleek te kunnen in ons restaurant, waar de tafels opzij zouden worden gezet. Nah! Opgewekt togen wij weer die kant op, en ontwaarden dan wel een paar tafels aan de zijkant, maar niks nie dansende mensen. Dus weer naar het buur-cafe, waar we een bonnetje openden aan de bar, een aantal biertjes dronken en waar Zuske en ik besloten dat we iets teveel hadden gegeten. Helaas hoefden we niet te poepen, wat allicht zou helpen.
Vriendin2 had daar helemaal geen last van hoor. Zij poepte de ganse dag en avond of het een lieve lust was, waar we wat psychologie tegenaan gooiden, maar het uiteindelijk maar hielden op gezonde darm flora.

Vriendin1 vond het tijd voor de bedstede. Het was half tien. Wij lachten haar uit.
Vriendin2 vond het tijd voor een glaasje water. Nu vooruit, dat mocht.
Zuske en ik vonden het tijd voor de disco. En daar gingen we dus maar weer heen. Weer een deurtje verderop.

Vriendin1 was opeens verdwenen, dus ging de rest van ons maar even roken. Je moet toch wat.
Na geruime tijd gingen we toch maar naar binnen waar voornoemde vriendin gewoon braaf stond te wachten met een paar biertjes. Evenwel was er nog steeds niet écht disco gaande, dus gingen we maar weer verder met kletsen ondertussen hupsten we maar een beetje heen en weer. En er werd weer gepoept. In de disco. Wel in de wc hoor, zo zijn we dan ook wel weer. Toen we ontdekten dat er van ons gewenste disco-dansen weinig terecht aan het komen was, namen wij de beslissing om terug te gaan naar ons appartement en de mini bar.
Eenmaal daar voelden we ons enorm thuis, dus we zetten een muziekje aan, we trokken wat fleskes open en ontdekten een schaal met zakjes chips. Vriendin2 besloot op de salontafel te gaan staan, die met een heus kabaal omkiepte, inclusief alle decoratieve glazen vaasjes die erop stonden en dat vonden we natuurlijk hilarisch.
Ik kreeg ineens erge last van mijn heup blessure die ik de dag ervoor had opgelopen, omdat ik op het oxboard van Zoon2 had gespeeld, en ietwat onfortuinlijk was afgestapt en Zuske vond het tijd voor een rondje diepzinnige vragen. In het kader van de wederopbouw van de vriendschap en alles, waarvan niemand meer wist dat er ooit een kink in de kabel had gezeten.
Vooral niet nadat we nog maar weer eens door de gang naar de mini bar waren gelopen.

Verder was het al met al een ontzettend volwassen aangelegenheid allemaal. Ik had namelijk mijn verstandige jas aan. 32 38 moest ik daar voor worden, om niet meer in weer en wind in een leuk klein jasje te lopen, desnoods met een hippe muts op, maar geenszins echt bestand tegen welke omstandigheid dan ook, laat staan eventuele regen, wind of andere onverkwikkelijkheden.
Echter, sinds ik de Kapitein aan mijn zijde heb, heb ik ook een deugdelijke jas. Mijn Zuske vertelt het aan iedereen: Hahha kijk, daar is Zus, MET HAAR VERSTANDIGE JAS! De meeste mensen reageren daar niet perse heel enthousiast op. Maar die kennen mij natuurlijk ook niet al sinds jaar en dag in winterse omstandigheden met dode vingers, blauwe lippen en afgestorven romp.

Vriendin2 werd heel enthousiast over mijn jas, want zij is zelf wel een type van wandelschoenen en zo, en Vriendin1 wilde me meteen meenemen naar een outdoor winkel, omdat ik, in mijn jas, serieus genomen zou worden. Voor de aankoop van bijvoorbeeld een waterdichte handdoek of zo iets. Of wat je dan ook koopt als je zo'n winkel in gaat.

Wat we ook ontzettend volwassen vonden, is dat we het halve litertje rode wijn dat we gratisj hadden gekregen bij aankomst, niet eens hebben opgedronken, maar in plaats daarvan op onze sokken naar de bar zijn gelopen om witte wijn te halen. Wijsheid komt dus echt met de jaren.

We werden wakker uiteindelijk, en kregen de koffie machine niet aan de praat. De cappuccino cupjes gaven een soort van witte fledder, de koffie was helegaar geen koffie en Zuske werd bepaald onpasselijk omdat haar koffie chocolademelk bleek te zijn.
Desalniettemin viel er weer genoeg te lachen. Vooral nadat we ontdekten wat we allemaal op de mini-bar-lijst moesten invullen. Dat was gewoon een kwestie van tellen wat er op het aanrecht stond. Nou dat viel niet mee hoor. Het tellen, én de som.

Dientengevolge, moesten wij dus mét lijst ons uitchecken bij de balie van het hotel. De man van het hotel vond ons dus wel duidelijk heel leuke gasten, want hij zei: Leuk gehad, dames?
JAAAA! Wat een leuk hotel! Brulden wij. En stopten onze tassen vol met gratis appels en folders.
Ook de lelijke auto stond weer voor ons klaar.
Op de terugweg namen we allemaal een Big Mac. En Vriendin2 niet. Zij braakte bij het idee en nam een cappuccino.
En ik had het jaar niet anders willen eindigen.